Artikel: Schadevergoeding als publieke genoegdoening

De schadevergoedingsmaatregel is een niet meer weg te denken onderdeel van de Nederlandse strafprocedure. Deze maatregel, neergelegd in artikel 36f Wetboek van Strafrecht (Sr), kan door de strafrechter worden opgelegd aan de veroordeelde en betreft de verplichting tot betaling van een geldsom aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer of de benadeelde partij. De populariteit van deze maatregel illustreert het feit dat slachtoffers van strafbare feiten binnen de kaders van het strafproces in de afgelopen decennia steeds meer gezien en gehoord worden. Terwijl bij het slachtofferspreekrecht de nadruk ligt op het immateriële belang van slachtoffers om in de rechtszaal te worden gehoord, faciliteert de schadevergoedingsmaatregel het schadeverhaal op de veroordeelde dader, waarbij civielrechtelijke hindernissen ten behoeve van het slachtoffer zijn weggenomen. Daarbij geldt dat in het bijzonder de inning, de kosten daarvan en, via de aan de maatregel verbonden voorschot­regeling, de risico’s van een insolvabele schuldenaar geheel (of grotendeels) zijn overgenomen door de Staat. Voorts geldt dat de schuld die voortvloeit uit de schadevergoedingsmaatregel niet kan worden gegratieerd of kwijtgescholden, ook niet in het kader van een schuldsaneringstraject.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Duitsland verviervoudigt maximumboete voor ondernemingen en codificeert straftoemetingscriteria

De Duitse ministerraad heeft een wetsontwerp aangenomen dat de maximumboete voor ondernemingen verviervoudigt: van tien naar veertig miljoen euro bij opzet, en van vijf naar twintig miljoen euro bij onachtzaamheid. Aanleiding is de implementatie van de Europese milieurichtlijn (EU) 2024/1203, maar Duitsland gaat verder dan de richtlijn vereist en past de verhoging toe op alle delicten, dus ook fraude, corruptie en witwassen. Daarnaast worden voor het eerst de criteria voor de straftoemeting van de ondernemingsboete wettelijk vastgelegd: de ernst van het feit, het verwijt aan de onderneming en haar economische omstandigheden. Het Duitse stelsel blijft formeel bestuursrechtelijk, want Duitsland kent geen volwaardig ondernemingsstrafrecht zoals Nederland dat heeft via artikel 51 Sr. Voor Nederlandse ondernemingen met activiteiten in Duitsland, en hun adviseurs, verschuift het sanctiekader hierdoor aanzienlijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verdachte aangehouden in onderzoek naar belastingfraude

In een strafrechtelijk onderzoek naar belastingfraude heeft de FIOD op 11 mei 2026 een man aangehouden. Het gaat om een 29-jarige man uit Eindhoven. Een tweede verdachte, een 38-jarige man uit Delft is op dinsdag 12 mei verhoord. Beiden worden verdacht van betrokkenheid bij belastingfraude. Een bedrijfspand is doorzocht en daarbij is beslag gelegd op digitale administratie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

ILT-IOD onderschept vrachtwagen in onderzoek naar illegaal storten gevaarlijk afval

In april heeft de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT-IOD) een vrachtwagen onderschept in het kader van een opsporingsonderzoek naar het vermoeden van illegaal storten van gevaarlijk afval. De vrachtwagen was onderweg van het zuiden van Nederland naar België om daar waarschijnlijk zonder vergunning metaalhoudend afval te dumpen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EOM-onderzoek in Duitsland: doorzoekingen en €18 miljoen beslag in vermeende btw-carrousel met Nederlandse schakel

Het Europees Openbaar Ministerie liet op 12 mei 2026 acht doorzoekingen uitvoeren in Saarland en Saksen en hield één verdachte aan in een onderzoek naar een vermeende btw-carrouselfraude van €18 miljoen via de handel in kleine elektronica. Het EOM legde voor hetzelfde bedrag beslag en stelt dat het onderzochte bedrijf tussen 2019 en 2023 onverschuldigd btw-teruggaven zou hebben geclaimd. De fraudeketen zou zich hebben uitgestrekt over Duitsland, Italië, Nederland, Portugal en Slowakije, waarbij Nederlandse missing traders en Duitse bufferondernemingen een rol zouden hebben gespeeld. Bevoegdheidsgrondslag is artikel 22 Verordening (EU) 2017/1939 jo. de PIF-richtlijn, die het EOM bevoegd maakt bij grensoverschrijdende btw-fraude boven €10 miljoen. Voor de Nederlandse praktijk is relevant dat een vervolg in Nederland (op grond van artikel 69 AWR en mogelijk artikel 225 en 140 Sr) niet is uit te sluiten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Efficiënte genoegdoening of obstakel?

