Valse factuur voor bankfinanciering: OVAR wegens ontbrekende bestanddelen | Geen verduistering bij valutatransacties door vermogensovergang

Rechtbank Oost-Brabant 11 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:989

Deze strafzaak betreft een natuurlijke persoon aan wie valsheid in geschrifte en verduistering worden verweten. De rechtbank acht bewezen dat verdachte een debetfactuur van 10 januari 2022 valselijk opmaakt, nu geen werkzaamheden zijn verricht en geen rechtsverhouding bestond met de vermelde wederpartij. Tevens acht de rechtbank bewezen dat verdachte deze facturen via een financieringsplatform bij een bank indient en daarmee opzettelijk gebruikmaakt van valse geschriften. De bewezenverklaarde feiten kunnen echter niet worden gekwalificeerd als strafbare feiten, omdat essentiële wettelijke bestanddelen in de tenlastelegging ontbreken, zodat ontslag van alle rechtsvervolging volgt. Ten aanzien van de valutatransacties spreekt de rechtbank vrij van verduistering, nu de ontvangen valuta op grond van de contractuele verhouding tot het vermogen van verdachte of diens vennootschappen gaan behoren en derhalve geen sprake is van wederrechtelijke toe-eigening van een goed dat aan een ander toebehoort in de zin van artikel 321 Sr. De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard en een straf of maatregel blijft achterwege.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Illegale verhandeling van D-Carvone als gewasbeschermingsmiddel niet uitgezonderd van toelatingsplicht

Hoge Raad 10 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:223

Dit betreft een veroordeling wegens het opzettelijk en meermalen op de markt brengen van het gewasbeschermingsmiddel D-Carvone zonder toelating als bedoeld in artikel 28 lid 1 Verordening (EG) 1107/2009 en artikel 20 lid 1 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, alsmede wegens valsheid in geschrift. De verdachte verkoopt het middel als kiemremmingsmiddel voor pootaardappelen terwijl geen toelating door het Ctgb is verleend en krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden en een taakstraf van 100 uren opgelegd. In cassatie voert hij aan dat D-Carvone onder Richtlijn 88/388/EEG inzake aroma’s valt en daarom is uitgezonderd van de toelatingsplicht op grond van de Regeling uitzondering bestrijdingsmiddelen oud. De Hoge Raad oordeelt dat deze uitzondering alleen geldt wanneer de stof als aroma voor levensmiddelen wordt gebruikt en niet wanneer zij als gewasbeschermingsmiddel wordt toegepast. Omdat het middel in deze zaak als gewasbeschermingsmiddel wordt verhandeld, is de Europese toelatingsregeling onverkort van toepassing en faalt het cassatiemiddel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kosten bestuursrechtelijke en civiele procedures vallen buiten bereik van artikel 530 Sv

Rechtbank Noord-Holland 16 februari 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:1690

Verzoekster dient op grond van artikel 530 Sv een verzoek in tot vergoeding van advocaatkosten nadat de strafzaak tegen haar wegens een aangetroffen drugslab in een door haar gehuurd pand is geseponeerd. Zij vordert in totaal 4.338,59, waaronder kosten voor bijstand in een bestuursrechtelijke procedure tegen de gemeente en een civiele procedure tegen de verhuurder. Het Openbaar Ministerie stelt dat alleen kosten die rechtstreeks verband houden met de strafzaak voor vergoeding in aanmerking komen. De rechtbank oordeelt dat de kosten voor de bestuursrechtelijke en civiele procedures niet in rechtstreeks verband staan met de strafzaak en wijst dat deel van het verzoek af. Wel worden de kosten voor communicatie met politie en OM en een deel van de cliëntcontacten, vermeerderd met kantoorkosten en btw, toegewezen. In totaal kent de rechtbank een vergoeding toe van 2.120,24 en wijst zij het meer of anders verzochte af.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering als vangnet bij grootschalige bankhelpdeskfraude strandt op verdelingsvraagstuk

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:813

De rechtbank behandelt een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde die op dezelfde datum wordt veroordeeld voor onder meer medeplegen van oplichting in 153 gevallen van bankhelpdeskfraude. Het Openbaar Ministerie vordert ontneming van ruim 454.000 aan wederrechtelijk verkregen voordeel op basis van een pondspondsgewijze verdeling. De verdediging stelt dat slechts 18 feiten aan veroordeelde kunnen worden toegerekend en bepleit een veel lager bedrag dan wel nihil, mede gelet op gemaakte kosten en schadevergoedingen. De rechtbank schat het wederrechtelijk verkregen voordeel op 334.288,03 na aftrek van kosten voor aangekochte leads. Vanwege de samenloop met hoofdelijk toegewezen schadevergoedingen en onduidelijkheid over de onderlinge draagplicht stelt de rechtbank de betalingsverplichting op nihil.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kosten boekhouder voor peiljaarverlegging niet vergoed na vrijspraak

Rechtbank Noord-Holland 16 februari 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:1693

Dit betreft een verzoek ex artikel 530 Sv na vrijspraak van verzoekster door de politierechter. Verzoekster vraagt vergoeding van kosten van haar raadsman, reiskosten, kosten van een boekhouder voor een peiljaarverlegging en kosten voor het verzoekschrift. De officier van justitie verzet zich tegen vergoeding van de boekhoudkosten omdat deze niet in rechtstreeks verband staan met de strafzaak. De rechtbank oordeelt dat alleen kosten die direct samenhangen met de strafzaak voor vergoeding in aanmerking komen en acht de overige posten billijk. De kosten van de boekhouder zien op de inkomenspositie en de aanvraag van gefinancierde rechtsbijstand en worden daarom afgewezen. In totaal wordt 2.849,03 toegekend en het meer of anders verzochte wordt afgewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Essentiële schakel, maar geen medepleger van oplichting: wel medeplegen witwassen in bankhelpdeskfraude

