EOM Beslag op buitenlandse rekeningen en landbouwgronden houdt stand ondanks beroep op artikel 6 EVRM

Rechtbank Rotterdam 9 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1605

De rechtbank beoordeelt een beklag ex artikel 552a Sv tegen conservatoir beslag op bankrekeningen en onroerende goederen in Duitsland en Italië in een onderzoek van het Europees Openbaar Ministerie naar onder meer valsheid in geschrift en subsidiefraude. De klaagster voert aan dat geen sprake is van een redelijk vermoeden van schuld, dat het beslag disproportioneel is en dat haar recht op een effectieve verdediging ex artikel 6 EVRM wordt geschonden. De gedelegeerd Europees aanklager stelt dat sprake is van verdenking van misdrijven waarop een geldboete van de vijfde categorie staat en dat het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op ruim 1,3 miljoen euro. De rechtbank oordeelt dat het dossier voldoende is, dat sprake is van een redelijk vermoeden van schuld en dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat een geldboete of ontnemingsmaatregel wordt opgelegd. Het beslag wordt proportioneel geacht en het beklag wordt ongegrond verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Digestaat als meststof vermomd: bestuurder veroordeeld voor verboden verhandeling en valse VDM’s

Rechtbank Amsterdam 6 december 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:8386

Verdachte, (middellijk) bestuurder van mestgerelateerde rechtspersonen, laat digestaat uit een vergister met dierlijke bijproducten in Nederland opslaan en afzetten als meststof richting Duitsland. De rechtbank spreekt vrij van overtreding van artikel 14 Meststoffenwet en van deelname aan een criminele organisatie wegens onvoldoende bewijs en onduidelijkheid over Duitse beperkingen. Bewezen is dat verdachte feitelijk leiding geeft aan medeplegen van het verhandelen van digestaat als meststof terwijl het niet voldoet aan de eisen van artikel 4 en 5 Meststoffenwet. Tevens is bewezen dat hij feitelijk leiding geeft aan medeplegen van valsheid in geschrift door gebruik van valse handelsdocumenten met een onjuiste bestemming en valse VDM’s die 100% dierlijke mest suggereren; voor de facturen volgt vrijspraak. De rechtbank acht het handelen ernstig omdat het controle- en beschermingssysteem voor meststoffen en dierlijke bijproducten wordt ondermijnd. Straf: 3 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk met 2 jaar proeftijd, taakstraf 240 uur, geldboete 3000 en ontzetting van het recht om (middellijk) bestuurder van rechtspersonen te zijn voor 2 jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Valse factuur voor bankfinanciering: OVAR wegens ontbrekende bestanddelen | Geen verduistering bij valutatransacties door vermogensovergang

Rechtbank Oost-Brabant 11 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:989

Deze strafzaak betreft een natuurlijke persoon aan wie valsheid in geschrifte en verduistering worden verweten. De rechtbank acht bewezen dat verdachte een debetfactuur van 10 januari 2022 valselijk opmaakt, nu geen werkzaamheden zijn verricht en geen rechtsverhouding bestond met de vermelde wederpartij. Tevens acht de rechtbank bewezen dat verdachte deze facturen via een financieringsplatform bij een bank indient en daarmee opzettelijk gebruikmaakt van valse geschriften. De bewezenverklaarde feiten kunnen echter niet worden gekwalificeerd als strafbare feiten, omdat essentiële wettelijke bestanddelen in de tenlastelegging ontbreken, zodat ontslag van alle rechtsvervolging volgt. Ten aanzien van de valutatransacties spreekt de rechtbank vrij van verduistering, nu de ontvangen valuta op grond van de contractuele verhouding tot het vermogen van verdachte of diens vennootschappen gaan behoren en derhalve geen sprake is van wederrechtelijke toe-eigening van een goed dat aan een ander toebehoort in de zin van artikel 321 Sr. De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard en een straf of maatregel blijft achterwege.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering als vangnet bij grootschalige bankhelpdeskfraude strandt op verdelingsvraagstuk

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:813

De rechtbank behandelt een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde die op dezelfde datum wordt veroordeeld voor onder meer medeplegen van oplichting in 153 gevallen van bankhelpdeskfraude. Het Openbaar Ministerie vordert ontneming van ruim 454.000 aan wederrechtelijk verkregen voordeel op basis van een pondspondsgewijze verdeling. De verdediging stelt dat slechts 18 feiten aan veroordeelde kunnen worden toegerekend en bepleit een veel lager bedrag dan wel nihil, mede gelet op gemaakte kosten en schadevergoedingen. De rechtbank schat het wederrechtelijk verkregen voordeel op 334.288,03 na aftrek van kosten voor aangekochte leads. Vanwege de samenloop met hoofdelijk toegewezen schadevergoedingen en onduidelijkheid over de onderlinge draagplicht stelt de rechtbank de betalingsverplichting op nihil.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kosten boekhouder voor peiljaarverlegging niet vergoed na vrijspraak

Rechtbank Noord-Holland 16 februari 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:1693

Dit betreft een verzoek ex artikel 530 Sv na vrijspraak van verzoekster door de politierechter. Verzoekster vraagt vergoeding van kosten van haar raadsman, reiskosten, kosten van een boekhouder voor een peiljaarverlegging en kosten voor het verzoekschrift. De officier van justitie verzet zich tegen vergoeding van de boekhoudkosten omdat deze niet in rechtstreeks verband staan met de strafzaak. De rechtbank oordeelt dat alleen kosten die direct samenhangen met de strafzaak voor vergoeding in aanmerking komen en acht de overige posten billijk. De kosten van de boekhouder zien op de inkomenspositie en de aanvraag van gefinancierde rechtsbijstand en worden daarom afgewezen. In totaal wordt 2.849,03 toegekend en het meer of anders verzochte wordt afgewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Essentiële schakel, maar geen medepleger van oplichting: wel medeplegen witwassen in bankhelpdeskfraude

