Kunnen door beleggers ingelegde gelden als rechtstreekse schade worden aangemerkt?
/Hoge Raad 20 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:78
De verdachte wordt veroordeeld voor het witwassen van haar salaris, dat afkomstig is uit oplichting door ondernemingen waarvoor zij werkte. Het gerechtshof achtte haar mede aansprakelijk voor de schade van drie beleggers en kende ruim €59.000 aan vorderingen toe. De Hoge Raad oordeelt echter dat niet is vastgesteld dat het door haar witgewassen bedrag samenhangt met de ingelegde gelden van deze beleggers. De enkele bekendheid met de herkomst van het geld en haar werkzaamheden voor de bedrijven is daarvoor onvoldoende. Daardoor ontbreekt civielrechtelijke aansprakelijkheid en kan de schadevergoedingsmaatregel niet in stand blijven. De Hoge Raad vernietigt het arrest op dit punt en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam.
Read More