Veroordeling feitelijk leidinggever restaurant voor NOW-subsidiefraude en faillissementsfraude, OVAR voor gebruik van valse geschriften

Rechtbank Overijssel 18 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3455

De rechtbank Overijssel veroordeelt een feitelijk leidinggever en bestuurder van een Amsterdamse restaurant voor subsidiefraude en faillissementsfraude. De verdachte wendt uitgekeerde NOW-subsidies van in totaal € 214.616 aan voor andere doeleinden dan de loonkosten waarvoor zij zijn verstrekt en boekt in de maanden voor het faillissement samen met een medeverdachte subsidiegelden door naar privérekeningen, waarmee hij deze aan de boedel onttrekt. Daarnaast voldoet hij als bestuurder niet aan de administratie- en bewaarplicht, waardoor de afhandeling van het faillissement wordt bemoeilijkt. Voor het feitelijke leidinggeven aan het gebruik van vervalste bankafschriften door een tweede vennootschap volgt ontslag van alle rechtsvervolging, omdat een bestanddeel van artikel 225 lid 2 Sr in de tenlastelegging en bewezenverklaring ontbreekt. De rechtbank legt een taakstraf van 240 uren en een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een proeftijd van twee jaren op. Daarmee volgt zij de eis van het Openbaar Ministerie en hanteert zij als uitgangspunt gelijke monniken, gelijke kappen ten opzichte van de medeverdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van zwembadexploitant voor dood door schuld na verdrinking van niet-zwemvaardige volwassen bezoeker

Gerechtshof Amsterdam 2 juli 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:1762

Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt de exploitant van een Amsterdams zwembad, een besloten vennootschap, voor dood door schuld na de verdrinking van een volwassen man in het 25-meterbad op 25 november 2018. De man, deelnemer aan een zwemproject voor vluchtelingen, meldt zich met een lesbrief bij de receptie, koopt een toegangskaartje en wordt kort daarna bewusteloos uit het diepe deel van het bad gehaald, waarna hij een dag later in het ziekenhuis overlijdt. Het hof oordeelt dat op de exploitant een bijzondere zorgplicht rust voor bezoekers die niet of onvoldoende zwemvaardig zijn, ook buiten de zwemlessen. De exploitant schiet op meerdere essentiële punten tekort: het Toezichtplan is onvoldoende bekend bij het personeel, bij het 25-meterbad staan onvoldoende gekwalificeerde toezichthouders, medewerkers zijn onvoldoende geïnstrueerd over niet-zwemvaardige volwassenen en het vluchtelingenprogramma, en de portofoons functioneren niet. Van de deelverwijten over de huisregels in andere talen, de defecte lamellen en de ontbrekende drijflijn, en van medeplegen, wordt vrijgesproken. Het hof legt een geldboete van € 20.000 op en beslist niet meer op de vorderingen van de nabestaanden, omdat die na een vaststellingsovereenkomst zijn ingetrokken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad vernietigt veroordeling voor schuldheling van drie fietsen wegens schending van het bewijsminimum van art. 342 lid 2 Sv

Hoge Raad 30 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:1002

De Hoge Raad vernietigt gedeeltelijk een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch over schuldheling van drie fietsen. De fietsen zijn aangetroffen in een garagebox van een ander, die verklaart dat hij ze van de verdachte heeft gekocht. Het cassatiemiddel klaagt dat de bewezenverklaring in strijd met art. 342 lid 2 Sv uitsluitend steunt op de verklaringen van deze ene getuige. De Hoge Raad herhaalt het beoordelingskader over het bewijsminimum uit zijn arrest van 13 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM2452. Het oordeel van het hof dat de getuigenverklaringen voldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal is niet toereikend gemotiveerd: de aangiftes tonen alleen dat de fietsen gestolen waren en het beroep van de verdachte op zijn zwijgrecht biedt geen steun voor diens daderschap. De zaak is teruggewezen naar het gerechtshof 's-Hertogenbosch voor een nieuwe behandeling van dit feit en de strafoplegging.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad vernietigt veroordeling wegens medeplegen oplichting van bank op grond van ontoereikende motivering over de woonintentie

