HR herhaalt beoordelingskader overschrijding redelijke termijn in eerste aanleg en in hoger beroep en vraag welk rechtsgevolg daaraan moet worden verbonden

Hoge Raad 14 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1552

De verdachte is veroordeeld voor medeplegen van oplichting van energiebedrijf Rendo via een constructie met verborgen belangen in SGI. Het hof legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 jaar en een taakstraf van 240 uur op, wegens overschrijding van de redelijke termijn. In cassatie wordt geklaagd dat het hof de redelijke termijn onjuist heeft beoordeeld. De Hoge Raad oordeelt dat het hof inderdaad het beoordelingskader heeft miskend. Toch volgt geen cassatie, omdat het opgelegde rechtsgevolg passend is. Wel vermindert de Hoge Raad ambtshalve de taakstraf naar 216 uur wegens vertraging in cassatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak na jarenlange verdenking van belastingfraude en criminele samenwerking

Rechtbank Amsterdam 25 september 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7278

De rechtbank spreekt een boekhouder vrij van belastingfraude en deelname aan een criminele organisatie. Hij zou namens een failliet bedrijf tussen 2018 en 2019 opzettelijk geen loonbelasting hebben betaald. De officier van justitie stelt dat hij feitelijk leiding gaf aan deze fraude en deel uitmaakte van een criminele organisatie. De rechtbank oordeelt echter dat hij enkel de aangiften deed en geen rol had in de besluitvorming of bedrijfsvoering. Er is onvoldoende bewijs dat hij wist van het niet betalen van belastingen. De verdenking blijkt ongegrond en de verdachte wordt volledig vrijgesproken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EHRM: Naheffing btw geen straf

EHRM 23 september 2025, Italmoda Mariano Previti and Others v. the Netherlands, Application no. 16395/18

Het EHRM oordeelt dat een btw-naheffing geen straf is in de zin van artikel 7 EVRM. De naheffingsaanslagen worden opgelegd omdat Italmoda wist of had moeten weten dat zij deelnam aan btw-fraude. Volgens het Hof vloeien deze aanslagen voort uit het niet-voldoen aan de voorwaarden van het btw-stelsel en hebben zij een herstellend, niet-bestraffend doel. Het Hof volgt daarmee het eerdere arrest van het Hof van Justitie. De maatregelen hebben geen punitief karakter en zijn beperkt tot de verschuldigde belasting. De klacht is daarom kennelijk ongegrond en ratione materiae onverenigbaar met het EVRM.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Grondslagverlating bij witwasveroordeling: Hoge Raad corrigeert hof in martelcontainerzaak

Hoge Raad 14 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1516

De Hoge Raad vernietigt het arrest van het gerechtshof Amsterdam in de zogenoemde martelcontainerzaak, voor zover de verdachte is veroordeeld voor gewoontewitwassen. Het hof had vastgesteld dat de verdachte slechts redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld uit misdrijf afkomstig was, wat duidt op schuldwitwassen, terwijl voor gewoontewitwassen opzet is vereist. Daarmee heeft het hof de grondslag van de tenlastelegging verlaten. De Hoge Raad spreekt de verdachte vrij van het bestanddeel ‘gewoonte’, past de kwalificatie aan naar schuldwitwassen en medeplegen daarvan, en wijst de zaak terug voor nieuwe strafoplegging. De overige cassatieklachten worden verworpen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Belastingfraude onder leiding van schijnwerknemer: ondernemer veroordeeld tot 14 maanden cel

Rechtbank Amsterdam 25 september 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7276

De rechtbank veroordeelt een man tot 14 maanden gevangenisstraf voor feitelijke leiding aan belastingfraude. Hij zorgt ervoor dat zijn BV tussen februari 2018 en oktober 2019 ruim 462.000 aan loonheffingen niet afdraagt, ondanks voldoende financiële middelen. Getuigen verklaren dat hij als 'de baas' fungeert, hoewel hij formeel geen bestuurder is. De rechtbank acht bewezen dat hij bewust leiding gaf aan de fraude. Vrijspraak volgt voor deelname aan een criminele organisatie wegens gebrek aan bewijs. De straf blijft binnen het landelijke oriëntatiepunt voor fraude van deze omvang.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Smaad, misbruik en media: juridisch adviseur veroordeeld voor publicitaire aanval

Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7328

De rechtbank veroordeelt een juridisch adviseur voor het verspreiden van smaadlijke uitlatingen van seksueel misbruik via een persbericht en sociale media. De beschuldigingen waren gericht tegen een advocaat en bevatten geen mogelijkheid tot wederhoor. In gerechtelijke procedures werd de beschuldiging herhaald, maar dat viel onder noodzakelijke verdediging. De verdachte wordt ook veroordeeld voor poging tot afdreiging door een brief met dreigende inhoud te sturen in het kader van een privéconflict. Hij krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden, een taakstraf van 160 uur en een uitlatingsverbod. De benadeelde partij ontvangt 10.000 aan immateriële schadevergoeding.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak NAM in omvangrijke milieustrafzaak rond waterinjectie en afvalcodering

Rechtbank Overijssel 16 oktober 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:6116

Verdachte B.V., exploitant van onder meer een gasbehandelingsinstallatie, opslag- en scheidingsfaciliteit en injectielocatie, wordt verweten zonder of in strijd met vergunning gevaarlijke afvalstromen te hebben ontvangen, gemengd en geïnjecteerd.
Het Openbaar Ministerie stelt dat diverse vloeistofstromen, onder meer vanwege kwikgehalte, als gevaarlijk afval onder Euralcode 05.07.01 moeten worden aangemerkt en niet binnen de vergunning passen. De rechtbank volgt, mede op basis van STAB-rapportages, dat vergund samengevoegde waterstromen moeten worden beoordeeld als nieuwe samengestelde stromen en dat gemeten kwikconcentraties onder de grenswaarden voor gevaarlijk afval blijven. Voor meerdere ten laste gelegde transporten ontbreekt bovendien concreet bewijs over de exacte samenstelling, zodat niet kan worden vastgesteld dat sprake is van gevaarlijke of niet-vergunde afvalstromen. De rechtbank spreekt verdachte integraal vrij van alle zes feiten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bedrijfsongeval: wanneer is sprake van voldoende feitelijk toezicht op een werknemer?

Gerechtshof ’s‑Hertogenbosch 3 oktober 2025, ECLI:NL:GHSHE:2025:2820

Een liftmonteur overlijdt bij werkzaamheden in een liftput van een jacht in aanbouw. De werkgever had wel veiligheidsvoorzieningen en instructies, maar had nagelaten om de specifieke risico’s van werken in de liftput schriftelijk vast te leggen in de RI&E. Het hof acht alleen dat onderdeel bewezen en oordeelt dat de werkgever daardoor levensgevaar redelijkerwijs had kunnen voorzien. Voor andere verwijten in de Arbowetgeving en voor dood door schuld volgt vrijspraak. Er was volgens het hof sprake van voldoende feitelijk toezicht op de werknemer. De verdachte krijgt een voorwaardelijke geldboete van 5.000 euro.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Leidinggeven aan belastingfraude: taakstraf na procesafspraken

Rechtbank Amsterdam 19 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7280

De rechtbank veroordeelt een leidinggevende van een B.V. voor het opzettelijk doen van onjuiste btw-aangiften in 2021. Hij geeft feitelijk leiding aan het opgeven van te hoge voorbelasting, waardoor te weinig belasting wordt geheven. De zaak wordt afgedaan via procesafspraken tussen OM en verdediging. Verdachte bekent en ziet af van verweer. De rechtbank legt een taakstraf van 160 uur op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad geeft kader voor termijn instellen rechtsmiddel na verontschuldigbare termijnoverschrijding

Hoge Raad 14 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1523

Als sprake is van een bijzondere, de verdachte niet toe te rekenen, omstandigheid waardoor de verdachte het rechtsmiddel niet tijdig heeft ingesteld, mag van de verdachte worden verlangd dat hij zo spoedig mogelijk alsnog het rechtsmiddel instelt of doet instellen nadat die omstandigheid zich niet meer voordoet. Het alsnog (doen) instellen van het rechtsmiddel binnen de – in strafprocedures gebruikelijke – termijn van veertien dagen nadat de betreffende omstandigheid zich niet meer voordoet, geldt daarbij in elk geval als zo spoedig mogelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^