Effectieve bescherming en verdediging bij bedrijfsschandalen: verdediging en vertrouwelijkheid serieus getoetst en op de proef gesteld

Het verschoningsrecht staat volop in de belangstelling, maar de discussie concentreert zich vooral op de procedurele waarborgen. Ondertussen tekenen zich ontwikkelingen af die minstens zo fundamenteel zijn: ook de reikwijdte van het verschoningsrecht en de eisen die aan advocaten worden gesteld, lijken steeds kritischer te worden getoetst. Francien Rense bespreekt recente Nederlandse en Europese rechtspraak en vraagt aandacht voor de gevolgen daarvan, juist bij complexe en grensoverschrijdende bedrijfsschandalen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Fundamentele weeffouten rondom het verschoningsrecht

Het Ministerie van Veiligheid en Justitie wil de recent vastgestelde procedure rond het verschoningsrecht ingrijpend wijzigen door de eerste filtering van mogelijk geprivilegieerd materiaal bij de officier van justitie te leggen in plaats van bij de rechter-commissaris. Volgens auteur Petra van Kampen ontstaat daardoor het risico dat opsporingsambtenaren al kennisnemen van vertrouwelijke informatie voordat duidelijk is dat deze onder het verschoningsrecht valt. Dit staat volgens haar op gespannen voet met het Box-arrest van de Hoge Raad uit 2024, waarin is bepaald dat filtering in dergelijke gevallen door of onder verantwoordelijkheid van de rechter-commissaris moet plaatsvinden. Ook jurisprudentie van het EHRM benadrukt dat de beoordeling van verschoningsgerechtigd materiaal niet aan opsporingsautoriteiten mag worden overgelaten. Daarnaast beperkt het ontwerpvoorstel de mogelijkheden om via een klaagschrift tegen beslag op potentieel verschoningsgerechtigd materiaal op te komen. Van Kampen concludeert dat hiermee belangrijke waarborgen rond het verschoningsrecht worden uitgehold ten gunste van praktische en capacitaire belangen van de opsporing.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad: beklag ex art. 98 lid 4 Sv staat open tegen RC-beschikking waarbij kennisneming gefilterde gegevens wordt toegestaan

Hoge Raad 22 september 2026, ECLI:NL:HR:2026:1490

De Hoge Raad vernietigt integraal en wijst terug naar de rechtbank Overijssel. De zaak betreft beklag van Nederlandse en Belgische advocaten tegen een beschikking van de RC waarin hij het OM toestaat kennis te nemen van een gefilterde dataset, bestaande uit vele miljoenen bestanden. De klagers stellen dat hun verschoningsrecht onvoldoende is gewaarborgd omdat het filterproces, hoewel onder leiding van de RC uitgevoerd, gebreken vertoont. De rechtbank verklaart de klagers niet-ontvankelijk in hun beklag ex art. 98 lid 4 Sv, stellende dat de beschikking van de RC tot vrijgave van gefilterde gegevens niet kan gelden als een "beslissing" waarop art. 98 Sv van toepassing is. De Hoge Raad keurt dit oordeel af en stelt vast dat beklag ex art. 98 lid 4 Sv inderdaad openstaat tegen de beschikking van de RC, ook waar het gaat om gevorderde gegevens waarvan redelijk vermoeden bestaat dat zij onder het verschoningsrecht vallen. Voorts vernietigt de Hoge Raad ook die delen van de rechtbankbeschikking die niet waren bestreden omdat anders de rechtbank na terugwijzing niet naar behoren kan oordelen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep OM over doorbreking van notarieel verschoningsrecht in witwasonderzoek

Hoge Raad 22 september 2026, ECLI:NL:HR:2026:1527

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van het openbaar ministerie tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam. De rechtbank had geoordeeld dat zich geen zeer uitzonderlijke omstandigheden voordoen op grond waarvan het verschoningsrecht van twee niet-verdachte notarissen moet wijken voor het belang van de waarheidsvinding. Tegen die twee notarissen waren digitale gegevensbestanden in beslag genomen naar aanleiding van een strafrechtelijk onderzoek tegen een andere notaris en zijn juridisch medewerker wegens vermoedde overtreding van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en witwassen. De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank de toets voor het belang van de waarheidsvinding correct heeft toegepast. Het openbaar ministerie had niet aangetoond dat de stukken in een zodanig direct verband staan met het strafbare feit dat ze kunnen dienen om de waarheid aan het licht te brengen. De rechtbank had voorts correct opgemerkt dat veel stukken buiten de periode van verdenking vallen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Raad voor de rechtspraak steunt filtering onder de officier van justitie, NOvA en KNB willen rechter-commissaris behouden

