Vrijspraak van rechtspersoon voor handel in schadelijk vlees; vervolging voor Warenwetovertredingen verjaard

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch spreekt een stichting vrij van het verhandelen van vlees dat schadelijk is voor het leven of de gezondheid (artikel 174 Sr). Van de in beslag genomen 597 kilogram vlees zijn slechts vier monsters onderzocht. In twee monsters overschrijden de aangetroffen micro-organismen de norm uit de Hygiënecode voor het slagersbedrijf, maar ziekteverwekkende bacteriën ontbreken. Het hof oordeelt dat normoverschrijding en bederf niet zonder meer schadelijkheid opleveren. Voor twee tenlastegelegde Warenwetovertredingen verklaart het hof het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging wegens verjaring. Het beroep van de verdediging op schending van beginselen van een goede procesorde wordt verworpen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Matiging van bestuurlijke boete voor het vervoeren van een niet transportwaardig varken wegens late toezending van het rapport van bevindingen

College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 september 2026, ECLI:NL:CBB:2026:415

Een veevervoerder krijgt een bestuurlijke boete van € 3.000 omdat zij een varken met een zeer grote navelbreuk en een ernstige open wond naar een slachthuis vervoert. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelt dat de vervoerder de overtreding van de Transportverordening kan worden verweten, ook al zijn andere partijen bij het aanbieden betrokken. De gronden over de bevoegdheid van de toezichthouder, de cautie, het gelijkheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel slagen niet. De staatssecretaris verklaart op de zitting dat volgens een vaste gedragslijn met 10% wordt gematigd als het rapport van bevindingen niet binnen 37 weken na de constatering is toegezonden. Het College matigt de boete voor de overtreding tot € 1.350 en stelt de totale boete inclusief recidiveverhoging vast op € 2.850. De staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten in beroep en hoger beroep.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bevestiging van omzetgerelateerde boetes voor het blijven verhandelen van ontplofbare powerbanks en het uitblijven van een melding onder de Warenwet

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt de uitspraak van de rechtbank Rotterdam waarin twee omzetgerelateerde boetes van elk € 435.000 aan een drogisterijketen in stand blijven. De onderneming heeft powerbanks van het merk Kruidvat verhandeld terwijl zij redelijkerwijs moest vermoeden dat deze konden ontploffen, en heeft daarvan geen melding gedaan bij de NVWA. Het College oordeelt dat sprake is van overtreding van artikel 18 en artikel 21b van de Warenwet, dat sprake is van grove schuld en dat de minister bevoegd was om omzetgerelateerde boetes op te leggen. De beroepen op het evenredigheids- en het gelijkheidsbeginsel en op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur worden verworpen. Het hoger beroep is ongegrond.

Read More
Print Friendly and PDF ^

NVWA: Naleving toepassing gewasbeschermingsmiddelen blijft derde jaar op rij laag

Uit 112 door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit uitgevoerde controles in 2025 blijkt dat de naleving van de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen door telers opnieuw laag is en onder de 70% blijft. De controles door de NVWA vonden plaats op het moment dat telers hun gewassen daadwerkelijk bespuiten. Hieruit blijkt dat ongeveer twee derde (68%) van geïnspecteerde telers de gewasbeschermingsmiddelen op de juiste manier toepassen. Daarmee blijft het percentage nagenoeg gelijk aan 2024 (67%) en 2023 (68%). In 2022 leefde nog 76% van de gecontroleerde telers de regels na. De NVWA vindt deze ontwikkeling zorgelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontwerpwijziging Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter consultatie: boetetarieven met vijftig procent geïndexeerd en digitale spuitregistratie beboetbaar

Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur heeft een ontwerp ter internetconsultatie gelegd tot wijziging van de Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Het ontwerp voorziet in een indexatie van de bestuurlijke boetetarieven met vijftig procent, omdat de bedragen sinds 17 oktober 2007 ongewijzigd zijn en de consumentenprijsindex sindsdien met 50,6 procent is gestegen. Daarnaast wordt een onjuiste of onvolledige digitale administratie van gewasbeschermingsmiddelen expliciet bestuurlijk beboetbaar gemaakt, in aansluiting op Uitvoeringsverordening (EU) 2023/564. Het ontwerp introduceert verder een KRW-selectiemethodiek en een KRW-beoordelingsmethodiek, met het rekenmodel CATCH 1.0 en een beslisboom, waarmee het Ctgb toelatingen kan herzien bij structurele normoverschrijdingen in oppervlaktewaterlichamen. De nieuwe boetebedragen gelden op grond van artikel 5:46, vierde lid, Awb en artikel 1, tweede lid, Sr alleen voor feiten die na inwerkingtreding zijn begaan. De regeling moet op 1 januari 2027 in werking treden; de consultatie loopt nog.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Rechtbank Amsterdam verklaart Milieudefensie ontvankelijk in collectieve actie tegen ING over klimaatbeleid

