Kan de executie van een ontnemingsmaatregel tot in de oneindigheid plaatsvinden?

De rechter kan het bedrag van de ontnemingsmaatregel kwijtschelden. Maar geldt de mogelijkheid van kwijtschelding bijvoorbeeld ook als de executie van de ontnemingsmaatregel nodeloos lang op zich laat wachten?

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Artikel: Is het sanctiearsenaal ten aanzien van fiscale fraude thans nog juridisch houdbaar?

Wanneer de historische fundamenten van het fiscale sanctiearsenaal worden bezien in het licht van de hedendaagse ontwikkelingen op fiscaal fraudegebied is de vraag gerechtvaardigd in hoeverre het sanctiearsenaal ten aanzien van fiscale fraude thans nog juridisch houdbaar is. Juridische houdbaarheid van een systeem van sancties vertaalt zich naar een goede afstemming van deze sancties onderling, en het concept “samenloop” is dan ook richtinggevend wanneer de werking van ons fiscale sanctiesysteem wordt beoordeeld.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Milieuclubs willen fraudeonderzoek pulsvisserij

Een groep vissers- en milieuorganisaties vermoedt dat in de Nederlandse pulsvisserijsector fraude is gepleegd. Onder het mom van wetenschappelijk onderzoek naar deze vorm van vissen, waarbij vissen met stroomstootjes worden opgeschrikt en het net in worden gedreven, zou commercieel vis gevangen zijn, zeggen zij. Overheidssubsidies die hiervoor werden verstrekt zijn dan ook onrechtmatig, stellen ze.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Voeging benadeelde partij na requisitoir OvJ

Hoge Raad 12 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:896

Ingevolge art. 51g Sv kan een benadeelde partij zich op de terechtzitting in het strafproces voegen tot het moment dat de officier van justitie overeenkomstig art. 311 Sv het woord voert (art. 51g, derde lid, Sv). Wanneer de voeging ter terechtzitting geschiedt, dient de rechter er voor te waken dat de verdediging in voldoende mate in de gelegenheid wordt gesteld om zich tegen de vordering te verweren. Indien de vordering, gezien de datum van de ontvangststempel, voorafgaand aan de terechtzitting is ingediend, maar pas ná het requisitoir wordt overgelegd, dient de rechter de vordering alsnog te behandelen en de verdediging in de gelegenheid te stellen de benadeelde partij daarover te bevragen.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

OM niet-ontvankelijk wegens détournement de pouvoir

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 12 juni 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:2472

De raadsman heeft betoogd dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, omdat niet tot strafvervolging van de verdachte over had mogen worden gegaan, althans dat die vervolging niet had mogen worden voortgezet.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Ne bis in idem: HR herhaalt overwegingen m.b.t. betekenis van "een strafrechtelijke procedure voor een strafbaar feit"

Hoge Raad 12 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:901

Het middel klaagt over het oordeel van het Hof dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk is in de vervolging van de verdachte wegens schending van het ne bis in idem-beginsel. Het gaat in de onderhavige zaak naar de kern genomen om de vraag of de omstandigheid - zoals door het Hof is vastgesteld - dat de visvergunning van de verdachte is geschorst vanwege het handelen in strijd met art. 16 van Verordening (EG) 850/98 gevolgen heeft voor de strafrechtelijke vervolgbaarheid van diezelfde gedraging.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Artikel: Kennisnemingsrechten in opsporingsonderzoeken

Verdachten en hun advocaten hebben recht op kennisneming van allerlei stukken die door opsporingsinstanties zijn opgesteld, maar hebben daarnaast ook een kennisnemingsrecht op grond van de privacyregelgeving. De afbakening tussen de toepasselijke wetgeving, meer specifiek het Wetboek van Strafvordering en de Wet politiegegevens, is niet voor iedereen even helder. Beide wetten zijn opgesteld vanuit andere doelstellingen en zijn dienovereenkomstig anders opgezet. Soms leidt dit tot de veronderstelling dat verdachten te vroeg en te veel informatie krijgen waardoor het opsporingsonderzoek geschaad kan worden.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Fiscale fraude: Niet voldoen aan administratieplicht door een V.O.F. kan strekken tot de heffing van te weinig belasting bij de vennoten.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 13 maart 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:1149

De V.O.F. was administratieplichtig voor de omzetbelasting. Uit het onderzoek van de FIOD is gebleken dat de administratie van de V.O.F. onvolledig of onjuist was, maar ook dat de onjuistheid of onvolledigheid van deze administratie niet heeft geleid tot de afdracht van te weinig omzetbelasting.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Verdachte heeft ervoor gezorgd dat zijn bedrijf, een administratiekantoor, te weinig omzetbelasting heeft afgedragen. Met zijn andere bedrijf heeft hij ruim 1 miljoen euro uit een erfenis verduisterd.

Rechtbank Rotterdam 28 mei 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:4126

Verdachte heeft ervoor gezorgd dat zijn bedrijf, nota bene een administratiekantoor, gedurende twee jaar lang te weinig omzetbelasting heeft afgedragen. Totaal gaat het om een bedrag van ongeveer €150.000,-. Met zijn andere bedrijf heeft hij ruim 1,1 miljoen euro uit een erfenis verduisterd. Op de verklaring van verdachte na is er geen enkele reden om te denken dat verdachte met die verduistering zou zijn gestopt en het geld aan de rechthebbenden had doen toekomen als de FIOD niet had geïntervenieerd.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Conclusie AG over verduistering

Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:532

Voor strafbaarheid ingevolge art. 321 Sr is vereist dat de verdachte zich de goederen wederrechtelijk toe-eigent en dat het opzet van de verdachte op die wederrechtelijke toe-eigening is gericht. Van wederrechtelijke toe-eigening is sprake als de verdachte zonder daartoe gerechtigd te zijn als heer en meester beschikt over een aan een ander toebehorend goed. De toe-eigening is wederrechtelijk wanneer de gedragingen van de verdachte verder gaan dan is toegestaan krachtens het recht op grond waarvan de verdachte het goed onder zich heeft.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF