Hoge Raad verwerpt cassatieberoep over de uitleg van het bestanddeel kopen van goederen bij flessentrekkerij

Hoge Raad 16 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:875

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van een man die onder valse namen bij KPN/XS4ALL en Vodafone/Ziggo abonnementen voor internet, televisie en vaste telefonie aanvroeg om modems, mediaboxen en wifiversterkers te krijgen zonder de rekeningen te betalen. In cassatie staat de vraag centraal of dit handelen valt onder het kopen van goederen in de zin van artikel 326a Sr, de strafbaarstelling van flessentrekkerij. De Hoge Raad zet uiteen dat de wetgever met deze regeling gedragingen strafbaar heeft gesteld waarbij iemand een ander beweegt tot afgifte van een goed met het oogmerk de overeengekomen betaling niet volledig te voldoen, en dat de regeling gevallen uitsluit waarin een ander enkel tot dienstverlening wordt bewogen. Het hof heeft vastgesteld dat de verdachte de aanbieders telkens niet alleen tot dienstverlening, maar ook tot afgifte van apparatuur heeft bewogen en dat de niet betaalde bedragen op beide zien. Het oordeel dat daarmee mede sprake is van kopen van goederen getuigt volgens de Hoge Raad niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. De advocaat-generaal had tot vernietiging en terugwijzing geconcludeerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Schorsing van woningsluiting op grond van artikel 13b Opiumwet wegens onvoldoende gemotiveerde evenwichtigheid

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:5235

De voorzieningenrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant schorst de sluiting van een woning in Breda waarin een professionele hennepkwekerij is aangetroffen. De burgemeester sluit de woning voor drie maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet na de vondst van 224 hennepplanten, bijna zes kilo gedroogde henneptoppen en illegaal getapte stroom. De bewoners maken bezwaar en vragen een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter acht de sluiting noodzakelijk, maar oordeelt dat de evenwichtigheid onvoldoende is gemotiveerd. De burgemeester heeft te weinig rekening gehouden met de psychische klachten van een van de bewoners en het risico dat het gezin dakloos raakt. De verzoeken worden toegewezen en de besluiten worden geschorst.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Online handelsfraude of "gewone oplichting"?

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 11 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:5146

De rechtbank Zeeland-West-Brabant veroordeelt een man uit 1979 voor online handelsfraude, oplichting, diefstal en diefstal met een valse sleutel, gepleegd tussen september 2023 en juni 2025. Hij biedt via WhatsApp, Facebook Messenger en Marktplaats telefoons en andere goederen te koop aan, int de betalingen en levert vervolgens niet. De verdediging erkent de feiten, maar bepleit dat het om gewone oplichting gaat en niet om online handelsfraude in de zin van artikel 326e Sr. De rechtbank verwerpt dat verweer en neemt op grond van het aantal aangevers en de modus operandi een gewoonte aan. Ook bij een feit met slechts één aangeefster komt de rechtbank tot online handelsfraude, door dat feit in samenhang met de overige feiten te bezien. De verdachte krijgt veertien maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van witwassen van contante stortingen en een auto wegens ontbrekende wetenschap en onvoldoende onderzoek naar herkomstverklaring

Rechtbank Rotterdam 25 maart 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6689

De rechtbank Rotterdam spreekt een vrouw vrij van het witwassen van contante geldbedragen van in totaal € 39.910 en een Mini Cooper. Op haar bankrekening worden over meerdere jaren contante bedragen gestort, terwijl zij een beperkt legaal inkomen heeft. Volgens de verdachte komt een deel uit de eenmanszaak van haar echtgenoot in de bouwsector en een deel uit verjaardags- en feestgeld. De rechtbank acht niet bewezen dat zij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld uit misdrijf afkomstig is. Voor de auto geeft de verdachte een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring over een lening en een erfenis, die het Openbaar Ministerie niet nader heeft onderzocht. De in beslag genomen auto wordt aan haar teruggegeven en de vordering tot verbeurdverklaring wordt afgewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Medeplegen van verduistering in dienstbetrekking bewezen verklaard hoewel de medepleger zelf niet de vereiste hoedanigheid bezit

Rechtbank Gelderland 3 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4452

De rechtbank Gelderland verklaart medeplegen van verduistering in dienstbetrekking bewezen, hoewel de medepleger zelf de vereiste hoedanigheid niet bezat. Voor dit kwaliteitsdelict is volgens de rechtbank niet vereist dat de medepleger het goed eveneens in dienstbetrekking onder zich had, maar slechts dat hij wist, of de aanmerkelijke kans aanvaardde, dat de pleger de goederen in die hoedanigheid onder zich had. De zaak draait om een chauffeur die als koerier een lading van 1539 smartphones vervoert en samen met anderen een overval in scène zet, waarna hij valse aangifte doet van een diefstal met geweld. De verdediging erkent de verduistering maar betwist het medeplegen, onder verwijzing naar een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland. De rechtbank verwerpt dat verweer en acht ook het doen van een valse aangifte bewezen. Zij legt een gevangenisstraf op van zes maanden, waarvan drie voorwaardelijk, lager dan de eis vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling tot gevangenisstraf en beroepsverbod voor gewoontewitwassen en valsheid in geschrift met valse facturen via stichtingen

