Bewuste aanvaarding van crimineel salaris leidt tot onherroepelijke veroordeling voor witwassen

Hoge Raad 20 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:76

De verdachte ontving tussen december 2016 en maart 2017 salaris dat afkomstig was uit beleggingsfraude. Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt hem op 5 december 2023 voor witwassen tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand (proeftijd twee jaar) en een taakstraf van 72 uur, subsidiair 36 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Daarnaast legt het hof schadevergoedingsmaatregelen op aan de verdachte ten gunste van de benadeelde partijen. In cassatie klaagt de verdachte over de bewijsvoering, maar de Hoge Raad verwerpt het middel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Illegale vuurwerkhandel via darknet en chatapps: lagere straf in hoger beroep vanwege persoonlijke omstandigheden

Gerechtshof ’s‑Hertogenbosch 2 mei 2025, ECLI:NL:GHSHE:2025:1262

Een man wordt in hoger beroep veroordeeld voor grootschalige handel in professioneel vuurwerk, verspreid via het darknet en chatapps als Telegram. Hij noemt zichzelf de grootste vuurwerkhandelaar van Nederland en meerdere medeverdachten bevestigen zijn dominante rol. Het hof acht vijf strafbare feiten bewezen, waaronder invoer, opslag en verkoop van gevaarlijk vuurwerk. In eerste aanleg kreeg hij 30 maanden cel, maar het hof legt 18 maanden op, waarvan 14 voorwaardelijk, plus een taakstraf. Strafvermindering volgt vanwege zijn huidige stabiele leven, werk in België, zorg voor zijn kind, en het feit dat hij chronische klachten heeft na een maagverkleining. Ook speelt mee dat hij slachtoffer is geweest van een ontvoering waar hij nog steeds hinder van ondervindt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Criminele organisatie in het milieustrafrecht: agrarisch adviesbureau faciliteert fraude met vergunningen en GDI

Rechtbank ’s‑Hertogenbosch 11 december 2025, ECLI:NL:GHSHE:2025:3603

Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch veroordeelt een agrarisch adviesbureau wegens medeplegen van valsheid in geschrift en deelname aan een criminele organisatie. Binnen de onderneming was sprake van een structurele bedrijfscultuur waarin wetsovertreding werd genormaliseerd. Valselijk opgemaakte documenten werden gebruikt om onder meer fosfaatrechten te verhogen, vergunningstrajecten te omzeilen en subsidies binnen te halen. Bestuurders en medewerkers handelden met opzet en in georganiseerd verband. Het hof acht de gedragingen aan de rechtspersoon toerekenbaar. De opgelegde straf bedraagt een geldboete van 180.000 euro.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Jarenlange blootstelling aan formaldehyde: gerechtshof veroordeelt twee leidinggevenden van filterbedrijf wegens schending Arbowet

Rechtbank Arnhem‑Leeuwarden 14 januari 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:181 en ECLI:NL:GHARL:2026:182

Het hof Arnhem-Leeuwarden heeft op 14 januari 2026 twee leidinggevenden van een filterbedrijf veroordeeld voor feitelijk leidinggeven aan structurele schending van de Arbowet. Werknemers werden jarenlang blootgesteld aan te hoge concentraties formaldehyde zonder bescherming of voorlichting. Het hof acht ook artikel 13 Arbowet geschonden: het bedrijf had onvoldoende deskundige werknemers ingezet en kon niet volstaan met externe bijstand. De SHEQ-medewerkers bleken niet deskundig genoeg om risico’s te beheersen. Beide verdachten krijgen een voorwaardelijke gevangenisstraf en een taakstraf. Schadevorderingen van werknemers zijn niet-ontvankelijk verklaard in het strafproces.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EHRM: vermoeden van onschuld geldt onverkort bij uitlatingen van het OM en (ook nog steeds) in hoger beroep

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde dat België het recht op een eerlijk proces heeft geschonden. Het vermoeden van onschuld geldt onverkort bij publieke uitlatingen van het openbaar ministerie. Dat vermoeden blijft ook van kracht na een veroordeling in eerste aanleg, zolang geen sprake is van een onherroepelijke beslissing. Uitlatingen van aanklagers mogen niet verder gaan dan het beschrijven van een staat van verdenking. Daarnaast vormt deelname van dezelfde rechter in feitelijke aanleg en cassatie een schending van het objectieve onpartijdigheidsbeginsel. Het tijdsverloop tussen beide procedures doet geen afbreuk aan het vertrouwen dat de burger mag hebben in een onpartijdige rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^