Het strafproces draait allang niet meer alleen om de berechting van de verdachte. Waar het slachtoffer aanvankelijk lange tijd is genegeerd als volwaardig procesdeelnemer en geen proces­positie toebedeeld had gekregen in de wettelijke regeling of de zittingszaal, is in de afgelopen decennia intensief vorm en inhoud gegeven aan diens strafvorderlijke emancipatie. Dit heeft ertoe geleid dat het slachtoffer weliswaar meer bescherming krijgt in het strafproces en meer gelegenheid heeft van zich te laten horen om de loop en uitkomst van het strafproces te beïnvloeden, maar ook dat het strafproces als zodanig niet eenvoudiger of doelmatiger is geworden en zelfs niet altijd soelaas biedt voor de genoegdoening en schadecompensatie aan het slachtoffer. Er zijn veel praktische obstakels die de ­effectuering van slachtofferrechten in het strafproces bemoeilijken en voor alle procesdeelnemers – rechter, officier van justitie, verdediging én slachtoffer – nadelige gevolgen met zich brengen. Wellicht dat dit voortvloeit uit een onmatigheid in het denken over slachtofferemancipatie: nog voordat nieuwe voorzieningen ten behoeve van het slachtoffer hun beslag hebben ge­kregen, worden andere gecreëerd om die positie nog verder te verbeteren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Rechtbank Amsterdam past HR-kader toe en wijst alle getuigenverzoeken af in ontnemingszaken Delos

Rechtbank Amsterdam 3 april 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:3799 en ECLI:NL:RBAMS:2026:3800

De rechtbank Amsterdam wijst op 3 april 2026 in twee parallelle ontnemingsprocedures uit het onderzoek Delos alle getuigenverzoeken integraal af. Onder toepassing van het door de Hoge Raad ontwikkelde kader (HR:2010:BK3424, HR:2021:1749 en HR:2022:147) stelt de rechtbank vast dat de toewijzing van getuigen in het hoger beroep van de strafzaak niet zonder meer meebrengt dat dezelfde getuigen in de ontneming moeten worden gehoord. De verdediging moet concreet onderbouwen welke onderdelen van de ontnemingsrapportage de getuige kan raken en hoe diens verklaring de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel kan beïnvloeden. Bij gebreke van die specifieke onderbouwing worden zowel de drugs- als de witwasgerelateerde verzoeken afgewezen. Het voorwaardelijk aanhoudingsverzoek van de waarnemend raadsvrouw wijst de rechtbank eveneens af.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Correctie op samenvatting ontnemingszaken Delos

In een eerder gepubliceerde samenvatting van de uitspraken Rechtbank Amsterdam 3 april 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:3799 en ECLI:NL:RBAMS:2026:3800) is vermeld dat de rechtbank een eigen beoordelingskader voor getuigenverzoeken in ontnemingsprocedures zou formuleren. Die weergave is onjuist. De rechtbank ontwikkelt geen nieuw of aangescherpt kader, maar past het bestaande, door de Hoge Raad ontwikkelde toetsingskader voor getuigenverzoeken in ontnemingsprocedures toe, met expliciete verwijzing naar HR:2010:BK3424, HR:2021:1749 en HR:2022:147.

Read More
,
Print Friendly and PDF ^

Van "geen reactie" naar "indirect antwoord": de positionering van de Europese anti-corruptietaskforce na de FCPA-pauze

Voormalig PNF-chef Jean-François Bohnert noemde in een GIR-interview van 8 mei 2026 de in maart 2025 opgerichte International Anti-Corruption Prosecutorial Taskforce een "indirect answer" op de Amerikaanse FCPA-pauze. Dat is een opvallende nuance, want bij de aankondiging stelde SFO-directeur Ephgrave nadrukkelijk dat het initiatief géén reactie op de FCPA-pauze was. De taskforce, een samenwerking tussen SFO, PNF en de Zwitserse OAG, ontstond ruim een maand na Trumps Executive Order 14209 die FCPA-handhaving voor 180 dagen opschortte. Onder de herziene FCPA-richtsnoeren van juni 2025 hanteert het DOJ duidelijk versmalde prioriteiten, gericht op Amerikaanse belangen en kartel-/TCO-gerelateerde zaken. Voor de Europese praktijk betekent dit dat ondernemingen met activiteiten in het VK, Frankrijk of Zwitserland zich niet langer uitsluitend op FCPA-normen kunnen verlaten, terwijl aansluiting van andere "like-minded agencies" zoals het Nederlandse OM of de FIOD nog openstaat.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Jaarbericht Openbaar Ministerie 2025: milieu boven fraude en de strafbeschikking verdringt de transactie

Het OM Jaarbericht 2025 laat vier opvallende bewegingen zien: de FP-uitspraken in ondermijningszaken voor het aandachtsgebied fraude zijn in vijf jaar tijd meer dan gehalveerd (van 326 naar 132), terwijl milieu structureel doorgroeit naar 109 en voor het eerst een aparte categorie 'criminele geldstromen' verschijnt. Witwassen zit weer in beweging, vooral via de arrondissementsparketten (168 naar 186) en in mindere mate via het Landelijk Parket (26 naar 24). De grootste verschuiving zit echter in de afdoeningsmodaliteiten: nul hoge transacties via de Toetsingscommissie, de transactie als zelfstandige route gedaald tot een historisch dieptepunt van 700, terwijl het OM tegelijkertijd de zwaarste fraudezaak van het jaar (Morgan Stanley, 101 miljoen euro voor dividendstripping) via twee OM-strafbeschikkingen afdoet en sinds februari 2025 een tijdelijke instructie geldt om vermogensdelicten standaard via strafbeschikking af te handelen. Het ontnemen daalde verder in aantal vorderingen (van 990 naar 780) maar leverde fors meer op: de incasso steeg van 99 naar 170 miljoen euro en het beslag van 410 naar 443 miljoen euro. Per saldo tekent zich een stille verschuiving af van transactie naar strafbeschikking als modaliteit voor zware zaken, met andere waarborgen, andere transparantie en een uitgeschakelde rol voor de Toetsingscommissie Hoge Transacties.

Read More
Print Friendly and PDF ^