Bewuste aanvaarding van crimineel salaris leidt tot onherroepelijke veroordeling voor witwassen

Hoge Raad 20 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:76

De verdachte ontving tussen december 2016 en maart 2017 salaris dat afkomstig was uit beleggingsfraude. Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt hem op 5 december 2023 voor witwassen tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand (proeftijd twee jaar) en een taakstraf van 72 uur, subsidiair 36 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Daarnaast legt het hof schadevergoedingsmaatregelen op aan de verdachte ten gunste van de benadeelde partijen. In cassatie klaagt de verdachte over de bewijsvoering, maar de Hoge Raad verwerpt het middel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Cassatie leidt tot herkansing voor buitenlandse vennootschap: verkeerde wettelijke grondslag bij beslagklacht

Hoge Raad 6 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:35

Een Bulgaarse vennootschap diende een klaagschrift ex art. 552a Sv in over een woning die onder een derde in beslag was genomen en later verbeurd verklaard. Het hof wees het klaagschrift ongegrond, maar de verbeurdverklaring werd pas in cassatie onherroepelijk. De Hoge Raad oordeelt dat het klaagschrift daardoor had moeten worden behandeld als een klacht ex art. 552b Sv. Het hof had moeten toetsen of het daartoe bevoegd was en zo niet, de stukken moeten doorzenden. Omdat dit niet is gebeurd, vernietigt de Hoge Raad de beschikking. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof voor verdere behandeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad laat veroordeling De Mos wegens schending geheimhoudingsplicht blijft in standin stand

Hoge Raad 13 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:32

Op 13 januari 2026 heeft de Hoge Raad arrest gewezen in de strafzaak tegen voormalig wethouder van Den Haag Richard de Mos. De uitspraak maakt een einde aan een langlopend traject dat begon met een integrale vrijspraak door de rechtbank, gevolgd door een (kleine) veroordeling in hoger beroep, namelijk enkel voor schending van zijn geheimhoudingsplicht en uiteindelijk nu de bevestiging van die veroordeling in cassatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afstand recht op rechtsbijstand?

Hoge Raad 6 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:15

In een ontnemingszaak heeft het gerechtshof geoordeeld dat de betrokkene afstand heeft gedaan van zijn recht op rechtsbijstand, nadat zijn raadsman zich kort voor de zitting had onttrokken. De oproepingen zijn steeds naar het BRP-adres in Marokko gestuurd, maar de betrokkene is nooit verschenen. Het hof leidde uit de procesopstelling af dat hij op de hoogte was van de zitting en wist van de onttrekking. De Hoge Raad oordeelt dat deze conclusie onvoldoende is gemotiveerd. Passieve opstelling betekent niet automatisch afstand van rechtsbijstand. Het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar het hof Den Haag.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijheid van dienstverrichting versus toezicht op trustdiensten: Hoge Raad bevestigt strafbaarheid bij ontbreken vergunning

Hoge Raad 16 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1877

De verdachte is veroordeeld wegens feitelijk leidinggeven aan trustdiensten zonder vergunning en het doen van onjuiste btw-aangiften. Hij werkte vanuit Nederland samen met een trustkantoor op Cyprus dat niet over een Nederlandse vergunning beschikte. De Hoge Raad oordeelt dat het vergunningvereiste in de Wtt (oud) een gerechtvaardigde beperking vormt van de vrijheid van dienstverrichting. Dat de minister geen staten had aangewezen met vergelijkbaar toezicht doet daar niet aan af. De taakstraf is verlaagd vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen proces-verbaal raadkamer: Hoge Raad vernietigt beschikking rechtbank in beslagzaak eiwittenexport

Hoge Raad 6 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:16

In een beklagzaak over beslag op gegevensdragers, administratie en goederen vanwege verdenking van illegale export van dierlijke eiwitten buiten de EU, klaagt de klager dat er geen proces-verbaal is opgemaakt van het raadkameronderzoek. De Hoge Raad oordeelt dat artikel 25 lid 1 Sv voorschrijft dat zo’n proces-verbaal verplicht is en stelt vast dat dit stuk ontbreekt. Hierdoor is de beslissing van de rechtbank Overijssel ondeugdelijk gemotiveerd. De overige cassatiemiddelen worden onbesproken gelaten. De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor nieuwe behandeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR casseert niet vrijspraak na dodelijk arbeidsongeval op zee: geen werkgeverschap, geen medeplegen

Hoge Raad 16 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1878 en ECLI:NL:HR:2025:1879

De verdachte B.V. is vrijgesproken van medeplegen van een dodelijk arbeidsongeval aan boord van een schip. Het hof oordeelt dat de verdachte niet als ‘werkgever’ in de zin van de Arbowet kan worden aangemerkt. Het slachtoffer werkte onder gezag van de scheepsbeheerder, niet onder dat van de verdachte. De Hoge Raad acht deze motivering juridisch juist en verwerpt het cassatieberoep. Ook het beroep op grondslagverlating faalt: het hof heeft de tenlastelegging niet onjuist uitgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verbod op trustdiensten zonder vergunning geldt ook voor buitenlandse kantoren: Wtt (oud) is EU-rechtelijk houdbaar

Hoge Raad 16 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1877

De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van een man die feitelijke leiding gaf aan trustdiensten vanuit Cyprus zonder vergunning van DNB, in strijd met de Wet toezicht trustkantoren (oud). Volgens de Hoge Raad vormt het vergunningvereiste weliswaar een beperking van het vrije verkeer van diensten, maar is deze gerechtvaardigd vanwege het belang van toezicht op financiële integriteit. Het feit dat geen enkele EU-lidstaat is aangewezen als uitzondering doet daar niet aan af. Het cassatieberoep wordt verworpen. Alleen de taakstraf wordt verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Getuigenverzoek ten onrechte afgewezen: cassatie mogelijk over beslissing op regiezitting, ook zonder herhaald verzoek na hervatting onderzoek

Hoge Raad 16 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1924

De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte een getuigenverzoek heeft afgewezen, terwijl de verdediging de belastende getuigen niet heeft kunnen ondervragen. Het hof heeft bovendien niet gemotiveerd waarom de procedure desondanks voldeed aan artikel 6 EVRM. De cassatieklacht slaagt daarom. Volgens de Hoge Raad kan op grond van artikel 322 lid 4 Sv in cassatie worden geklaagd over een afwijzing op een eerdere regiezitting, ook als het onderzoek later opnieuw is aangevangen en het verzoek niet is herhaald. In sommige gevallen ontbreekt het belang bij zo’n klacht, maar daarvan is hier geen sprake. Het arrest van het hof wordt gedeeltelijk vernietigd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Grootschalige belastingfraude: Hof motiveert benadelingsbedrag ontoereikend bij deels vrijgesproken tenlastegelegde feiten

Hoge Raad 25 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1785

De Hoge Raad oordeelt dat het hof de strafoplegging ondeugdelijk heeft gemotiveerd. Het hof ging uit van een benadelingsbedrag van ruim € 400.000, maar maakte niet inzichtelijk waarop dit bedrag is gebaseerd. De berekening van de Belastingdienst lijkt mede te zien op feiten waarvoor de verdachte is vrijgesproken. De rechter mag bij straftoemeting geen rekening houden met niet-bewezenverklaarde gedragingen. Het oordeel is daarom niet zonder meer begrijpelijk. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor een nieuwe beoordeling van de straf.

Read More
Print Friendly and PDF ^