Faillissementsfraude: hof legt achttien maanden cel op voor ontbrekende administratie en onttrekking van ruim € 350.000 aan twee vennootschappen

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelt op 27 mei 2026 een bestuurder voor faillissementsfraude tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van achttien maanden. De verdachte voert geen sluitende administratie en stelt deze niet terstond ter beschikking van de curator van de gefailleerde vennootschap. Daarnaast onttrekt hij ruim € 350.000 aan de boedel, terwijl hij weet dat de Belastingdienst, het pensioenfonds en het UWV daardoor in hun verhaalsmogelijkheden worden benadeeld. Via een opvolgende vennootschap maakt hij bovendien ruim € 280.000 rechtstreeks over naar zijn privérekening met het oogmerk zichzelf te bevoordelen. Het hof rekent de verdachte zwaar aan dat hij geen enkel inzicht toont in de strafwaardigheid van zijn handelen en de schuld steeds buiten zichzelf legt. De vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen tot € 32.799,55, het onbetaalde salaris van de curator, en voor het overige niet-ontvankelijk verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Moeten toezichthouders guidance geven?

Dit artikel bespreekt hoe toezichtorganisaties verantwoord kunnen omgaan met het verstrekken van gui­dance: niet-bindende externe uitingen ter bevordering van naleving. Aanleiding is de groeiende inzet van guidance in de Nederlandse toezichtpraktijk en de daarmee gepaard gaande risico’s, zoals normvervaging en sluikregulering. Op basis van praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek, bestaande uit literatuurstudie, interviews, casestudies en validatiesessies, hebben de auteurs in opdracht van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) een praktische en een strategische leidraad ontwikkeld. Deze ondersteunen zowel casusgerichte besluitvorming als generiek guidancebeleid.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Feitelijk leiding geven aan opzetwitwassen: stroman die crimineel geld omzet in goud krijgt zwaardere straf dan medeverdachten

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 1 april 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:979

Het gerechtshof veroordeelt een verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van tien maanden wegens feitelijk leiding geven aan opzetwitwassen door een rechtspersoon, meermalen gepleegd. De verdachte wordt tegen betaling van € 20.000 als stroman bestuurder van een vennootschap waarop via een valse factuur ruim € 420.000 is binnengekomen, en zet dit bedrag grotendeels om in goud. Het hof oordeelt dat sprake is van een klassiek geval van witwassen, waarbij zelfs vaststaat uit welk concreet misdrijf het geld afkomstig is, namelijk oplichting en valsheid in geschrift. Voor opzetwitwassen is niet vereist dat de verdachte precies weet van welk misdrijf het geld afkomstig is, maar slechts dat hij weet dat het uit enig misdrijf afkomstig is. Dat de medeverdachten enkel voor schuldwitwassen zijn veroordeeld doet hieraan niet af, omdat de rol van de verdachte wezenlijk anders en zwaarder is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Valse opgave in hypotheekakte: Hoge Raad acht onbegrijpelijk dat een daadwerkelijk gevestigd hypotheekrecht in strijd met de waarheid zou zijn opgenomen

Hoge Raad 26 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:798

De Hoge Raad vernietigt gedeeltelijk een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in een zaak over het medeplegen van het opnemen van een valse opgave in een hypotheekakte. De verdachte is door het hof veroordeeld voor het opzettelijk doen opnemen van een valse opgave in een authentieke akte op grond van artikel 227 Sr. De bewezenverklaring houdt in dat in de hypotheekakte in strijd met de waarheid is opgenomen dat een hypotheekrecht is gevestigd tot een bedrag van € 700.000, te vermeerderen met € 245.000, op een woning in Breda. Het hof stelt in de bewijsvoering echter vast dat de eigenaar en zijn echtgenote daadwerkelijk een hypotheekrecht ten gunste van de verdachte hebben gevestigd tot diezelfde bedragen. De Hoge Raad oordeelt dat het oordeel dat het gevestigde hypotheekrecht in strijd met de waarheid is opgenomen daarom niet begrijpelijk is. De Hoge Raad vernietigt het arrest wat betreft het onder 1 bewezenverklaarde en de strafoplegging en wijst de zaak terug naar het hof.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep over de aan de betrokkene toe te rekenen uitgaven bij profijtontneming

Hoge Raad 26 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:790

Dit arrest betreft een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit het medeplegen van het (voorbereiden van het) invoeren van cocaïne, waarbij het gerechtshof Den Haag de betrokkene de verplichting oplegt tot betaling van € 45.000 aan de Staat. Het tweede en het derde cassatiemiddel klagen over het oordeel van het hof dat het geld voor de aankoop van een BMW en een Audi A3 aan de betrokkene toe te rekenen uitgaven zijn. Het hof neemt uitgaven van € 17.000 en € 8.000 in aanmerking en baseert zich op de kentekenregistratie als voor tegenspraak vatbare aanwijzing en op het ontbreken van enige administratie van de gestelde autohandel. De Hoge Raad oordeelt dat dit oordeel toereikend is gemotiveerd, verklaart de overige middelen af op grond van artikel 81 lid 1 RO en stelt ambtshalve vast dat de redelijke termijn is overschreden zonder daaraan gevolg te verbinden. De Hoge Raad verwerpt het beroep, anders dan de advocaat-generaal die tot vernietiging en terugwijzing concludeert.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Een kritische beschouwing op de rol van de burgemeester in het wetsvoorstel voor een verplichte risicoanalyse integriteit voor kandidaat-wethouders