De consultatie over de tweede aanvullingswet bij het nieuwe Wetboek van Strafvordering sluit op 11 september 2026 en de adviezen over de herziene regeling van het functioneel verschoningsrecht lopen uiteen. De Raad voor de rechtspraak is in een wetgevingsadvies van 9 september 2026 positief over het voorstel om de filtering van bulkgegevens onder verantwoordelijkheid van de officier van justitie te brengen, maar vraagt om meer waarborgen voor de rechtsbescherming van verdachten. De Nederlandse orde van advocaten roept de wetgever in een wetgevingsadvies van 10 september 2026 op het onderdeel over het professioneel verschoningsrecht in te trekken en doet alternatieve voorstellen, waaronder geautomatiseerde filtering op geregistreerde e-mailadressen en aanvullende filtering onder verantwoordelijkheid van de rechter-commissaris. De Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie vraagt in een brief van 9 september 2026 om herziening van het conceptwetsvoorstel en bespreekt onder meer het redelijk vermoeden, de voorselectie door de officier van justitie, de bewaarplicht, de rol van de ringvoorzitter en de beklagprocedure zonder schorsende werking. De Hoge Raad overwoog in 2024 dat de rechter-commissaris een centrale rol heeft bij de filtering van mogelijk geprivilegieerde gegevens en dat de kabinetten van de rechter-commissaris daarvoor voldoende capaciteit moeten krijgen. Het wetsvoorstel moet na de consultatie nog voor advies naar de Raad van State en daarna naar de Tweede Kamer; het nieuwe wetboek treedt naar verwachting op 1 april 2029 in werking.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad verklaart cliënt niet-ontvankelijk in cassatieberoep over beslag op geschriften nu verschoningsrecht van advocaat onherroepelijk is afgewezen

Hoge Raad 14 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1232

De Hoge Raad verklaart de cliënt van een Duitse advocaat niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Limburg over de inbeslagneming van geschriften onder de klager naar aanleiding van een Europees onderzoeksbevel van de Duitse autoriteiten. Het gaat om handgeschreven notities en artikelen met aantekeningen die in beslag zijn genomen bij een doorzoeking op 28 februari 2023. De klager legt aan zijn beklag ten grondslag dat de stukken onder het verschoningsrecht van zijn Duitse advocaat vallen. De Hoge Raad verwerpt bij beschikking van dezelfde dag het cassatieberoep van de advocaat in diens eigen beklagzaak, ECLI:NL:HR:2026:1230, waardoor onherroepelijk vaststaat dat de stukken niet onder het verschoningsrecht vallen. Omdat in de beklagzaak van de beslagene het onherroepelijke oordeel in de beklagprocedure van de verschoningsgerechtigde tot uitgangspunt moet worden genomen, heeft de klager geen belang meer bij zijn cassatieberoep en volgt niet-ontvankelijkverklaring.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Raad voor de rechtspraak maakt documenten over functioneel verschoningsrecht in tweede aanvullingswet deels openbaar

De Raad voor de rechtspraak heeft op 8 juli 2026 een Woo-besluit genomen over de totstandkoming van de regeling van het functioneel verschoningsrecht in de tweede aanvullingswet bij het nieuwe Wetboek van Strafvordering. De openbaar gemaakte stukken laten zien hoe die regeling tussen november 2025 en maart 2026 vorm kreeg. De Rechtspraak schreef in januari 2026 dat het conceptontwerp de bestaande knelpunten niet oplost en vroeg om een pas op de plaats, waarna het ministerie een derde expertmeeting organiseerde. In het gewijzigde voorstel wordt de filtering een verantwoordelijkheid van het Openbaar Ministerie en komt de rechter-commissaris pas in beeld wanneer het Openbaar Ministerie kennis wil nemen van uitgefilterde gegevens. De rechters-commissarissen stemden daarmee in, de Nederlandse orde van advocaten niet. Regeringscommissaris Geert Knigge bevestigde in de expertmeeting van 6 maart 2026 dat het voorstel afwijkt van het arrest van de Hoge Raad van 12 maart 2024.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusies over verschoningsrecht niet-verdachte notarissen bij beslag onder voormalig notarieel medewerker

