Onbevoegdverklaring van het hof bij een verzoek om schadevergoeding ex artikel 533 Sv na intrekking van het hoger beroep door het Openbaar Ministerie
/Gerechtshof Den Haag 26 maart 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:541
Het Gerechtshof Den Haag verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van een verzoek om schadevergoeding voor ondergaan voorarrest op grond van artikel 533 van het Wetboek van Strafvordering. Verzoeker is door de rechtbank Rotterdam ontslagen van alle rechtsvervolging, waarna het Openbaar Ministerie hoger beroep instelt en dit voor de eerste behandeling bij het hof weer intrekt. Omdat de intrekking plaatsvindt voordat de zaak wordt uitgeroepen, is volgens het hof het gerecht in feitelijke aanleg bevoegd waarvoor de zaak laatstelijk werd vervolgd. Het hof stelt de intrekking van het hoger beroep gelijk aan de situatie waarin geen hoger beroep is ingesteld, onder verwijzing naar artikel 529 lid 2 van het Wetboek van Strafvordering en eerdere rechtspraak. Dat verzoeker reeds was gedagvaard, maakt dit niet anders. Het hof verwijst het verzoek naar de raadkamer van de rechtbank Rotterdam ter verdere afdoening.
Read More