Gevangenisstraf voor medeplegen van valsheid in geschrift en feitelijk leidinggeven aan onjuiste aangiften omzetbelasting op basis van valse inkoopfacturen

Rechtbank Oost-Brabant 24 september 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:6848

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt een vennoot van een vennootschap onder firma voor het samen met zijn inmiddels overleden compagnon opmaken van vijf valse inkoopfacturen en een vals betalingsbewijs. Op basis van de valse facturen doet de vof over vijf kwartalen in 2020 tot en met 2022 onjuiste aangiften omzetbelasting, waarna de Belastingdienst in totaal € 422.591 uitbetaalt. Zonder de valse facturen had de vof over die jaren € 3.236 omzetbelasting moeten afdragen. De rechtbank acht de verklaring van de verdachte dat hij van niets wist ongeloofwaardig en stelt op basis van e-mail, telefoongegevens, WhatsApp-berichten en geldstromen vast dat hij een actieve en sturende rol heeft. De verdachte wordt veroordeeld voor medeplegen van valsheid in geschrift en feitelijk leidinggeven aan het opzettelijk doen van onjuiste aangiften. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 18 maanden op waarvan 9 maanden voorwaardelijk, lager dan de eis vanwege de persoonlijke omstandigheden en de overschrijding van de redelijke termijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Taakstraffen voor medeplegen van het gebruikmaken van valse TVL-aanvragen en RVO niet-ontvankelijk als benadeelde partij

Rechtbank Overijssel 29 september 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:5795, ECLI:NL:RBOVE:2026:5796 en ECLI:NL:RBOVE:2026:5797

Drie verdachten worden door de politierechter van de Rechtbank Overijssel veroordeeld voor het medeplegen van opzettelijk gebruikmaken van valse geschriften bij aanvragen voor de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) tijdens de coronaperiode. De zaken maken deel uit van het FIOD-onderzoek Brescia. De verdachten hebben hun DigiD-gegevens en bankgegevens, en in één zaak een telefoon met een nieuw telefoonnummer voor de sms-verificatie, ter beschikking gesteld aan anderen, die de aanvragen met onjuiste referentieomzetten en valse kopieën van aangiften omzetbelasting indienen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De politierechter acht voorwaardelijk opzet en een nauwe en bewuste samenwerking bewezen en legt taakstraffen op van 180, 220 en 110 uren, in één zaak gecombineerd met een gevangenisstraf van één dag in verband met het taakstrafverbod van artikel 22b Sr. De redelijke termijn is in alle drie de zaken met circa vijf tot ruim zes maanden overschreden, hetgeen wordt vastgesteld zonder strafvermindering. RVO wordt als benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij als onderdeel van de Staat geen eigen rechtspersoonlijkheid heeft en een mandaat geen bevoegdheid geeft om in eigen naam te procederen. De vordering kan alleen bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor verkoop van hackingtools en spoofers voor gameservers en bezit van combolijsten, ontslag van alle rechtsvervolging voor witwassen van opbrengsten uit eigen misdrijf

Rechtbank Noord-Nederland 28 september 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:4078

De rechtbank Noord-Nederland veroordeelt een in 2001 geboren verdachte bij verstek tot een gevangenisstraf van achttien maanden. De verdachte verkoopt via zijn webshop cheatsoftware waarmee gameservers voor GTA V kunnen worden overbelast en spoofers waarmee een ban op een server wordt omzeild. Op zijn game-pc staan meer dan 200 combolijsten met gebruikersnamen en wachtwoorden van meer dan één miljoen accounts. Voor acht van de tien onder feit 2 genoemde tools volgt vrijspraak, in de meeste gevallen omdat het dossier niet laat zien dat zij gegevens op een gameserver kunnen toevoegen of wijzigen. Het witwassen wordt bewezen verklaard, maar de rechtbank ontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging omdat het omzetten van geld in cryptovaluta in dit geval geen verhullende handeling oplevert. De handel in hennep en hasj en het aanwezig hebben van 976 joints acht de rechtbank eveneens bewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Aanvullende vragen aan Duitsland over rechterlijke toetsing van een door een gedelegeerd Europese aanklager uitgevaardigd Europees aanhoudingsbevel na de feitelijke overlevering

