Gevangenisstraf voor voorhanden hebben foto van vals Brits rijbewijs

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 27 januari 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:226

Het hof veroordeelt een verdachte voor het opzettelijk voorhanden hebben van een foto van een vals Brits rijbewijs, bestemd voor gebruik als ware het echt en onvervalst. Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter wegens het ontbreken van een uitgewerkte motivering en doet opnieuw recht. De verdachte wordt verweten dat hij wist dat het geschrift bestemd was voor gebruik in het maatschappelijk verkeer als authentiek document. Het verweer strekkende tot oplegging van een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf of taakstraf wordt verworpen gelet op de ernst van het feit. Het hof legt een gevangenisstraf van 2 maanden op waarvan 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Miljoenenontneming na illegale handel in gewasbeschermingsmiddelen

Rechtbank Gelderland 9 december 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:10878

De Rechtbank Gelderland stelt vast dat een rechtspersoon wederrechtelijk voordeel behaalt door zonder vereiste toelating gewasbeschermingsmiddelen op de markt te brengen en daarbij valse documenten te gebruiken. Het openbaar ministerie vordert ruim 2,5 miljoen euro aan ontneming, gebaseerd op een uitgebreide berekening per order. De verdediging voert verweren over bulkgoederen, re-export en het vertrouwensbeginsel, maar deze worden verworpen. De rechtbank oordeelt dat ook bulkverpakkingen onder de Verordening vallen en dat re-export onvoldoende aannemelijk is gemaakt. Daarnaast wordt vastgesteld dat valsheid in geschrift bijdraagt aan het behaalde voordeel. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt uiteindelijk vastgesteld op ruim 1,6 miljoen euro en als betalingsverplichting aan de Staat opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontbrekend zittingsproces-verbaal fataal voor ontnemingsarrest

Hoge Raad 10 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:181

Dit betreft een ontnemingszaak waarin het gerechtshof Amsterdam in 2009 een betalingsverplichting oplegt van 27.161,94 euro wegens wederrechtelijk verkregen voordeel uit onder meer diefstal, oplichting en witwassen. In cassatie klaagt de betrokkene dat het openbaar ministerie ten onrechte ontvankelijk is verklaard in de ontnemingsvordering en dat het hof ten onrechte verstek tegen hem heeft verleend. Voor de beoordeling van deze klachten is het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van essentieel belang. Uit informatie van de griffier blijkt echter dat dit proces-verbaal niet meer beschikbaar is en ook niet kan worden gereconstrueerd. Daardoor kan de Hoge Raad niet toetsen wat zich ter terechtzitting heeft voorgedaan en of het middel terecht is voorgesteld, zodat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven. De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor nieuwe berechting en afdoening.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EOM Beslag op buitenlandse rekeningen en landbouwgronden houdt stand ondanks beroep op artikel 6 EVRM

Rechtbank Rotterdam 9 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1605

De rechtbank beoordeelt een beklag ex artikel 552a Sv tegen conservatoir beslag op bankrekeningen en onroerende goederen in Duitsland en Italië in een onderzoek van het Europees Openbaar Ministerie naar onder meer valsheid in geschrift en subsidiefraude. De klaagster voert aan dat geen sprake is van een redelijk vermoeden van schuld, dat het beslag disproportioneel is en dat haar recht op een effectieve verdediging ex artikel 6 EVRM wordt geschonden. De gedelegeerd Europees aanklager stelt dat sprake is van verdenking van misdrijven waarop een geldboete van de vijfde categorie staat en dat het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op ruim 1,3 miljoen euro. De rechtbank oordeelt dat het dossier voldoende is, dat sprake is van een redelijk vermoeden van schuld en dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat een geldboete of ontnemingsmaatregel wordt opgelegd. Het beslag wordt proportioneel geacht en het beklag wordt ongegrond verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Digestaat als meststof vermomd: bestuurder veroordeeld voor verboden verhandeling en valse VDM’s

Rechtbank Amsterdam 6 december 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:8386

Verdachte, (middellijk) bestuurder van mestgerelateerde rechtspersonen, laat digestaat uit een vergister met dierlijke bijproducten in Nederland opslaan en afzetten als meststof richting Duitsland. De rechtbank spreekt vrij van overtreding van artikel 14 Meststoffenwet en van deelname aan een criminele organisatie wegens onvoldoende bewijs en onduidelijkheid over Duitse beperkingen. Bewezen is dat verdachte feitelijk leiding geeft aan medeplegen van het verhandelen van digestaat als meststof terwijl het niet voldoet aan de eisen van artikel 4 en 5 Meststoffenwet. Tevens is bewezen dat hij feitelijk leiding geeft aan medeplegen van valsheid in geschrift door gebruik van valse handelsdocumenten met een onjuiste bestemming en valse VDM’s die 100% dierlijke mest suggereren; voor de facturen volgt vrijspraak. De rechtbank acht het handelen ernstig omdat het controle- en beschermingssysteem voor meststoffen en dierlijke bijproducten wordt ondermijnd. Straf: 3 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk met 2 jaar proeftijd, taakstraf 240 uur, geldboete 3000 en ontzetting van het recht om (middellijk) bestuurder van rechtspersonen te zijn voor 2 jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Scooterrit naar fraude: hof acht medeplegen bij geraffineerde bankpasoplichting bewezen

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 6 februari 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:365