Rechtbank Rotterdam 14 april 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6428

De rechtbank Rotterdam veroordeelt een in 1949 geboren man tot een gevangenisstraf van achttien maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, voor gewoontewitwassen, valsheid in geschrift en het afleveren en voorhanden hebben van valse geschriften. De verdachte maakt gedurende ruim drie jaar op naam van zijn stichtingen valse facturen op die door bevriende ondernemers via hun bedrijven worden uitbetaald, waarna hij het geld contant opneemt en negentig procent ervan teruggeeft aan de medeverdachten. In totaal gaat zo een bedrag van € 1.527.255 door zijn handen, dat wordt witgewassen via een keten van rechtspersonen die hij volledig beheerst. De rechtbank acht bewezen dat de facturen prestaties in rekening brengen die nooit zijn geleverd en dat de verdachte hiermee verhult wie de rechthebbenden op de gelden zijn. Als bijkomende straf legt de rechtbank een beroepsverbod op voor de duur van vijf jaar, waarbij geen enkele rechtspersoon wordt uitgezonderd. De rechtbank ziet af van de geëiste geldboete en houdt rekening met een overschrijding van de redelijke termijn met vier jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onbevoegdverklaring van het hof bij een verzoek om schadevergoeding ex artikel 533 Sv na intrekking van het hoger beroep door het Openbaar Ministerie

Gerechtshof Den Haag 26 maart 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:541

Het Gerechtshof Den Haag verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van een verzoek om schadevergoeding voor ondergaan voorarrest op grond van artikel 533 van het Wetboek van Strafvordering. Verzoeker is door de rechtbank Rotterdam ontslagen van alle rechtsvervolging, waarna het Openbaar Ministerie hoger beroep instelt en dit voor de eerste behandeling bij het hof weer intrekt. Omdat de intrekking plaatsvindt voordat de zaak wordt uitgeroepen, is volgens het hof het gerecht in feitelijke aanleg bevoegd waarvoor de zaak laatstelijk werd vervolgd. Het hof stelt de intrekking van het hoger beroep gelijk aan de situatie waarin geen hoger beroep is ingesteld, onder verwijzing naar artikel 529 lid 2 van het Wetboek van Strafvordering en eerdere rechtspraak. Dat verzoeker reeds was gedagvaard, maakt dit niet anders. Het hof verwijst het verzoek naar de raadkamer van de rechtbank Rotterdam ter verdere afdoening.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor faillissementsfraude rond een beveiligingsbedrijf dat zich richtte op cruiseschipbeveiliging

Rechtbank Amsterdam 21 mei 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:5480

De rechtbank Amsterdam veroordeelt op 21 mei 2026 een feitelijk bestuurder voor faillissementsfraude rond een beveiligingsbedrijf dat zich richtte op cruiseschipbeveiliging. In het jaar voorafgaand aan het faillissement is voor ruim € 547.000 zonder geldige titel van de bankrekening van de vennootschap overgeboekt naar gelieerde ondernemingen en privérekeningen, en is een auto onttrokken aan de boedel. De verdachte doet daarnaast uitgaven met een privékarakter en laat na een volledige administratie te voeren en de curator de gevraagde inlichtingen te verschaffen. De rechtbank merkt de verdachte aan als feitelijk bestuurder in de zin van artikel 348a van het Wetboek van Strafrecht en verwerpt het verweer dat zij die rol niet vervulde. Wegens een forse overschrijding van de redelijke termijn wijkt de rechtbank af van de LOVS-oriëntatiepunten, die bij een benadelingsbedrag van € 300.000 uitgaan van twaalf tot achttien maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De rechtbank legt een taakstraf van 240 uur op en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een proeftijd van twee jaren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijking van de hoofdregel dat het Openbaar Ministerie een vóór de kenbare ontbinding gedagvaarde rechtspersoon mag vervolgen

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 juni 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:3530

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de verdere vervolging van een rechtspersoon die in eerste aanleg was veroordeeld voor gewoontewitwassen. De rechtspersoon is na faillissement ontbonden en opgehouden te bestaan. Tussen het vermoedelijk begane feit en de behandeling in hoger beroep is ruim tien jaar verstreken. De bedrijfsactiviteiten zijn niet voortgezet en er zijn geen liquide middelen. De advocaat-generaal vordert niet-ontvankelijkheid wegens het ontbreken van belang. Het hof wijkt op grond van specifieke omstandigheden af van de hoofdregel, vernietigt het vonnis en verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beleggingsfraude: hof houdt beslag op vastgoed in stand ondanks verkoop aan derde

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2 juni 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:3465

Het OM legde in de zomer van 2023 strafvorderlijk beslag op een appartementencomplex in Tiel, omdat de eigenaar verdachte is in een onderzoek naar beleggingsfraude. Daarna verhuurde de eigenaar de appartementen en verkocht het complex aan een derde. Die koper vorderde in kort geding opheffing van de beslagen tegen vervangende zekerheid voor de koopsom. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden wijst dat af: het OM hoeft de beslagen niet op te heffen. Als de huur en verkoop later een schijnconstructie blijken, kan een onverhuurd complex namelijk veel meer opbrengen dan de aangeboden zekerheid.

Read More
Print Friendly and PDF ^