Vrijspraak van beroepsmatige fraude met online handel bij gebrek aan bewijs van eigen uitvoeringshandelingen; veroordeling voor medeplegen van witwassen via ter beschikking gestelde bankrekeningen

Rechtbank Gelderland 13 augustus 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:6701

De rechtbank Gelderland spreekt een in 1998 geboren man vrij van het beroepsmatig plegen van fraude met online handel via twee webwinkels waar voornamelijk barbecues zijn besteld, betaald en niet geleverd. Het geld van 37 aangevers, in totaal € 8.812,31, komt via betaaldiensten terecht op bankrekeningen op naam van de verdachte, maar het dossier bevat geen uitvoeringshandelingen van de verdachte zelf en er is geen deelnemingsvorm ten laste gelegd. De rechtbank veroordeelt de verdachte wel voor het medeplegen van witwassen van dit bedrag, omdat hij zijn identiteitsgegevens, DigiD en bankinloggegevens aan een medeverdachte heeft gegeven, met hem bedrijven op zijn naam heeft opgericht en daarvoor geld heeft ontvangen. Het door het Openbaar Ministerie gestelde witwassen van € 360.957 acht de rechtbank niet bewezen, omdat een criminele herkomst van dat geld niet is onderbouwd. De rechtbank legt een taakstraf van 90 uur op en een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand met een proeftijd van drie jaar, na verdiscontering van een overschrijding van de redelijke termijn. De 29 benadeelde partijen worden niet-ontvankelijk verklaard omdat hun schade voortvloeit uit het feit waarvan de verdachte wordt vrijgesproken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vijf veroordelingen in onderzoek 03Kaan voor handel in professioneel vuurwerk vanuit Duitse opslaglocaties, waaronder een afdoening van 40 maanden gevangenisstraf via procesafspraken

Rechtbank Amsterdam 14 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:9178, ECLI:NL:RBAMS:2026:9180, ECLI:NL:RBAMS:2026:9182, ECLI:NL:RBAMS:2026:9187 en ECLI:NL:RBAMS:2026:9189

De rechtbank Amsterdam veroordeelt in het onderzoek 03Kaan vijf verdachten voor deelname aan een criminele organisatie die van 2020 tot medio 2022 grootschalig professioneel vuurwerk inkocht, opsloeg in Duitse bunkers en loodsen en aan Nederlandse particulieren leverde. Drie verdachten worden als leider aangemerkt, twee als deelnemer. Daarnaast bewijst de rechtbank per verdachte het medeplegen van het voorhanden hebben en opslaan van professioneel vuurwerk op opslaglocaties in Wietmarschen, Dülmen, Hamminkeln en Kevelaer. Eén verdachte wordt ook veroordeeld voor het verkopen van zelf vervaardigde cobras 6 waarvan het schadelijke karakter is verzwegen. In één zaak volgt de rechtbank het afdoeningsvoorstel uit procesafspraken tussen het Openbaar Ministerie en de verdediging. De gevangenisstraffen lopen uiteen van twaalf tot 42 maanden, telkens met aftrek van voorarrest en met verdiscontering van een overschrijding van de redelijke termijn van ongeveer twee jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van medeplegen bij de belastingfraude, veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan valse vleesfacturen en vrachtbrieven ten behoeve van factoring en aan onjuiste aangiften omzetbelasting

Rechtbank Oost-Brabant 14 september 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:6600

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt een verdachte in het onderzoek Illminster voor feitelijk leidinggeven aan valsheid in geschrift en aan het opzettelijk doen van onjuiste kwartaalaangiften omzetbelasting door een rechtspersoon. Het bedrijf factureert in 2019 grote partijen vlees aan twee tussenschakels, die het vlees op papier doorverkopen aan een vierde onderneming, waarna het bedrijf het tegen een hogere prijs terugkoopt. In werkelijkheid wordt geen vlees geleverd; de facturen dienen om via factormaatschappijen betaald te krijgen. De onjuiste facturen zijn ook verwerkt in de aangiften omzetbelasting, waardoor de Belastingdienst € 237.904,54 misloopt. De rechtbank stelt vast dat de verdachte feitelijk de leiding had, ook al treedt hij pas in 2020 formeel als directeur aan. Wegens overschrijding van de redelijke termijn en de ouderdom van de feiten volgt een taakstraf van 180 uur in plaats van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan het niet doen van aangiften vennootschapsbelasting en het onjuist doen van aangiften omzetbelasting; gedeeltelijke vrijspraak