Rechtbank Amsterdam 9 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:9509

De rechtbank Amsterdam doet een tussenuitspraak over een Europees aanhoudingsbevel uit Duitsland dat strekt tot vervolging van een opgeëiste persoon met de Nederlandse nationaliteit. Het bevel is uitgevaardigd door een gedelegeerd Europese aanklager van het Europees Openbaar Ministerie in München. De raadslieden voeren aan dat in Duitsland na de feitelijke overlevering geen rechter het bevel kan toetsen en bepleiten niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. De officier van justitie acht de rechtsbescherming toereikend en stelt dat de overlevering kan worden toegestaan. De rechtbank kan uit de Duitse informatie niet vaststellen dat zo'n rechterlijke toetsing mogelijk is, omdat de aangehaalde uitspraak uit München een door een rechter uitgevaardigd bevel betreft. Zij heropent en schorst het onderzoek, laat twee aanvullende vragen stellen en verlengt de beslistermijn met 60 dagen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling conform procesafspraken voor medeplegen van oplichting van klanten van een vliegtuigmaatschappij

Rechtbank Noord-Holland 1 september 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:13205

De rechtbank Noord-Holland veroordeelt een verdachte voor medeplegen van oplichting van klanten van een vliegtuigmaatschappij en voor het voorhanden hebben van een vuurwapen en munitie. De verdachte en zijn mededaders sturen klanten bij wie de betaling van een geboekte vlucht nog niet is gelukt uit naam van de maatschappij een betaallink naar bankrekeningen van derden. Het Openbaar Ministerie en de verdediging hebben procesafspraken gemaakt over de bewezenverklaring, de straf en de vordering van de vliegtuigmaatschappij. De rechtbank toetst die afspraken aan de eisen van een eerlijk proces en legt een gevangenisstraf van 120 dagen op, waarvan 75 dagen voorwaardelijk, en een taakstraf van 180 uur. De vordering van de vliegtuigmaatschappij wijst zij toe voor een derde deel van de schade, € 2.579,67, zonder hoofdelijke betalingsverplichting. Volgens de rechtbank worden de belangen van de benadeelde partij daarmee net voldoende geëerbiedigd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gevangenisstraf voor verduistering in dienstbetrekking van € 3.864.795 door financieel directeur; schadevergoedingsmaatregel opgelegd, benadeelde partij niet-ontvankelijk

Rechtbank Overijssel 28 september 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:5768

De rechtbank Overijssel veroordeelt een financieel directeur voor verduistering in dienstbetrekking van € 3.864.795. De verdachte maakt het geld in de periode van 1 januari 2023 tot en met 26 april 2025 in ongeveer zeventig overboekingen over naar bankrekeningen waarover hij de beschikking heeft. Hij bekent het feit, zodat de rechtbank volstaat met een opgave van de bewijsmiddelen. Dat het geld is aangewend voor de betaling van crediteuren en niet voor persoonlijk gewin, doet volgens de rechtbank niet af aan de wederrechtelijke toe-eigening. De rechtbank legt een gevangenisstraf op van 24 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, en ziet af van het gevorderde beroepsverbod. De benadeelde partij is niet-ontvankelijk omdat zij al over een civiel vonnis beschikt, terwijl de rechtbank wel de schadevergoedingsmaatregel oplegt voor € 3.815.559,41.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijzing ontnemingsvordering na veroordeling voor verkoop van illegale software wegens onvoldoende onderbouwde voordeelsberekening

Rechtbank Noord-Nederland 28 september 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:4085

