Penningmeester verduistert van tennisvereniging voor gokverslaving: geen verduistering in dienstbetrekking omdat een bestuurder niet in een gezagsverhouding tot de vereniging staat

Rechtbank Oost-Brabant 22 mei 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3523

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt op 22 mei 2026 een voormalig penningmeester van een tennisvereniging in Vught voor verduistering van ruim 454.000 euro. De verdachte gebruikte het verenigingsgeld gedurende anderhalf jaar voor zijn gok- en cryptoverslaving en bekende uiteindelijk uit eigen beweging. De rechtbank spreekt hem partieel vrij van het onderdeel "uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking", omdat een bestuurder niet in een gezagsverhouding tot de vereniging staat. Ondanks het aanzienlijke benadelingsbedrag ziet de rechtbank af van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf vanwege de persoonlijke omstandigheden en de inmiddels in remissie zijnde verslaving. De opgelegde straf bestaat uit een taakstraf van 240 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden. De benadeelde tennisvereniging wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering omdat zij al over een civielrechtelijk vonnis beschikt en de strafrechter niet treedt in het oordeel van de WSNP-rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen voorwaardelijk opzet op witwassen ondanks aanmerkelijke kans: hof spreekt geldezel vrij wegens contra-indicaties

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 16 april 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:3395

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden spreekt op 16 april 2026 een verdachte vrij van het medeplegen en de medeplichtigheid aan witwassen van ongeveer € 9.316. De verdachte stelt zijn bankpas, pincode en inloggegevens ter beschikking aan een goede vriendin voor het storten van een geldbedrag. Hoewel naar het oordeel van het hof een aanmerkelijke kans op witwassen bestaat, heeft de verdachte deze kans niet bewust aanvaard. Doorslaggevend zijn de aanwezige contra-indicaties: de jarenlange vriendschap, het wederzijdse vertrouwen en de controlevragen die de verdachte vooraf stelt. Het hof past het leerstuk van het voorwaardelijk opzet toe en onderscheidt de bewuste aanvaarding van de bewuste schuld. De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding van € 9.315,04.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van feitelijk leidinggever voor het jarenlang negeren van een stilleggingsbevel en het niet treffen van maatregelen ter voorkoming van zware ongevallen bij een BRZO-bedrijf

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 1 mei 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:1194

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeelt een 83-jarige bestuurder als feitelijk leidinggever voor overtredingen van veiligheidsvoorschriften die voor zijn onderneming als BRZO-bedrijf golden. De onderneming negeert jarenlang een bevel tot stillegging van de Inspectie SZW dat afvul- en overslagwerkzaamheden met explosiegevaarlijke stoffen in productiehal P1 verbiedt. Daarnaast treft de onderneming opzettelijk niet alle maatregelen die nodig zijn om zware ongevallen te voorkomen, onder meer door het gebruik van niet-explosieveilige apparatuur en het achterwege laten van een vereiste Management of Change-procedure. Het hof verwerpt de verweren dat het stilleggingsbevel onbevoegd is gegeven en dat de gevolgde werkwijze elk explosiegevaar uitsloot. De verdachte wordt als feitelijk leidinggever en niet als medepleger aangemerkt en partieel vrijgesproken van het onderdeel over de voorlichting van productiemedewerkers. Het hof legt een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden met een proeftijd van twee jaren op, alsmede een taakstraf van 180 uren subsidiair 90 dagen hechtenis.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof: Voorhanden hebben van valse geschriften valt buiten vervolgingsuitsluitingsgrond artikel 69 lid 4 AWR

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 27 mei 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:3362

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat het enkel voorhanden hebben van valse of vervalste geschriften niet binnen de reikwijdte van de vervolgingsuitsluitingsgrond van artikel 69, vierde lid AWR valt. Anders dan de rechtbank Overijssel acht het hof het Openbaar Ministerie daarom ontvankelijk in de vervolging van het onder 1 primair tenlastegelegde. De verdachte heeft 26 deels valse facturen voorhanden gehad, terwijl hij wist dat deze waren bestemd om als echt en onvervalst te gebruiken. Het hof verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in het hoger beroep ten aanzien van feit 2 wegens het ontbreken van bezwaren. Met toepassing van artikel 423, vierde lid Sv bepaalt het hof voor het onder 2 bewezenverklaarde feit een taakstraf van 80 uren. Mede vanwege de aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn legt het hof voor feit 1 een taakstraf van 20 uren op, te vervangen door 10 dagen hechtenis.

Read More
Print Friendly and PDF ^

CBb schrapt Nederlandse boete voor Volkswagen in dieselschandaal

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft op 2 juni in hoger beroep geoordeeld dat de Autoriteit Consument & Markt (ACM) ten onrechte een boete van 450 duizend euro heeft opgelegd aan de in Duitsland gevestigde autofabrikant Volkswagen AG (VW). De ACM heeft deze bestuurlijke boete aan VW opgelegd wegens overtreding van de Wet handhaving consumentenbescherming (Whc). Volgens het CBb heeft de ACM de boete opgelegd in strijd met het ne bis in idem-beginsel. Dat beginsel houdt in dat niemand opnieuw mag worden berecht of gestraft voor een strafbaar feit waarvoor hij in de Europese Unie (EU) al onherroepelijk is vrijgesproken of veroordeeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Profijtontneming na structurele onderbetaling van uitzendkrachten: hof betrekt schaduwadministratie en soortgelijke feiten bij schatting van het voordeel

Gerechtshof Den Haag 11 juni 2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:2943