De rechtbank Amsterdam heeft op 9 september 2026 Milieudefensie ontvankelijk verklaard in de collectieve actie tegen ING Groep N.V. en ING Bank N.V. over het klimaatbeleid van de bank. Het tussenvonnis toetst uitsluitend aan de ontvankelijkheidseisen van de Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie en artikel 3:305a BW; de inhoud van de vorderingen komt pas later aan bod. De rechtbank verwerpt het verweer van ING dat Milieudefensie haar achterban onjuist informeert en dat belanghebbenden geen baat hebben bij toewijzing. Volgens de rechtbank ziet het baatvereiste uit de wetsgeschiedenis op de claimorganisatie zelf en niet op de ingestelde vorderingen. De rechtbank laat de voorschriften over een exclusieve belangenbehartiger, een nauw omschreven groep en de opt-outregeling buiten toepassing omdat het om een algemeen belang-actie gaat. De zaak gaat naar de rol van 2 december 2026 voor repliek en 3 maart 2027 voor dupliek, met een mondelinge behandeling in de tweede helft van het tweede kwartaal van 2027.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van medeplegen bij de belastingfraude, veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan valse vleesfacturen en vrachtbrieven ten behoeve van factoring en aan onjuiste aangiften omzetbelasting

Rechtbank Oost-Brabant 14 september 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:6600

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt een verdachte in het onderzoek Illminster voor feitelijk leidinggeven aan valsheid in geschrift en aan het opzettelijk doen van onjuiste kwartaalaangiften omzetbelasting door een rechtspersoon. Het bedrijf factureert in 2019 grote partijen vlees aan twee tussenschakels, die het vlees op papier doorverkopen aan een vierde onderneming, waarna het bedrijf het tegen een hogere prijs terugkoopt. In werkelijkheid wordt geen vlees geleverd; de facturen dienen om via factormaatschappijen betaald te krijgen. De onjuiste facturen zijn ook verwerkt in de aangiften omzetbelasting, waardoor de Belastingdienst € 237.904,54 misloopt. De rechtbank stelt vast dat de verdachte feitelijk de leiding had, ook al treedt hij pas in 2020 formeel als directeur aan. Wegens overschrijding van de redelijke termijn en de ouderdom van de feiten volgt een taakstraf van 180 uur in plaats van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van melkveehouder voor opzettelijke overschrijding van het fosfaatrecht door het onjuist omboeken van melkkoeien naar weide- en zoogkoeien

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 juli 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:1977

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeelt een melkveehouder wegens overtreding van artikel 21b van de Meststoffenwet omdat hij in 2018 opzettelijk meer fosfaat met melkvee produceert dan zijn fosfaatrecht toelaat. De verdachte boekt melk- en kalfkoeien onterecht om naar de categorie weide- en zoogkoeien, waarvoor geen fosfaatrechten nodig zijn, deels met terugwerkende kracht. Het hof stelt vast dat een gemiddelde melkproductie van 11.670 kilogram per koe niet realistisch is en verwerpt het beroep op ander voer en selectie van beter producerende koeien. Op basis van de geleverde melk berekent het hof een fosfaattekort van ongeveer 265 kilogram, waar de tenlastelegging uitging van 312,6 kilogram. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant en komt tot een gewijzigde bewezenverklaring. De opgelegde geldboete bedraagt € 3.500, waarvan de helft voorwaardelijk, mede vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van twee echtgenoten voor het opzettelijk medeplegen van de invoer van 232 beschermde papegaaieneieren, zonder aansluiting bij de LOVS-oriëntatiepunten voor fraude

De rechtbank Amsterdam veroordeelt twee echtgenoten die op 24 maart 2026 op Schiphol 232 papegaaieneieren van beschermde soorten uit Nicaragua binnenbrengen zonder invoervergunning en zonder de zending aan te bieden voor officiële controle. De eieren, waaronder die van de Buffons ara en de geelnekamazone, vallen onder het Cites-verdrag en de bijlagen A en B van Basisverordening (EG) nr. 338/97. De rechtbank acht bij beide verdachten medeplegen van overtreding van de Omgevingswet en de Wet Dieren bewezen, telkens opzettelijk begaan. Anders dan de officier van justitie sluit de rechtbank niet aan bij de LOVS-oriëntatiepunten voor fraude, omdat de waarde van de zending onbekend is. De officier van justitie eist tegen de man achttien maanden en tegen de vrouw vierentwintig maanden gevangenisstraf. De rechtbank legt beiden een gevangenisstraf van 270 dagen op, waarvan 170 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, en verklaart de in beslag genomen telefoons verbeurd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van rechtspersoon tot geldboete voor overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet en dood door schuld na dodelijke val van een dak

Rechtbank Oost-Brabant 23 juli 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:5395

De rechtbank veroordeelt een onderneming die zonnepanelen plaatst tot een geldboete van € 50.000 voor overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet en voor dood door schuld, nadat een van haar werknemers op 31 januari 2025 in Rijsbergen van een plat dak van 7,2 meter is gevallen en is overleden. Het slachtoffer plaatst die dag samen met de hoofdmonteur zonnepanelen op dat dak, zonder dat op de locatie enige vorm van valbeveiliging aanwezig of gebruikt is. De rechtbank stelt vast dat de verdachte de risico's van het werken op een plat dak op hoogte niet in een risico-inventarisatie en -evaluatie heeft vastgelegd, de werknemers niet doeltreffend heeft ingelicht en geen toezicht heeft gehouden op het project. In dat nalaten ligt volgens de rechtbank het opzet op de overtreding van artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet besloten, en uit hetzelfde nalaten volgt de aanmerkelijke schuld aan de dood van het slachtoffer. De gedragingen worden aan de verdachte als rechtspersoon toegerekend omdat zij hebben plaatsgevonden in de sfeer van de onderneming. Anders dan de officier van justitie legt de rechtbank geen voorwaardelijk strafdeel op, omdat de verdachte verantwoordelijkheid heeft genomen en maatregelen heeft getroffen om herhaling te voorkomen.

Read More
Print Friendly and PDF ^