De rechtbank Noord-Nederland wijst de vordering van het Openbaar Ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel af. De veroordeelde is in de hoofdzaak veroordeeld voor het verkopen van illegale software via zijn webshop. De officier van justitie vordert oplegging van een betalingsverplichting van € 450.098,46. De politie heeft in het ontnemingsrapport alle opbrengsten uit de webshop bij elkaar opgeteld, zonder uitsplitsing per product of productgroep. Daardoor is niet te achterhalen welke omzet aan legale en welke aan illegale producten is toe te rekenen. De rechtbank oordeelt dat een gedegen basis voor een schatting van het voordeel ontbreekt en dat de vordering onvoldoende is onderbouwd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak na aangifte faillissementsfraude: curator niet aansprakelijk

Rechtbank Den Haag 8 april 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:8806

Een curator doet in 2014 aangifte van faillissementsfraude tegen onder meer de bestuurder van een Servische vennootschap en die vennootschap zelf. De bestuurder wordt strafrechtelijk vervolgd, door de rechtbank Rotterdam deels veroordeeld en in hoger beroep door het gerechtshof Den Haag volledig vrijgesproken. De bestuurder en de vennootschap vorderen daarna een verklaring voor recht dat de curator met de aangifte onrechtmatig heeft gehandeld en aansprakelijk is voor hun schade. De rechtbank Den Haag oordeelt dat de vordering van de vennootschap is verjaard, omdat de stuitingsbrief van 27 oktober 2020 alleen namens de bestuurder is verzonden. De vordering van de bestuurder toetst de rechtbank aan de Maclou-norm, ingevuld met de maatstaf voor een onrechtmatige aangifte. De rechtbank oordeelt dat de curator niet onrechtmatig heeft gehandeld en wijst de vorderingen af.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van meineed in twee zaken na bewijsuitsluiting van getuigenverhoren bij de rechter-commissaris wegens het niet wijzen op het verschoningsrecht van artikel 219 Sv

Rechtbank Overijssel 15 september 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:5777 en ECLI:NL:RBOVE:2026:5778

De rechtbank Overijssel spreekt op 15 september 2026 in twee afzonderlijke vonnissen twee vrouwen vrij van meineed. Beide verdachten wordt verweten dat zij in januari 2025 als beëdigd getuige bij de rechter-commissaris in Zwolle opzettelijk vals hebben verklaard, onder meer over hun aankomst in Nederland en het bezit van een Rwandees paspoort. De officier van justitie stelt zich in beide zaken op het standpunt dat vrijspraak moet volgen wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. De rechtbank stelt vast dat de getuigen vragen zijn gesteld bij de beantwoording waarvan zij zich aan het gevaar van een strafrechtelijke veroordeling konden blootstellen, terwijl zij niet zijn gewezen op het verschoningsrecht van artikel 219 Sv. Het proces-verbaal van verhoor kan daarom niet bijdragen aan het bewijs en wordt daarvan uitgesloten. Daarmee vervalt volgens de rechtbank de grondslag voor vervolging voor meineed.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor witwassen van contant geld op Schiphol en gebruik van valse geschriften bij een hypothecaire geldlening, na overschrijding van de redelijke termijn

Rechtbank Noord-Holland 24 september 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:13175

De rechtbank Noord-Holland veroordeelt een in 1983 geboren verdachte wegens witwassen en medeplegen van het gebruik van valse geschriften. Bij een douanecontrole op Schiphol op 22 augustus 2018 worden in zijn broekspijp € 76.320 en in zijn portemonnee $ 2.272 aangetroffen, terwijl hij een Hublot-horloge met een taxatiewaarde van € 7.000 draagt. De rechtbank toetst de herkomst aan het beoordelingsschema van de Hoge Raad en acht de verklaring over pokerwinsten en voetbalweddenschappen niet concreet en niet verifieerbaar. Het tweede feit betreft valse arbeidsovereenkomsten, salarisstroken en werkgeversverklaringen die aan een hypotheekadviseur en een bank zijn verstrekt; voor de schenkingsovereenkomst volgt vrijspraak. De rechtbank stelt vast dat de redelijke termijn met ruim vijf jaar is overschreden en legt een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van acht maanden op met een proeftijd van één jaar. De geldbedragen en het horloge worden verbeurd verklaard en een personenauto met een verborgen bergruimte wordt onttrokken aan het verkeer.

Read More
Print Friendly and PDF ^