Hoge Raad 23 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:950

De Hoge Raad vernietigt een veroordeling van het gerechtshof 's-Hertogenbosch wegens medeplegen van oplichting van de SNS-Bank. De verdachte zou samen met een tussenpersoon door een vals taxatierapport en een vals ingevuld aanvraagformulier een hypothecaire geldlening van 91.000 euro hebben verkregen. De kern van de zaak is of de verdachte ten tijde van de aanvraag de intentie had het pand niet als primaire woning te gebruiken. De Hoge Raad oordeelt dat dit niet zonder meer uit de bewijsvoering van het hof kan worden afgeleid. Mede in het licht van het in hoger beroep gevoerde verweer is de bewezenverklaring ontoereikend gemotiveerd. De zaak wordt teruggewezen naar het hof voor een nieuwe behandeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van rechtspersoon tot geldboete voor opzettelijke overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet na dodelijk bedrijfsongeval met betonstortmachine en stapelaar

Rechtbank Overijssel 18 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3460

De rechtbank Overijssel veroordeelt een producent van kanaalplaatvloeren tot een geldboete van € 72.500, waarvan € 27.500 voorwaardelijk, wegens opzettelijke overtreding van artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet, begaan door een rechtspersoon. Op 18 april 2023 raakt een operator van een betonstortmachine bekneld tussen die machine en een stapelaar op een direct naastgelegen productiebaan en overlijdt. De rechtbank acht vijf deelverwijten bewezen: het ontbreken van doeltreffende maatregelen bij werk aan een in bedrijf zijnd arbeidsmiddel, ontoereikend zicht van de bestuurder van de stapelaar, een gebrekkige risico-inventarisatie, onvoldoende voorlichting en onvoldoende toezicht. Het opzet wordt uitgelegd als kleurloos opzet, gericht op de feitelijke gedragingen en niet op het niet naleven van de wettelijke verplichtingen. De rechtbank kort de geldboete met € 2.500 wegens overschrijding van de redelijke termijn en wijkt af van de eis van het Openbaar Ministerie van € 75.000. Daarnaast wijst zij de vordering van de benadeelde partij toe tot € 23.141,56 en legt zij de schadevergoedingsmaatregel op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling tot gevangenisstraf voor het feitelijk leidinggeven aan het voorhanden hebben van valse diploma's en Verklaringen Omtrent het Gedrag bij een zorguitzendbureau

Rechtbank Rotterdam 4 juni 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:7018

De rechtbank Rotterdam veroordeelt de middellijk bestuurder van een uitzendbureau voor zorgpersoneel tot een gevangenisstraf van achttien maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, voor het feitelijk leidinggeven aan het voorhanden hebben van valse geschriften. In de administratie van het bedrijf worden in onderzoek Marlin veertig valse documenten aangetroffen, waaronder uittreksels uit het diplomaregister, diploma's en Verklaringen Omtrent het Gedrag van uitzendkrachten die in de zorg werden geplaatst. De rechtbank acht bewezen dat het bedrijf bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat deze valse stukken in de administratie aanwezig waren en bleven. De verdachte was aanwezig toen een zorgaanbieder de documenten controleerde en zag dat een deel zichtbaar vals was, onder meer door de verschrijving uitreksel in plaats van uittreksel. Hij heeft nagelaten nader onderzoek te doen, terwijl uit een tapgesprek blijkt dat hij wist dat ten minste een uitzendkracht zonder diploma werkte. De rechtbank houdt bij de straf rekening met een overschrijding van de redelijke termijn met ruim twee jaar en met een eerder betaalde strafbeschikking van € 775.000.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling van bestuurder voor medeplegen van faillissementsfraude, met voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn

Rechtbank Amsterdam 21 mei 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:5479

