Geld achter de plafondplaat: verhullen van de vindplaats bij witwassen toereikend gemotiveerd
/Hoge Raad 26 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:788
De Hoge Raad oordeelt over een witwasveroordeling waarbij de verdachte een contant geldbedrag van € 32.100 achter een plafondplaat in de slaapkamer van de woonwagen van zijn buurvrouw heeft verstopt. De verdachte is door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld wegens witwassen op grond van artikel 420bis lid 1 onder a van het Wetboek van Strafrecht. In cassatie klaagt het tweede middel over de bewezenverklaring dat de verdachte de vindplaats van het geld heeft verhuld. De Hoge Raad zet uiteen dat verbergen en verhullen zien op gedragingen die het zicht op onder meer de vindplaats bemoeilijken en die daartoe geschikt zijn. Omdat het plaatsen van het geld achter de plafondplaat het zicht op de vindplaats bemoeilijkt, acht de Hoge Raad de bewezenverklaring toereikend gemotiveerd en faalt het middel. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie vermindert de Hoge Raad de taakstraf van 120 naar 114 uren en verwerpt hij het beroep voor het overige.
Read More