Advocaat-generaal Van Kampen heeft op 7 juli 2026 in twee samenhangende zaken geconcludeerd over beslag op digitale gegevensdragers waarop notariële geheimhouderinformatie staat. Het gaat om cassatieberoepen van het openbaar ministerie tegen twee beschikkingen van de rechtbank Amsterdam van 17 juni 2025, gewezen na terugwijzing door de Hoge Raad op 24 september 2024. De rechtbank oordeelde dat zich ten aanzien van twee niet-verdachte notarissen geen zeer uitzonderlijke omstandigheden voordoen die doorbreking van hun verschoningsrecht rechtvaardigen, en verklaarde het beklag voor een groot deel gegrond. Volgens de advocaat-generaal falen de middelen die tegen dat oordeel zijn gericht, omdat de rechtbank onder meer mocht meewegen dat de klagers geen verdachte zijn en dat veel stukken dateren van buiten de periode waarop de verdenking ziet. In een van beide zaken slaagt een tweede middel wel: het oordeel dat ook op stukken die via openbare registers opvraagbaar zijn verschoningsrecht rust, getuigt volgens de advocaat-generaal van een onjuiste rechtsopvatting, maar hoeft niet tot cassatie te leiden. Beide conclusies strekken tot verwerping van het beroep van het openbaar ministerie; de Hoge Raad moet nog arrest wijzen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Niet-ontvankelijkheid OM wegens dagvaarding in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde door het ontzeggen van de regiefase bij de rechter-commissaris

Rechtbank Amsterdam 9 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:6995

De rechtbank Amsterdam verklaart in een fiscale strafzaak over dividendstripping het bezwaarschrift tegen de dagvaarding gegrond en verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging. De rechtbank oordeelt dat het Openbaar Ministerie in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde heeft gedagvaard door de verdachte de regiefase bij de rechter-commissaris te ontzeggen en de zaak op publicitaire gronden naar de openbare zitting te brengen. Uit een interne e-mail leidt de rechtbank af dat vooral de wens om de zaak snel publiek te presenteren de beslissing tot dagvaarding heeft bepaald, zonder dat het belang van de verdediging bij die regiefase is meegewogen. Dat weegt te zwaarder omdat nog een cassatieprocedure loopt over stukken waarop volgens de verdediging verschoningsrecht rust. De rechtbank merkt het verzuim aan als herstelbaar en stelt de verdachte niet buiten vervolging. Het Openbaar Ministerie kan pas opnieuw dagvaarden wanneer de regiefase alsnog heeft plaatsgevonden en met de lopende procedures rekening is gehouden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beoordeling van in beslag genomen facturen, overeenkomsten en correspondentie op verschoningsgerechtigdheid op grond van de artikelen 98 en 181 Sv

Rechtbank Rotterdam (rechter-commissaris in strafzaken) 2 april 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6512

De rechter-commissaris van de rechtbank Rotterdam beoordeelt in het onderzoek Sali welke tijdens een doorzoeking in beslag genomen fysieke stukken onder het verschoningsrecht vallen. De officier van justitie heeft op grond van artikel 181 Sv gevorderd dat de in een kantoorpand inbeslaggenomen stukken worden onderzocht op verschoningsgerechtigde informatie. De rechter-commissaris oordeelt dat een brief tussen de rechtbank en een advocaat geen verschoningsgerechtigd geschrift in de zin van artikel 98, eerste lid, Sv is, omdat correspondentie tussen anderen dan de verschoningsgerechtigde en zijn cliënt buiten het verschoningsrecht valt. Facturen en overeenkomsten waarin de door een verschoningsgerechtigde verrichte werkzaamheden zijn gespecificeerd, merkt hij wel als verschoningsgerechtigd aan. Ongespecificeerde facturen en stukken afkomstig van een organisatie zonder verschoningsgerechtigde medewerkers raken niet aan het vertrouwelijke karakter van de werkzaamheden en vallen daarom buiten het verschoningsrecht. De niet-verschoningsgerechtigde stukken worden vrijgegeven aan het onderzoeksteam en de overige stukken aan de beslagene geretourneerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^