De rechtbank Amsterdam veroordeelt een middellijk bestuurder voor faillissementsfraude bij een beveiligingsbedrijf dat in februari 2020 failliet ging. In het jaar voor het faillissement is ruim € 547.000 zonder geldige titel weggesluisd naar gelieerde vennootschappen en privérekeningen, werd een auto buiten de boedel verkocht en deed de bestuurder privé-uitgaven van de zakelijke rekening. Ook voldeed hij niet aan zijn inlichtingenplicht tegenover de curator en voerde hij geen deugdelijke administratie. De rechtbank rekent hem medeplegen toe samen met zijn ex-echtgenote en feitelijk bestuurder. Wegens een forse overschrijding van de redelijke termijn wijkt de rechtbank af van de LOVS-oriëntatiepunten. Zij legt een taakstraf van 180 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG over integrale controles en redelijk vermoeden van schuld

Advocaat-generaal Van Kempen heeft op 30 juni 2026 geconcludeerd in een cassatiezaak over twee bestuurlijke controles, zogeheten integrale controles, bij een bedrijf dat kweekartikelen verkocht. De verdediging betoogde dat na de eerste controle een redelijk vermoeden van schuld bestond en dat de politie misbruik van bevoegdheid maakte door bij de tweede controle als sterke arm mee te gaan. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde dat van een redelijk vermoeden geen sprake was en volstond met de constatering van een vormverzuim. Volgens de advocaat-generaal stuit de motiveringsklacht af omdat het een verweer in de zin van artikel 359a Sv betreft. Voor het overige mist het middel volgens de conclusie feitelijke grondslag. De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Is verzoek verdediging om aanvulling deskundigenonderzoek terecht afgewezen? De Hoge Raad geeft beoordelingskader.

Hoge Raad 7 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1195

De Hoge Raad vernietigt de veroordeling van een verdachte wegens voorbereiding van het teweegbrengen van een ontploffing en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het hof acht bewezen dat de drie pakketten die in de auto van de verdachte zijn aangetroffen explosieve stoffen bevatten en steunt daarbij mede op een NFI-rapport van 14 november 2023. De raadsman verzoekt in hoger beroep om aanvulling van dat rapport met de onderzoeksopzet en de resultaten van een eerder NFI-experiment waaraan de deskundige zijn hypothesen heeft getoetst. Het hof wijst dat verzoek af omdat uit de onderbouwing niet blijkt dat de verdediging de onderzoeksmethode of de resultaten betwist. De Hoge Raad zet uiteen dat de verdachte op grond van artikel 6 EVRM het recht heeft de betrouwbaarheid van een belastende deskundigenverklaring te doen onderzoeken en dat van de verdediging in beginsel geen nadere onderbouwing van het belang mag worden verlangd. Omdat de verdediging heeft aangevoerd dat zij de gegevens nodig heeft om de betwiste resultaten te laten beoordelen door een eigen deskundige, is de afwijzing niet zonder meer begrijpelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep over de inzet van bestuursrechtelijke toezichtsbevoegdheden bij een integrale controle

Hoge Raad 7 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1146

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van een verdachte die door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden is veroordeeld voor het aanwezig hebben van XTC-pillen, MDMA-olie en GHB en voor voorbereidingshandelingen gericht op de productie van MDMA. De zaak begint met een zogenoemde integrale controle op acht adressen in een straat, uitgevoerd nadat bij de gemeente ondermijnende signalen over die straat zijn binnengekomen. Bij die controle werken een ambtenaar van Bouwtoezicht, een medewerker van een energiebedrijf en de politie samen, en in een loods met kantoortje in de achtertuin van de woning van de verdachte worden grondstoffen voor drugs aangetroffen. De verdediging voert aan dat de gemeente bestuursrechtelijke controlebevoegdheden inzet voor strafvorderlijke doeleinden en dat het bewijs daarom moet worden uitgesloten. Het hof oordeelt dat het optreden van de gemeentelijke autoriteiten rechtmatig is, omdat de controle is gericht op gebruik overeenkomstig het bestemmingsplan en verband houdt met de bestrijding van illegale en brandgevaarlijke situaties. De Hoge Raad laat dat oordeel in stand en vermindert alleen de opgelegde gevangenisstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^