Het gerechtshof Den Haag stelt op 11 juni 2024 in hoger beroep het wederrechtelijk verkregen voordeel van een betrokkene vast op € 258.710,95 na een veroordeling wegens feitelijk leidinggeven aan valsheid in geschrift door een rechtspersoon. De betrokkene drijft een uitzendbureau dat aan werknemers met Oost-Europese namen een nettoloon betaalt dat lager is dan het wettelijk minimumloon, waarbij het verschil via de onderneming aan hemzelf toekomt. Het hof baseert de schatting op het verschil tussen het uitbetaalde nettoloon en het wettelijk minimumloon in de periode van 2014 tot en met oktober 2016. Naast de bewezen verklaarde feiten betrekt het hof ook andere soortgelijke feiten in de schatting waarvoor voldoende aanwijzingen bestaan, mede op grond van een professioneel opgezette schaduwadministratie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Procesafspraken in hoger beroep: Gemeenschappelijk Hof bevestigt veroordeling voor belastingfraude en witwassen en verlaagt straf wegens overschrijding van de redelijke termijn

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 6 maart 2026, ECLI:NL:OGHACMB:2026:119

Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie veroordeelt op 6 maart 2026 een verdachte wegens belastingfraude en witwassen en neemt daarbij de in hoger beroep gemaakte procesafspraken over. De verdachte geeft samen met een ander feitelijk leiding aan het indienen van onjuiste aangiften omzetbelasting en aan het niet of niet tijdig doen van andere belastingaangiften, waardoor Sint Maarten ruim ANG 700.000 aan belastinginkomsten misloopt. Daarnaast wordt het witwassen van twee voertuigen met een gezamenlijke waarde van USD 119.000 bewezen verklaard. Het Hof toetst de procesafspraken aan de ernst van de zaak en aan de in artikel 392 en 394 Sv genoemde vraagpunten en acht het afdoeningsvoorstel proportioneel. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep verlaagt het Hof de gevangenisstraf met één maand tot 21 maanden onvoorwaardelijk. Het Hof verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in het hoger beroep en wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf af.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Integrale vrijspraak van valsheid in geschrifte: opzet en oogmerk bij onjuist ingevulde Bibob-formulieren niet bewezen

Rechtbank Oost-Brabant 7 mei 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:2867

De rechtbank Oost-Brabant spreekt een bestuurder integraal vrij van valsheid in geschrifte ten aanzien van twee Bibob-formulieren. De formulieren zijn ingediend bij de gemeente in het kader van een aanvraag van een omgevingsvergunning. Op beide formulieren ontbreekt informatie over een eerdere onherroepelijke veroordeling van de bestuurder wegens overtreding van de Wet wapens en munitie. De rechtbank oordeelt dat hiermee weliswaar sprake is van valsheid, maar dat opzet op het valselijk opmaken van de formulieren ontbreekt. Ook het oogmerk tot doelbewuste misleiding van de gemeente is niet uit het dossier af te leiden. De enkele verantwoordelijkheid van de ondertekenaar voor de inhoud van de stukken levert volgens de rechtbank onvoldoende bewijs op voor een bewezenverklaring.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Voorwaardelijke straf voor feitelijke leidinggever bij ontduiking van sanctiemaatregelen en voortzetting van de verboden Stichting Al Aqsa; vrijspraak voor financiering van Hamas

Rechtbank Rotterdam 27 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6051

De rechtbank Rotterdam veroordeelt in het onderzoek Rainworth een feitelijke leidinggever van een Nederlands steunfonds voor het ontduiken van sanctiemaatregelen krachtens de Sanctiewet 1977 en voor het voortzetten van de van rechtswege verboden Stichting Al Aqsa. De rechtbank acht bewezen dat het steunfonds de inkomende en uitgaande geldstromen van de in 2003 op de EU-sanctielijst geplaatste Stichting Al Aqsa heeft overgenomen en voortgezet, en dat de verdachte daaraan vanaf 2003 feitelijke leiding heeft gegeven. Omdat Stichting Al Aqsa op 11 februari 2014 van de EU-sanctielijst is verwijderd, levert voortzetting na die datum geen strafbare ontduiking meer op. De verdachte wordt vrijgesproken van het ter beschikking stellen van gelden aan Hamas, omdat de rechtbank de deskundigenverslagen over de banden tussen Hamas en de begunstigde liefdadigheidsorganisaties onvoldoende betrouwbaar acht en het overige bewijs tekortschiet. De rechtbank legt een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een proeftijd van één jaar op en wijkt daarmee fors af van de geëiste vier jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onjuist gebruik elektrische veeprikker bij varkenstransport: rechtbank Oost-Brabant veroordeelt vervoerders en werkgevers, partiële vrijspraak ten aanzien van niet-volwassen varkens

De Rechtbank Oost-Brabant veroordeelt op 7 mei 2026 in vier samenhangende vonnissen twee veetransporteurs en hun werkgevers wegens het opzettelijk overtreden van de Europese transportverordening 1/2005 bij het laden van varkens. De medewerkers gebruiken de elektrische veeprikker herhaaldelijk en op andere lichaamsdelen dan de achterpoten van varkens die geen ruimte hebben of al in beweging zijn. De rechtbank verwerpt het ontvankelijkheidsverweer van de natuurlijke personen omdat de strafvorderingsrichtlijn dierenmishandeling ziet op particulieren en niet op bedrijfsmatig handelen. Op het verwijt dat de schokken zijn toegediend op niet-volwassen varkens volgt partiële vrijspraak omdat voor vrouwelijke varkens van zes maanden oud geen wettelijke leeftijdsgrens is vastgelegd. Beide natuurlijke personen krijgen een taakstraf van 60 uur waarvan 30 uur voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Aan beide rechtspersonen legt de rechtbank een geldboete op van € 30.000 waarvan € 10.000 voorwaardelijk wegens het opzettelijk overtreden van de transportverordening in de uitoefening van het bedrijf.

Read More
Print Friendly and PDF ^