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:843

In deze zaak staat een 18-jarige verdachte terecht wegens betrokkenheid bij grootschalige bankhelpdeskfraude, waarbij honderden met name oudere slachtoffers telefonisch worden misleid en geld verliezen. Verdachte wordt verweten dat hij als medepleger betrokken is bij oplichting dan wel witwassen door pakketjes bij MediaMarkt op te halen en zijn bankrekening ter beschikking te stellen. De rechtbank oordeelt dat zijn bijdrage onvoldoende gewicht heeft voor medeplegen van oplichting en spreekt hem daarvan vrij. Wel acht de rechtbank medeplegen van opzetwitwassen bewezen, nu hij weet dat de goederen en geldbedragen uit misdrijf afkomstig zijn. Verdachte krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 150 uur.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Procesafspraken afgewezen: rechtbank verlangt inhoudelijke behandeling van fiscale fraudezaak

Rechtbank Amsterdam 29 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1235

Dit betreft een fiscale fraudezaak waarin de verdachte wordt verweten dat hij aangiften omzetbelasting over 2020 niet tijdig indient en aanzienlijke bedragen aan zijn ondernemingen onttrekt. Het Openbaar Ministerie en de verdediging sluiten procesafspraken met een voorstel tot twee maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf bij een benadelingsbedrag van circa 603.000. De officier van justitie stelt dat zonder afspraken een hogere straf, ongeveer zes maanden onvoorwaardelijk, zou zijn geëist. De verdediging verzoekt daarnaast om omzetting van de gevangenisstraf in elektronisch toezicht, hetgeen wettelijk niet mogelijk blijkt. De rechtbank oordeelt dat de voorgestelde bewezenverklaring en strafmaat geen recht doen aan het dossier en dat geen volledige overeenstemming bestaat over kwalificatie en straf. De zaak wordt daarom aangehouden en verwezen naar een andere zittingscombinatie voor inhoudelijke behandeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Coronasteun als verdienmodel: jonge verdachte veroordeeld voor grootschalige TVL-fraude | RVO niet-ontvankelijk als BP

Rechtbank Rotterdam 22 januari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1320

De zaak draait om onderzoek Kensington, waarin een in 1997 geboren verdachte samen met anderen fraude pleegt met coronasteun via de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten. De verdachte wordt verweten dat hij 14 TVL-aanvragen vals opmaakt door veel te hoge omzetten te vermelden en vervalste OB-aangiften mee te sturen, waarna provisies uit de uitkeringen worden geïnd. Het Openbaar Ministerie acht valsheid in geschrift, witwassen en deelname aan een criminele organisatie bewezen en eist 32 maanden gevangenisstraf waarvan 12 maanden voorwaardelijk. De verdediging voert vrijspraakverweren en stelt onder meer dat WhatsApp-bewijs onrechtmatig is verkregen, maar de rechtbank verwerpt bewijsuitsluiting en acht alle drie feiten bewezen, met dien verstande dat witwassen van het totale uitgekeerde bedrag niet wordt bewezen maar wel gewoontewitwassen van provisiebedragen. De rechtbank legt 21 maanden gevangenisstraf op waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar, onttrekt de USB-stick aan het verkeer en verklaart de vordering van RVO niet-ontvankelijk wegens complexiteit.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Sektedebat of strafbare smaad? Hof corrigeert sepot en beveelt vervolging van journalist

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 12 februari 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:1002

Dit betreft een artikel 12 Sv-procedure waarin elf klagers beklag doen tegen het sepot van een aangifte wegens smaad(schrift) en belediging naar aanleiding van krantenartikelen over een vermeende sekte rond klager 1. De officier van justitie seponeert omdat de publicaties volgens hem binnen de journalistieke vrijheid vallen en een maatschappelijk belang dienen, namelijk het waarschuwen voor sektes en het bepleiten van een meldpunt. Het hof verklaart alle klagers ontvankelijk, maar wijst het beklag af ten aanzien van meerdere geïnterviewden en twee online artikelen omdat daarin geen strafbare of onnodig grievende uitlatingen worden gezien. Ten aanzien van één journalist oordeelt het hof dat een krantenartikel wel de suggestie wekt van concrete strafbare feiten zoals arbeidsuitbuiting en kindermishandeling en daarmee mogelijk smaadschrift oplevert jegens klager 1. Gelet op de ernst van de beschuldigingen en de gevolgen voor klager 1 acht het hof vervolging haalbaar en opportuun ondanks het beroep op artikel 10 EVRM en het risico van chilling effect. Het hof beveelt daarom de vervolging van deze journalist ter zake van smaad(schrift) en wijst het beklag voor het overige af.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Weigering nultarief wegens btw-fraude niet automatisch grond voor vergrijpboete

Hoge Raad 20 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:279

De Hoge Raad oordeelt dat de inspecteur het nultarief voor intracommunautaire leveringen terecht weigert wegens betrokkenheid bij btw-fraude, maar dat dit niet automatisch een vergrijpboete rechtvaardigt. Voor een boete op grond van artikel 67f AWR is vereist dat het opzet of de grove schuld is gericht op het niet betalen van in Nederland verschuldigde omzetbelasting. Opzet dat uitsluitend ziet op het ontgaan van btw in een andere lidstaat is daarvoor onvoldoende. In dit geval is de naheffingsaanslag uitsluitend gebaseerd op het achteraf weigeren van het nultarief wegens fraude. Artikel 67f AWR biedt daarvoor geen grondslag, gelet op het legaliteitsbeginsel. De Hoge Raad vernietigt daarom de boetebeschikkingen en kent een immateriële schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn

Read More
Print Friendly and PDF ^