Rechtbank Amsterdam 3 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:8778

De rechtbank Amsterdam veroordeelt een bestuurder tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 10.000 wegens feitelijk leidinggeven aan belastingfraude door zijn besloten vennootschap. De vennootschap doet over de jaren 2017, 2018 en 2019 geen aangifte vennootschapsbelasting en doet over vier kwartalen in 2018 en 2019 onjuiste aangiften omzetbelasting door een te hoog bedrag aan aftrekbare voorbelasting op te geven. Voor de aangifte vennootschapsbelasting over 2020 volgt vrijspraak, omdat de termijn van de aanmaning pas na het einde van de tenlastegelegde periode verstrijkt. Het verweer dat het niet doen van aangifte over 2018 wegens een negatief fiscaal resultaat niet strekt tot een te lage heffing, verwerpt de rechtbank onder verwijzing naar het objectieve karakter van het strekkingsvereiste. Het belastingnadeel bedraagt bijna € 30.000 en is inmiddels door de verdachte voldaan. De rechtbank wijkt af van de gevorderde taakstraf van 80 uren en kiest voor een geldboete, mede gelet op het herstel van het nadeel en het grote tijdsverloop.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van een rechtspersoon voor medeplegen van witwassen van vastgoed via een loan-back-constructie met buitenlandse vennootschappen

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 16 juli 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:6492

De rechtbank veroordeelt een Bosnische vennootschap voor het medeplegen van witwassen van vijf panden in Nederland en de daarvoor gebruikte bedragen van in totaal € 1.640.000. De aankopen worden gefinancierd door een Belgische en een Sloveense onderneming, waarbij de rechtbank een loan-back-constructie aanneemt met de vertegenwoordiger als spil. Omdat een concreet gronddelict ontbreekt, past de rechtbank het in de jurisprudentie ontwikkelde zes-stappenplan voor witwassen toe. De rechtbank oordeelt dat de geldleningsovereenkomsten en een minnelijke overeenkomst valselijk zijn opgemaakt en dat WhatsApp-gesprekken op een geldstroom vanuit de vertegenwoordiger wijzen. De gedragingen worden op grond van artikel 51 Sr en het Drijfmest-arrest aan de rechtspersoon toegerekend. De rechtbank legt een geldboete van € 36.000 op, verlaagd wegens overschrijding van de redelijke termijn, en verklaart de drie registergoederen verbeurd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor medeplegen van computervredebreuk, oplichting en diefstal met valse sleutels bij bankfraude, met constatering van een vormverzuim zonder rechtsgevolg

Gerechtshof Den Haag 26 augustus 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:2745

Het gerechtshof Den Haag veroordeelt een in 1995 geboren verdachte in hoger beroep voor het in vereniging plegen van computervredebreuk, oplichting en diefstal met valse sleutels rond rekeningen bij Robeco, en voor het verwerven en voorhanden hebben van bots via Genesis Market. Het hof stelt een onherstelbaar vormverzuim vast omdat voorafgaand aan het onderzoek van inbeslaggenomen gegevensdragers geen toestemming van de rechter-commissaris is verleend, maar verbindt daaraan geen rechtsgevolg omdat de verdachte onvoldoende in zijn persoonlijke belangen is geschaad. Het hof oordeelt dat de oplichting van de bank en de diefstal met valse sleutels van het geld van rekeninghouders naast elkaar bewezen kunnen worden verklaard indien uit de oplichting het bewegen tot afgifte van geldbedragen wordt weggestreept. Ten aanzien van feit 3, waarvoor de rechtbank ontslag van alle rechtsvervolging uitsprak, oordeelt het hof dat de bewezenverklaarde handelingen wél strafbaar zijn en kwalificeert deze als overtreding van artikel 234 Sr. De verdachte krijgt een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 8 voorwaardelijk, met matiging wegens overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg. Het hof wijst de vorderingen van twee benadeelde partijen deels toe en legt de schadevergoedingsmaatregel op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van twee echtgenoten voor het opzettelijk medeplegen van de invoer van 232 beschermde papegaaieneieren, zonder aansluiting bij de LOVS-oriëntatiepunten voor fraude

De rechtbank Amsterdam veroordeelt twee echtgenoten die op 24 maart 2026 op Schiphol 232 papegaaieneieren van beschermde soorten uit Nicaragua binnenbrengen zonder invoervergunning en zonder de zending aan te bieden voor officiële controle. De eieren, waaronder die van de Buffons ara en de geelnekamazone, vallen onder het Cites-verdrag en de bijlagen A en B van Basisverordening (EG) nr. 338/97. De rechtbank acht bij beide verdachten medeplegen van overtreding van de Omgevingswet en de Wet Dieren bewezen, telkens opzettelijk begaan. Anders dan de officier van justitie sluit de rechtbank niet aan bij de LOVS-oriëntatiepunten voor fraude, omdat de waarde van de zending onbekend is. De officier van justitie eist tegen de man achttien maanden en tegen de vrouw vierentwintig maanden gevangenisstraf. De rechtbank legt beiden een gevangenisstraf van 270 dagen op, waarvan 170 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, en verklaart de in beslag genomen telefoons verbeurd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van feitelijk leidinggeven aan niet-ambtelijke omkoping en valsheid in geschrift omdat aan de facturen werkelijke werkzaamheden ten grondslag liggen