In het wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur tweede tranche krijgt de burgemeester de verantwoordelijkheid om toe te zien op de uitvoering van een verplichte risicoanalyse integriteit voor kandidaat-wethouders. In deze beschouwing plaatsen we drie kanttekeningen bij deze verantwoordelijkheid: de toezichtrol is gemankeerd, het integriteitsbegrip is te nauw afgebakend, en de burgemeester kan onvoldoende onafhankelijk optreden. We stellen voor het wetsvoorstel zo aan te passen dat het beter rekening houdt met de politieke en morele aard van het integriteitsbegrip en met de kwetsbare positie van de burgemeester. We bieden burgemeesters daarnaast handvatten om de zorgvuldige uitvoering van een risicoanalyse te bevorderen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG over de verhouding tussen Awb-toezicht en opsporing bij de aanpak van ondermijning

Advocaat-generaal Paridaens concludeerde op 12 mei 2026 in een Opiumwetzaak over de inzet van bestuursrechtelijke toezichtsbevoegdheden bij een integrale controle naar ondermijning. Tijdens een gemeentelijke controle op het gebruik van panden overeenkomstig het bestemmingsplan trof een toezichthouder een drugslab aan in het bedrijfspand van de verdachte. De verdediging betoogde dat toezichtsbevoegdheden uit de Algemene wet bestuursrecht waren misbruikt voor strafrechtelijke doeleinden en bepleitte bewijsuitsluiting. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde dat het optreden van de gemeente rechtmatig was en dat alleen het gelijktijdig meelopen van een politiefunctionaris een vormverzuim opleverde, zonder rechtsgevolg. De advocaat-generaal acht alle vier de cassatiemiddelen ongegrond. Wel adviseert zij de gevangenisstraf te verminderen wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geld achter de plafondplaat: verhullen van de vindplaats bij witwassen toereikend gemotiveerd

Hoge Raad 26 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:788

De Hoge Raad oordeelt over een witwasveroordeling waarbij de verdachte een contant geldbedrag van € 32.100 achter een plafondplaat in de slaapkamer van de woonwagen van zijn buurvrouw heeft verstopt. De verdachte is door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld wegens witwassen op grond van artikel 420bis lid 1 onder a van het Wetboek van Strafrecht. In cassatie klaagt het tweede middel over de bewezenverklaring dat de verdachte de vindplaats van het geld heeft verhuld. De Hoge Raad zet uiteen dat verbergen en verhullen zien op gedragingen die het zicht op onder meer de vindplaats bemoeilijken en die daartoe geschikt zijn. Omdat het plaatsen van het geld achter de plafondplaat het zicht op de vindplaats bemoeilijkt, acht de Hoge Raad de bewezenverklaring toereikend gemotiveerd en faalt het middel. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie vermindert de Hoge Raad de taakstraf van 120 naar 114 uren en verwerpt hij het beroep voor het overige.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Aanhoudingen vanwege vervalste inkoopfacturen

De FIOD heeft op dinsdag 2 juni 2026 meerdere aanhoudingen en doorzoekingen verricht in een strafrechtelijk onderzoek. Twee mannen van 26 en 32 jaar uit Helmond zijn aangehouden. Ze worden verdacht van valsheid in geschrift. Hun woningen en een bedrijfspand in Gemeente Someren zijn doorzocht en is beslag gelegd op fysieke en digitale administratie, contant geld, pepperspray en designer goederen waaronder luxe horloges. De verdachten zijn na verhoor heengezonden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ook de verdachte zonder procesafspraken profiteert: rechtbank deelt strafkorting voor teruggave kunstschatten gelijk over drie verdachten

Op 5 juni 2026 heeft de rechtbank Noord-Nederland drie mannen elk veroordeeld tot 47 maanden gevangenisstraf voor de kunstroof in het Drents Museum op 25 januari 2025, waarbij de gouden helm van Coțofenești en drie Dacische armbanden werden weggenomen en met zwaar vuurwerk een ontploffing werd veroorzaakt. Met twee verdachten waren procesafspraken gemaakt met als doel de teruggave van de kunstobjecten; de helm en twee armbanden zijn op 1 april 2026 overgedragen, de derde armband is nog spoorloos. De rechtbank toetste die afspraken aan artikel 6 EVRM, maakte een eigen strafberekening vanuit een basisstraf van 78 maanden en stelde schendingen vast van artikel 8 EVRM en het pressieverbod van artikel 29 Sv bij de inzet van opsporingsberichtgeving. Die vormverzuimen leidden tot strafvermindering, terwijl de inzet van de urgente veiligheidsverhoren en het undercovertraject rechtmatig werd geacht. Ook de derde verdachte zonder procesafspraken kreeg in het kader van rechtsgelijkheid een strafkorting van een derde wegens de teruggave.

Read More
Print Friendly and PDF ^