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:843

In deze zaak staat een 18-jarige verdachte terecht wegens betrokkenheid bij grootschalige bankhelpdeskfraude, waarbij honderden met name oudere slachtoffers telefonisch worden misleid en geld verliezen. Verdachte wordt verweten dat hij als medepleger betrokken is bij oplichting dan wel witwassen door pakketjes bij MediaMarkt op te halen en zijn bankrekening ter beschikking te stellen. De rechtbank oordeelt dat zijn bijdrage onvoldoende gewicht heeft voor medeplegen van oplichting en spreekt hem daarvan vrij. Wel acht de rechtbank medeplegen van opzetwitwassen bewezen, nu hij weet dat de goederen en geldbedragen uit misdrijf afkomstig zijn. Verdachte krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 150 uur.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Procesafspraken afgewezen: rechtbank verlangt inhoudelijke behandeling van fiscale fraudezaak

Rechtbank Amsterdam 29 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1235

Dit betreft een fiscale fraudezaak waarin de verdachte wordt verweten dat hij aangiften omzetbelasting over 2020 niet tijdig indient en aanzienlijke bedragen aan zijn ondernemingen onttrekt. Het Openbaar Ministerie en de verdediging sluiten procesafspraken met een voorstel tot twee maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf bij een benadelingsbedrag van circa 603.000. De officier van justitie stelt dat zonder afspraken een hogere straf, ongeveer zes maanden onvoorwaardelijk, zou zijn geëist. De verdediging verzoekt daarnaast om omzetting van de gevangenisstraf in elektronisch toezicht, hetgeen wettelijk niet mogelijk blijkt. De rechtbank oordeelt dat de voorgestelde bewezenverklaring en strafmaat geen recht doen aan het dossier en dat geen volledige overeenstemming bestaat over kwalificatie en straf. De zaak wordt daarom aangehouden en verwezen naar een andere zittingscombinatie voor inhoudelijke behandeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Coronasteun als verdienmodel: jonge verdachte veroordeeld voor grootschalige TVL-fraude | RVO niet-ontvankelijk als BP

Rechtbank Rotterdam 22 januari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1320

De zaak draait om onderzoek Kensington, waarin een in 1997 geboren verdachte samen met anderen fraude pleegt met coronasteun via de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten. De verdachte wordt verweten dat hij 14 TVL-aanvragen vals opmaakt door veel te hoge omzetten te vermelden en vervalste OB-aangiften mee te sturen, waarna provisies uit de uitkeringen worden geïnd. Het Openbaar Ministerie acht valsheid in geschrift, witwassen en deelname aan een criminele organisatie bewezen en eist 32 maanden gevangenisstraf waarvan 12 maanden voorwaardelijk. De verdediging voert vrijspraakverweren en stelt onder meer dat WhatsApp-bewijs onrechtmatig is verkregen, maar de rechtbank verwerpt bewijsuitsluiting en acht alle drie feiten bewezen, met dien verstande dat witwassen van het totale uitgekeerde bedrag niet wordt bewezen maar wel gewoontewitwassen van provisiebedragen. De rechtbank legt 21 maanden gevangenisstraf op waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar, onttrekt de USB-stick aan het verkeer en verklaart de vordering van RVO niet-ontvankelijk wegens complexiteit.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bedrijf verantwoordelijk voor fatale val van schip

Rechtbank Oost-Brabant 17 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:1059

Een bedrijf uit de gemeente Waalwijk is verantwoordelijk voor het overlijden van een werknemer die tijdens zijn werk aan een schip te water raakte en daardoor verdronk. De rechtbank Oost-Brabant legt een geldboete op van 75.000 euro. De medewerker van het bedrijf was in januari 2023 bezig met snijbrandwerk op het achterdek van een schip dat lag afgemeerd aan de kade. Hij verscheen in de ochtend niet bij een koffiepauze en was daarna onvindbaar. Drie dagen later vond de politie zijn levenloze lichaam in de watergang waar het schip lag. Hij kwam door verdrinking om het leven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Trefwoordenfiltering bij digitale gegevensdragers: rechtbank oordeelt dat niet-gedeelde cliëntdocumenten slechts bij concrete onderbouwing onder het verschoningsrecht vallen

Rechtbank Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1071

Deze uitspraak betreft een beklag van twee advocaten over de filtering van mogelijk verschoningsgerechtigde gegevens op de in beslag genomen laptop van hun cliënt. Hun cliënt wordt verdacht van passieve niet-ambtelijke omkoping en het doen van onjuiste aangiften inkomstenbelasting, terwijl hij de advocaten bijstaan in een fiscaal dispuut met de Belastingdienst. De rechter-commissaris laat onder haar regie een trefwoordenfiltering uitvoeren door een geheimhoudersfunctionaris en verricht een steekproef en aanvullende controles. Klagers stellen dat ook door de cliënt opgestelde, nog niet gedeelde documenten onder het verschoningsrecht vallen en mogelijk buiten de zoektermen zijn gebleven. De rechtbank oordeelt dat de gevolgde werkwijze, conform recente rechtspraak van de Hoge Raad, voldoende waarborgen biedt voor het verschoningsrecht. Het beklag wordt ongegrond verklaard omdat klagers hun stellingen over niet-gefilterde vertrouwelijke stukken onvoldoende concreet onderbouwen.

Read More
Print Friendly and PDF ^