Strafbeschikking voor belastingontduiking

Het Openbaar Ministerie heeft een 46-jarige man uit de provincie Overijssel een strafbeschikking opgelegd wegens belastingfraude. De man is bestuurder van een bedrijf dat handelt in aircosystemen. De bestuurder krijgt in totaal 240 uur taakstraf. Daarnaast wordt het ontdoken belastingbedrag van afgerond 500.000 euro alsnog aan de Belastingdienst betaald. Het strafrechtelijk onderzoek naar het bedrijf zelf wordt geseponeerd nu de feitelijk leidinggever wordt vervolgd.  

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verdachte aangehouden in onderzoek naar grensoverschrijdende btw-fraude

De FIOD heeft op donderdag 29 oktober een aanhouding verricht en doorzoekingen gedaan in een strafrechtelijk onderzoek naar grensoverschrijdende btw-fraude. Een 48-jarige man uit Capelle aan den IJssel is aangehouden en meegenomen voor verhoor. Hij wordt verdacht van het opzettelijk doen van onjuiste belastingaangiften. Zijn woning en een bedrijfspand in Rotterdam zijn doorzocht. Daarbij is beslag gelegd op vier panden, een auto, 20 pallets met mobiele telefoons, ruim 240.000 euro contant geld, bankrekeningen en fysieke en digitale administratie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van onjuiste aangiften omzetbelasting en schuldigverklaring zonder straf voor valse facturen en verpandingsborderellen bij factoring door een opgeheven rechtspersoon

Rechtbank Oost-Brabant 14 oktober 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7335

De rechtbank Oost-Brabant oordeelt over een rechtspersoon die met een factoringmaatschappij bevoorschotting verkrijgt op basis van valse verkoopfacturen, verpandingsborderellen en incassospecificaties. De rechtspersoon is kort na de betekening van de dagvaarding opgeheven bij gebrek aan baten. De rechtbank verwerpt het verweer dat het Openbaar Ministerie daardoor niet-ontvankelijk is, omdat de dagvaarding vóór de inschrijving van de opheffing in het handelsregister is betekend en de vervolging een signaalfunctie heeft. Van het opzettelijk doen van onjuiste aangiften omzetbelasting spreekt de rechtbank vrij, omdat niet vast te stellen is dat de aangiften ten tijde van het indienen onjuist waren. De valsheid in geschrift en het gebruik van de valse stukken acht de rechtbank bewezen en toerekenbaar aan de rechtspersoon. Conform de eis verklaart de rechtbank de rechtspersoon schuldig zonder oplegging van straf of maatregel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Medeplegen van onjuiste en niet tijdige aangiften omzetbelasting door eigenaar eenmanszaak en niet-aangifteplichtige echtgenote, en geldboete voor rechtspersoon

Rechtbank Oost-Brabant 13 oktober 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7292, ECLI:NL:RBOBR:2026:7291 en ECLI:NL:RBOBR:2026:7290

De rechtbank Oost-Brabant doet op 13 oktober 2026 uitspraak in drie fiscale strafzaken die gelijktijdig zijn behandeld en die gaan over het opzettelijk onjuist en niet of niet tijdig doen van aangiften omzetbelasting. De eigenaar van een eenmanszaak en zijn toenmalige echtgenote, die de administratie voerde, worden veroordeeld voor het medeplegen van onjuiste aangiften over twee kwartalen en het niet of niet tijdig doen van aangiften over vijf kwartalen, met een benadeling van ruim € 220.000. De rechtbank verwerpt het verweer van de echtgenote dat zij als niet-aangifteplichtige buiten het bereik van artikel 69 AWR valt, omdat dat aan medeplegen met de aangifteplichtige niet in de weg staat. Bij de eigenaar leidt de rechtbank voorwaardelijk opzet af uit het nalaten van toezicht op de aangiften, terwijl hij wist dat de Belastingdienst beslag had gelegd. Beiden krijgen een taakstraf van 60 en 120 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden, lager dan geëist vanwege hun persoonlijke omstandigheden en de overschrijding van de redelijke termijn. Een rechtspersoon, waarvan de vertegenwoordiger in het vonnis als medeverdachte wordt aangeduid, krijgt een geldboete van € 10.000 voor twee nihilaangiften en negen niet of niet tijdig gedane aangiften.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gevangenisstraf voor valsheid in geschrift en het in valse vorm beschikbaar stellen van inkoopfacturen aan de Belastingdienst in de handel in katalysatoren

Rechtbank Oost-Brabant 14 oktober 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7300

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt een handelaar in katalysatoren voor het meermalen valselijk opmaken van inkoopfacturen en het opzettelijk in valse vorm beschikbaar laten stellen van twee van die facturen aan de Belastingdienst. Op de facturen staan onjuiste of niet bestaande leveranciersgegevens, of inkopen die in werkelijkheid niet zijn overeengekomen. De verdachte erkent dat hij de facturen heeft opgemaakt en dat zijn boekhouder ze aan de Belastingdienst heeft overhandigd, maar betwist opzet op benadeling van de Belastingdienst. De rechtbank leidt het opzet af uit de werkwijze en de schaal: in het dossier zitten 108 facturen met niet bestaande leveranciers, onjuiste adressen of getuigen die verklaren niet aan de verdachte te hebben verkocht. Van medeplegen wordt de verdachte vrijgesproken. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 18 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wat zij zelf aanmerkt als zwaarder dan de eis van 14 maanden, en houdt geen rekening met de lopende fiscale procedure.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf voor bestuurder die na een ongeval geen toezicht houdt op niet gedane en onjuiste aangiften omzetbelasting

