Artikel: Redenen voor gebrekkig integriteitsbeleid

Van organisaties wordt verwacht dat zij beschikken over adequaat integriteitsbeleid, maar in de praktijk blijkt het daar nogal eens aan te ontbreken. Organisaties kunnen zo hun eigen redenen en motieven hebben om minder werk te maken van integriteit dan nodig is. In dit artikel worden 19 mogelijke motieven beschreven, geclusterd in zes thema’s. Er wordt onderscheid gemaakt naar drie typen motieven: praktische motieven (omdat de tijd en middelen daarvoor zouden ontbreken), pragmatische motieven (omdat beperkt integriteitsbeleid ook zou volstaan) en principieel/inhoudelijke motieven (omdat integriteitsbeleid niet zou werken en negatieve effecten heeft). De meeste motieven blijken bij nader inzien niet steekhoudend te zijn. Er zijn echter ook motieven die verraderlijk zijn of problemen bloot leggen en daarom extra aandacht verdienen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Wetsvoorstel elektronisch bewijsmateriaal ingediend bij Tweede Kamer

Op 18 februari 2026 hadden alle EU-lidstaten de e-Evidence richtlijn (EU) 2023/1544 moeten omzetten in nationaal recht. Slechts vier landen haalden die deadline: Kroatië, Italië, Litouwen en Slowakije. Nederland behoort niet tot dat select gezelschap. Opmerkelijk, want ons land was juist een van de uitgesproken voorstanders van het e-Evidence pakket tijdens de Europese onderhandelingen. Inmiddels is het wetsvoorstel, de Uitvoeringswet elektronisch bewijsmateriaal (kamerstuk 36 905), ingediend bij de Tweede Kamer.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EPPO-jaarverslag 2025: douane- en btw-fraude domineren

Het Europees Openbaar Ministerie (EPPO) onderzocht eind 2025 maar liefst 3.602 fraudezaken met een geschatte schade van € 67,27 miljard. Btw- en douanefraude domineren het beeld: 981 zaken zijn goed voor € 45 miljard aan schade, aangedreven door grootschalige georganiseerde criminaliteit met sterke Chinese netwerken. Het aantal onderzoeken naar fraude met NextGenerationEU-gelden (RRF) steeg met 66,7% tot 512 actieve zaken, met hoge risico's richting eind 2026. Het EPPO behaalt een veroordelingspercentage van 95% en diende 275 aanklachten in tegen 1.438 verdachten. Voor de bijzondere strafrechtpraktijk betekent dit: grensoverschrijdende EPPO-bevoegdheden, zware bevriezingsmaatregelen en een groeiend aandeel subsidiefraudezaken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Trefwoordenfiltering bij digitale gegevensdragers: rechtbank oordeelt dat niet-gedeelde cliëntdocumenten slechts bij concrete onderbouwing onder het verschoningsrecht vallen

Rechtbank Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1071

Deze uitspraak betreft een beklag van twee advocaten over de filtering van mogelijk verschoningsgerechtigde gegevens op de in beslag genomen laptop van hun cliënt. Hun cliënt wordt verdacht van passieve niet-ambtelijke omkoping en het doen van onjuiste aangiften inkomstenbelasting, terwijl hij de advocaten bijstaan in een fiscaal dispuut met de Belastingdienst. De rechter-commissaris laat onder haar regie een trefwoordenfiltering uitvoeren door een geheimhoudersfunctionaris en verricht een steekproef en aanvullende controles. Klagers stellen dat ook door de cliënt opgestelde, nog niet gedeelde documenten onder het verschoningsrecht vallen en mogelijk buiten de zoektermen zijn gebleven. De rechtbank oordeelt dat de gevolgde werkwijze, conform recente rechtspraak van de Hoge Raad, voldoende waarborgen biedt voor het verschoningsrecht. Het beklag wordt ongegrond verklaard omdat klagers hun stellingen over niet-gefilterde vertrouwelijke stukken onvoldoende concreet onderbouwen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering strandt na elf jaar stilstand: officier van justitie niet-ontvankelijk wegens ernstige termijnoverschrijding

Rechtbank Amsterdam 20 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1137

Deze zaak betreft een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde wegens medeplegen van oplichting in de periode 2002–2005. De officier van justitie dient in 2010 een vordering in tot betaling van 59.959,50 aan wederrechtelijk verkregen voordeel. Na toewijzing van een getuigenverzoek in 2010 blijft de zaak ruim elf jaar stil liggen. Bij hervatting in 2026 vordert de officier van justitie zelf niet-ontvankelijkheid wegens ernstige overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank oordeelt dat het extreme tijdsverloop en het uitblijven van essentieel getuigenverhoor een eerlijke behandeling onmogelijk maken. De officier van justitie wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en er wordt geen betalingsverplichting opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^