Getuigenverklaring zonder ondervraging toch bruikbaar: Hoge Raad bevestigt ruime compensatiemogelijkheden na Keskin

Hoge Raad 10 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:220

De verdachte is veroordeeld voor medeplegen van mensenhandel van een minderjarige op grond van artikel 273f lid 1 onder 2°, 3°, 5° en 9° Sr en krijgt negentien maanden gevangenisstraf. De aangeefster kan door de verdediging niet worden ondervraagd omdat zij onvindbaar is, terwijl haar verklaring beslissend is voor het bewijs. Het hof oordeelt dat voldoende compenserende factoren bestaan, waaronder kritisch politieverhoor, steunbewijs uit telecomgegevens en het horen van ouders en voogd. Volgens de Hoge Raad heeft het hof de betrouwbaarheid van haar verklaring zorgvuldig onderzocht in samenhang met het overige bewijs. Het oordeel dat het proces als geheel eerlijk is verlopen is juridisch juist en toereikend gemotiveerd. Wel wordt de straf verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Horen van getuigen door senior gerechtsjuristen

De afgelopen decennia heeft de Nederlandse rechterlijke organisatie een behoorlijke ontwikkeling doorgemaakt. Het streven naar een efficiënte en effectieve behandeling van zaken heeft geleid tot de introductie van nieuwe professionals, die rechters in hun rechterlijke werk ondersteunen. Het betreft de (senior) gerechtsjuristen. Zulke ondersteuners zijn, zo schreef bijvoorbeeld de European Commission for the Efficiency of Justice (CEPEJ), inmiddels in vrijwel alle landen essentieel voor het goed functioneren van de Rechtspraak. Ook op het terrein van het bijzonder strafrecht zijn gerechtsjuristen werkzaam.Gerechtsjuristen werken meestal in stilte achter de schermen. Veelzeggend over hoe er over de samenwerking tussen hen en rechters wordt gedacht, is de titel van het proefschrift van Holvast: In the shadow of the judge. Maar die beeldspraak doet aan de realiteit eigenlijk geen recht. Holvasts empirisch onderzoek over de betrokkenheid bij en invloed op de straf- en bestuursrechtspraak – en dat van anderen en mijzelf – laat namelijk zien dat gerechtsjuristen op allerlei manieren en in groten getale bij het rechterlijk proces betrokken zijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: Onleesbaar gemaakte getuigenverklaringen door OM niet zonder toetsing toegestaan

Hoge Raad 3 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:155

De Hoge Raad vernietigt een hofuitspraak omdat gebruik is gemaakt van getuigenverklaringen waarvan delen op verzoek van de officier van justitie zijn weggelakt. De officier heeft daartoe niet zelfstandig de bevoegdheid; alleen met machtiging van de rechter-commissaris mag informatie worden afgeschermd. Het hof oordeelde ten onrechte dat de weggelakte passages niet relevant waren, zonder zelf kennis daarvan te kunnen nemen. Het hof heeft daardoor het wettelijk systeem voor de omgang met processtukken miskend. De veroordeling voor het betreffende feit en de strafoplegging worden vernietigd. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor een nieuwe beoordeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ondervraging van belastende getuigen: van een 75-jarige EVRM-norm naar een piepjonge jurisprudentiële norm in het Unierecht

Het recht van de verdachte om belastende getuigen te ondervragen is expliciet neergelegd in artikel 6 lid 3 onder d Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) en maakt tevens deel uit van het algemenere recht op een fair hearing zoals vervat in artikel 6 lid 1 EVRM. In de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is dit ondervragingsrecht verder ontwikkeld, in het bijzonder door de richtinggevende uitspraken van de Grote Kamer in de zaken Al-Khawaja en Tahery en Schatschaschwili. De Hoge Raad heeft zijn rechtspraak over dit thema verschillende keren aangepast naar aanleiding van de zich ontwikkelende rechtspraak van het EHRM, meest recent naar aanleiding van de Straatsburgse ‘veroordeling’ van Nederland in de zaak Keskin. Ook in aanhangige wetgeving is de Straatsburgse invloed op dit terrein waarneembaar. In artikel 4.3.11 lid 1 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt een bewijsregel opgenomen die aansluit bij de uitgangspunten die het EHRM hanteert: het bewijs dat de verdachte het feit heeft begaan, kan niet in beslissende mate steunen op mededelingen van een persoon die de verdachte niet heeft kunnen ondervragen, tenzij het recht op een eerlijk proces daardoor niet wordt geschonden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Getuigenverzoek ten onrechte afgewezen: cassatie mogelijk over beslissing op regiezitting, ook zonder herhaald verzoek na hervatting onderzoek

Hoge Raad 16 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1924

De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte een getuigenverzoek heeft afgewezen, terwijl de verdediging de belastende getuigen niet heeft kunnen ondervragen. Het hof heeft bovendien niet gemotiveerd waarom de procedure desondanks voldeed aan artikel 6 EVRM. De cassatieklacht slaagt daarom. Volgens de Hoge Raad kan op grond van artikel 322 lid 4 Sv in cassatie worden geklaagd over een afwijzing op een eerdere regiezitting, ook als het onderzoek later opnieuw is aangevangen en het verzoek niet is herhaald. In sommige gevallen ontbreekt het belang bij zo’n klacht, maar daarvan is hier geen sprake. Het arrest van het hof wordt gedeeltelijk vernietigd.

Read More
Print Friendly and PDF ^