Rechtbank Oost-Brabant 13 oktober 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7289

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt de enig bestuurder van een vennootschap voor feitelijk leidinggeven aan belastingfraude met omzetbelasting. De vennootschap doet over negen kwartalen in de periode 2019 tot en met 2021 niet of niet tijdig aangifte en dient over twee kwartalen nihilaangiften in, terwijl zij wel omzet behaalt. De aangiften worden na een auto-ongeluk van de bestuurder eind 2018 door anderen ingediend met zijn inloggegevens. Volgens de rechtbank ontslaat dat hem niet van zijn verantwoordelijkheid: hij had toezicht moeten (laten) houden of zich als bestuurder moeten uitschrijven. Het Openbaar Ministerie eist negen maanden gevangenisstraf. De rechtbank legt wegens de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de overschrijding van de redelijke termijn een taakstraf van 180 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gevangenisstraf voor belastingfraude, gewoontewitwassen en valsheid in geschrift door boekhouder van bouwbedrijf op Bonaire; gevorderde beroepsontzetting zonder wettelijke grondslag

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 1 oktober 2026, ECLI:NL:OGEABES:2026:232

Het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba veroordeelt de administrateur van een bouwbedrijf op Bonaire tot een gevangenisstraf van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk. De verdachte heeft samen met het bouwbedrijf over de jaren 2018 tot en met 2022 belastingaangiften te laat of met te lage bedragen ingediend. Het geld dat het bedrijf daardoor behield, raakt vermengd met het bedrijfsvermogen en wordt via rekeningen van derden verplaatst en contant opgenomen, wat het Gerecht kwalificeert als medeplegen van gewoontewitwassen. Daarnaast acht het Gerecht valsheid in geschrift bewezen voor stukken over een fictieve bouwopdracht, achteraf opgemaakte facturen en vervalste vacatureaanmeldingen. Van oplichting en verduistering en van een afzonderlijk gevoegde valsheidszaak spreekt het Gerecht de verdachte vrij, onder meer omdat de rol van de inmiddels overleden eigenaar van het bouwbedrijf niet kan worden vastgesteld. De gevorderde ontzetting uit het beroep van boekhouder legt het Gerecht niet op, omdat het Wetboek van Strafrecht BES daarvoor geen grondslag biedt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

FIOD houdt twee verdachten aan in onderzoek naar witwassen van miljoenen en hypotheekfraude

De FIOD heeft dinsdag 20 oktober een 45-jarige man en een 43-jarige vrouw uit Almere aangehouden op verdenking van witwassen en hypotheekfraude. Ook zijn twee woningen in Almere doorzocht. Daarbij is onder andere beslag gelegd op de woning van de vrouw.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Rechtbank Rotterdam veroordeelt belastingconsultant tot taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf voor opzettelijk niet en onjuist doen van eigen aangiften omzet- en inkomstenbelasting

Rechtbank Rotterdam 25 september 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:13484

De rechtbank Rotterdam veroordeelt een belastingconsultant voor het opzettelijk niet en onjuist doen van zijn eigen aangiften omzetbelasting en inkomstenbelasting over de jaren 2019 tot en met 2022. De verdachte drijft een eenmanszaak in financiële en fiscale dienstverlening en geeft in die jaren een omzet van € 239.234 aan, terwijl de Belastingdienst de gerealiseerde omzet vaststelt op € 538.943,71. Over het eerste kwartaal van 2022 doet hij geen aangifte omzetbelasting en over 2020 en 2021 doet hij ondanks herinneringen en aanmaningen geen aangifte inkomstenbelasting. De rechtbank leidt het opzet af uit het niet controleren van de omzet aan de hand van de bankafschriften en uit zijn werkzaamheden als belastingconsultant. Het fiscale nadeel bedraagt in totaal € 121.014. Conform de eis van de officier van justitie legt de rechtbank een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden met een proeftijd van twee jaren op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Van verschoningsrecht naar verschansingsrecht als nieuwe hoeksteen van de rechtsstaat

Het professionele verschoningsrecht beschermt de vertrouwelijkheid tussen advocaat en cliënt. Maar geldt die bescherming ook voor informatie die een advocaat namens zijn cliënt met derden deelt? Kan een cliënt via zijn advocaat bijvoorbeeld verzwegen vermogen melden bij de Belastingdienst en tegelijkertijd voorkomen dat politie en justitie die informatie gebruiken? In deze opinie plaatst Martin Lambregts kritische kanttekeningen bij een ruime uitleg van recente rechtspraak van de Hoge Raad. Volgens hem dreigt het verschoningsrecht te veranderen in een ‘verschansingsrecht’: een middel waarmee burgers informatie selectief kunnen onthullen en zich tegelijkertijd tegen verdere aansprakelijkheid kunnen beschermen. Met prikkelende voorbeelden verkent hij de gevolgen voor de rechtshandhaving en de gelijke toegang tot rechtsbescherming. Zijn centrale vraag: blijft de vertrouwelijkheid van rechtsbijstand beschermd, of krijgt de burger zeggenschap over wat anderen met eenmaal gedeelde informatie mogen doen?

Read More
Print Friendly and PDF ^