Rechtbank Rotterdam 24 augustus 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:10768

De rechtbank Rotterdam spreekt een bestuurder vrij van feitelijk leidinggeven aan niet-ambtelijke omkoping en valsheid in geschrift. De verdachte en zijn medeverdachte zetten via hun logistieke onderneming een bestaande constructie voort waarbij opslagkosten aan een opdrachtgever worden gefactureerd en één op één worden doorbetaald aan de privéondernemingen van een leidinggevende van die opdrachtgever. Volgens het Openbaar Ministerie vloeien deze bedragen terug als gift, omdat daar geen werkzaamheden tegenover staan. De rechtbank stelt vast dat de leidinggevende wel degelijk werkzaamheden verricht, dat bemiddeling en het doorfactureren daarvan in de logistieke sector niet ongebruikelijk zijn, en dat niet blijkt dat de verdachte opzet heeft op een gift of dat de leidinggevende in strijd met zijn plicht handelt. Omdat aan de facturen daadwerkelijk diensten ten grondslag liggen, kan evenmin worden vastgesteld dat de facturen vals zijn. Het Openbaar Ministerie is ontvankelijk in de vervolging, omdat de rechtbank de aangevoerde vormverzuimen verwerpt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van rechtspersoon tot geldboete voor overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet en dood door schuld na dodelijke val van een dak

Rechtbank Oost-Brabant 23 juli 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:5395

De rechtbank veroordeelt een onderneming die zonnepanelen plaatst tot een geldboete van € 50.000 voor overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet en voor dood door schuld, nadat een van haar werknemers op 31 januari 2025 in Rijsbergen van een plat dak van 7,2 meter is gevallen en is overleden. Het slachtoffer plaatst die dag samen met de hoofdmonteur zonnepanelen op dat dak, zonder dat op de locatie enige vorm van valbeveiliging aanwezig of gebruikt is. De rechtbank stelt vast dat de verdachte de risico's van het werken op een plat dak op hoogte niet in een risico-inventarisatie en -evaluatie heeft vastgelegd, de werknemers niet doeltreffend heeft ingelicht en geen toezicht heeft gehouden op het project. In dat nalaten ligt volgens de rechtbank het opzet op de overtreding van artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet besloten, en uit hetzelfde nalaten volgt de aanmerkelijke schuld aan de dood van het slachtoffer. De gedragingen worden aan de verdachte als rechtspersoon toegerekend omdat zij hebben plaatsgevonden in de sfeer van de onderneming. Anders dan de officier van justitie legt de rechtbank geen voorwaardelijk strafdeel op, omdat de verdachte verantwoordelijkheid heeft genomen en maatregelen heeft getroffen om herhaling te voorkomen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Tussenbeslissing op beklag ex artikel 552a Sv over conservatoir anderbeslag; rechtbank heropent onderzoek om te beoordelen of sprake is van een schijnconstructie ex artikel 94a lid 4 Sv

Rechtbank Amsterdam 14 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:7198

De rechtbank Amsterdam beslist op een klaagschrift ex artikel 552a Sv van de erven van een overleden persoon onder wie in het onderzoek Offside conservatoir anderbeslag ex artikel 94a lid 4 Sv is gelegd op een vordering en op banksaldi. Het beslag strekt tot bewaring van het verhaal voor een aan een hoofdverdachte op te leggen ontnemingsmaatregel van ruim 26 miljoen euro. De advocaat van de klagers betoogt dat de rechtbank niet langer kan volstaan met de marginale toets uit 2018 aan de hand van enkele aanwijzingen, maar nu ten volle moet vaststellen of sprake is van een schijnconstructie met het doel verhaalsfrustratie. Het Openbaar Ministerie stelt zich op het standpunt dat het beslag rechtmatig is en dat het overlijden van de beslagene aan de gestelde schijnconstructie niets verandert. De rechtbank oordeelt dat zij zonder de zaaksdossiers over het hotel en over de deelname aan een criminele organisatie niet kan beoordelen of de situatie van artikel 94a lid 4 of lid 5 Sv zich voordoet en of de beslagene te kwader trouw was. Zij heropent daarom het onderzoek in raadkamer, draagt het Openbaar Ministerie op het dossier aan te vullen en houdt iedere verdere beslissing aan.

Read More
Print Friendly and PDF ^