Verdachte vervoert een medeverdachte met zijn scooter binnen een groep die via bankhelpdeskfraude slachtoffers in Roosendaal benadert en goederen en bankpassen ontfutselt. Hem wordt verweten medeplegen van poging tot oplichting, meermalen gepleegde oplichting en diefstal met een valse sleutel door gebruik van via oplichting verkregen bankpassen. Het Openbaar Ministerie vordert bevestiging van de veroordeling en hoofdelijke toewijzing van de schade van de benadeelden met schadevergoedingsmaatregel. De verdediging bepleit vrijspraak omdat geen nauwe en bewuste samenwerking bestaat en stelt dat de verdachte niet zelf chatte omdat zijn telefoon kwijt was, subsidiair wordt een mildere (voorwaardelijke) taakstraf bepleit. Het hof acht medeplegen bewezen omdat verdachte actief voorkomt in Snapchatgroepen, onmisbaar vervoer levert, op de hoogte is van de fraude en zou meedelen in de buit, en acht het ‘telefoon-kwijt’-verweer ongeloofwaardig. Het hof legt 80 uur werkstraf op (subsidiair 40 dagen jeugddetentie), past adolescentenstrafrecht toe en wijst 13657,34 en 1100 aan schade toe met wettelijke rente en schadevergoedingsmaatregel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Valse factuur voor bankfinanciering: OVAR wegens ontbrekende bestanddelen | Geen verduistering bij valutatransacties door vermogensovergang

Rechtbank Oost-Brabant 11 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:989

Deze strafzaak betreft een natuurlijke persoon aan wie valsheid in geschrifte en verduistering worden verweten. De rechtbank acht bewezen dat verdachte een debetfactuur van 10 januari 2022 valselijk opmaakt, nu geen werkzaamheden zijn verricht en geen rechtsverhouding bestond met de vermelde wederpartij. Tevens acht de rechtbank bewezen dat verdachte deze facturen via een financieringsplatform bij een bank indient en daarmee opzettelijk gebruikmaakt van valse geschriften. De bewezenverklaarde feiten kunnen echter niet worden gekwalificeerd als strafbare feiten, omdat essentiële wettelijke bestanddelen in de tenlastelegging ontbreken, zodat ontslag van alle rechtsvervolging volgt. Ten aanzien van de valutatransacties spreekt de rechtbank vrij van verduistering, nu de ontvangen valuta op grond van de contractuele verhouding tot het vermogen van verdachte of diens vennootschappen gaan behoren en derhalve geen sprake is van wederrechtelijke toe-eigening van een goed dat aan een ander toebehoort in de zin van artikel 321 Sr. De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard en een straf of maatregel blijft achterwege.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Illegale verhandeling van D-Carvone als gewasbeschermingsmiddel niet uitgezonderd van toelatingsplicht

Hoge Raad 10 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:223

Dit betreft een veroordeling wegens het opzettelijk en meermalen op de markt brengen van het gewasbeschermingsmiddel D-Carvone zonder toelating als bedoeld in artikel 28 lid 1 Verordening (EG) 1107/2009 en artikel 20 lid 1 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, alsmede wegens valsheid in geschrift. De verdachte verkoopt het middel als kiemremmingsmiddel voor pootaardappelen terwijl geen toelating door het Ctgb is verleend en krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden en een taakstraf van 100 uren opgelegd. In cassatie voert hij aan dat D-Carvone onder Richtlijn 88/388/EEG inzake aroma’s valt en daarom is uitgezonderd van de toelatingsplicht op grond van de Regeling uitzondering bestrijdingsmiddelen oud. De Hoge Raad oordeelt dat deze uitzondering alleen geldt wanneer de stof als aroma voor levensmiddelen wordt gebruikt en niet wanneer zij als gewasbeschermingsmiddel wordt toegepast. Omdat het middel in deze zaak als gewasbeschermingsmiddel wordt verhandeld, is de Europese toelatingsregeling onverkort van toepassing en faalt het cassatiemiddel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

WODC rapport over risico-inschatting witwassen en financieren van terrorisme bij kansspelen

Het risico op witwassen en terrorismefinanciering is nog steeds laag bij diverse loterijen, Totalisator (wedden op paarden) en de deelsector speelautomaten. Alleen bij landgebonden sportweddenschappen is het risico niet laag. Dat blijkt uit een nieuwe risicoanalyse, een herijking van eerdere analyses naar risico’s op witwassen en terrorismefinanciering. Bepaalde kansspelsectoren zouden daarom opnieuw in aanmerking kunnen komen voor een vrijstelling op het verplicht melden van verdachte transacties. Dat is van belang met het oog op (nieuwe) Europese regelgeving.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kosten bestuursrechtelijke en civiele procedures vallen buiten bereik van artikel 530 Sv

Rechtbank Noord-Holland 16 februari 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:1690

Verzoekster dient op grond van artikel 530 Sv een verzoek in tot vergoeding van advocaatkosten nadat de strafzaak tegen haar wegens een aangetroffen drugslab in een door haar gehuurd pand is geseponeerd. Zij vordert in totaal 4.338,59, waaronder kosten voor bijstand in een bestuursrechtelijke procedure tegen de gemeente en een civiele procedure tegen de verhuurder. Het Openbaar Ministerie stelt dat alleen kosten die rechtstreeks verband houden met de strafzaak voor vergoeding in aanmerking komen. De rechtbank oordeelt dat de kosten voor de bestuursrechtelijke en civiele procedures niet in rechtstreeks verband staan met de strafzaak en wijst dat deel van het verzoek af. Wel worden de kosten voor communicatie met politie en OM en een deel van de cliëntcontacten, vermeerderd met kantoorkosten en btw, toegewezen. In totaal kent de rechtbank een vergoeding toe van 2.120,24 en wijst zij het meer of anders verzochte af.

Read More
Print Friendly and PDF ^