Vergissing met verboden kruidenpreparaat leidt tot ontslag van rechtsvervolging

Gerechtshof Amsterdam 26 september 2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:2595

Een man brengt op Schiphol een Chinees geneesmiddel binnen dat het verboden ingrediënt Saussurea costus bevat. Hij dacht dat het middel legaal was, omdat hij in Chinese regelgeving alleen een andere benaming (‘Yun Mu Xiang’) als verboden vond. Het gerechtshof oordeelt dat hij zich vergist heeft, maar dat deze vergissing verontschuldigbaar is. Er is geen sprake van opzet. De man wordt ontslagen van alle rechtsvervolging.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Een goed begin is het halve werk: van fiscale fraudemelding tot strafrechtelijk onderzoek

Dat fiscale fraude wordt bestreden, moge bekend zijn. Belastingfraude ondermijnt de samenleving en zowel de Belastingdienst, de FIOD als het Openbaar Ministerie zetten zich in om deze vorm van fraude te onderzoeken en aan te pakken. Gezamenlijk beschikken de Belastingdienst en het Openbaar Ministerie over diverse mogelijkheden om hieraan uitvoering te geven. Fiscale fraude kan bestuursrechtelijk worden aangepakt door de Belastingdienst, bijvoorbeeld door het opleggen van vergrijpboetes. Het Openbaar Ministerie kan overgaan tot het instellen van een strafrechtelijk onderzoek en tot strafrechtelijke vervolging, wat bij een uiteindelijke veroordeling voor fiscale fraude kan leiden tot andere strafmodaliteiten, zoals een gevangenisstraf of een taakstraf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Btw in de advocatuur: wie is de afnemer van de dienst?

Deze bijdrage vormt een uitwerking van een discussiemiddag van de Nederlandse Vereniging van Advocaten-Belastingkundigen en het Functioneel Parket. Tijdens die middag werd het debat gevoerd over de tenaamstelling van en omschrijvingen op declaraties van advocaten in het licht van btw-wetgeving en recente jurisprudentie. Uit de praktijk blijkt dat de tenaamstelling van declaraties en de fiscale en administratieve verantwoording daarvan geregeld onderwerp van geschil zijn tijdens procedures over de vergoeding van de kosten van rechtsbijstand (artikel 530 Sv). Niet gehinderd door specifieke kennis van het straf(proces)recht gaan de auteurs van deze bijdrage in op de btw-technische uitgangspunten van het inschakelen van rechtsbijstand in strafzaken voor de advocaat en cliënt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Fiscale informatieverplichtingen in het ­licht van het nemo tenetur-beginsel: de ­(tussen)stand van zaken

De verwezenlijking van het belastingrecht zou zonder fiscale informatieverplichtingen vrijwel ondenkbaar zijn. De inspecteur, het bestuursorgaan dat belast is met het opleggen van belastingaanslagen, is in belangrijke mate afhankelijk van informatie van en over belastingplichtigen. De Nederlandse belastingwet bevat daarom een hele reeks informatie- en meewerkverplichtingen op grond waarvan de belastingplichtige inlichtingen en inzage moet geven aan de inspecteur. Op de niet-nakoming van deze wettelijke verplichtingen staan sancties van uiteenlopende aard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel 6 EVRM, het nemo tenetur-beginsel en de restrictie bij het afdwingen van wilsafhankelijk materiaal: wie o wie

De rechtsbescherming in het fiscale recht is de afgelopen decennia een regelmatig bediscussieerd onderwerp geweest. Bepalend hiervoor is de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: EHRM) geweest, waaruit volgt dat het ‘criminal charge’-begrip uit artikel 6 Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (hierna: EVRM) zich ook uitstrekt tot fiscale boetes. Dat heeft gevolgen voor het niveau van de rechtsbescherming die moet worden geboden in fiscale boetezaken. Omdat de waarborgen van artikel 6 EVRM zich echter niet uitstrekken tot de belastingheffing, is het voor de rechtsbescherming van belang om de ene sfeer (belastingheffing) van de andere sfeer (beboeting/strafvervolging) te onderscheiden, zeker in de gevallen dat sprake is van sfeeroverlap.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Illegale leveringen voor Krimbrug: miljoenenvoordeel wordt ontnomen. Rb accepteert aftrek projectgebonden kosten maar wijst overhead af.

Rechtbank Amsterdam 22 mei 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:4195

De rechtbank legt Naam 1 B.V. een betalingsverplichting op van 1.013.956 euro wegens wederrechtelijk verkregen voordeel. De vennootschap leverde goederen en technische bijstand voor de bouw van de Krimbrug, in strijd met Europese sancties en de Sanctiewet 1977. Het totale voordeel bedraagt oorspronkelijk 1.511.610 euro. De rechtbank accepteert aftrek van projectgebonden kosten zoals personeelsuren en onderdekking. Indirecte kosten zoals overhead en garantiekosten worden afgewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Tussen belastingmoraal en sanctiearsenaal

Met genoegen presenteer ik u de nieuwe editie van het Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving met als thema ‘fiscaal strafrecht’. Hoewel we binnen de redactie nog af en toe discussie voeren over de vraag wat onder de definitie ‘bijzonder strafrecht’ valt, is het fiscale strafrecht daar zonder twijfel onderdeel van. Het onderscheid tussen belastingbesparing, belastingontwijking en belastingfraude is al jaren voer voor discussie. Volgens de hoogste belastingrechter is het streven van de belastingplichtige naar het voor hem meest gunstige belastingtarief nog steeds geoorloofd, mits binnen zekere grenzen. De grens tussen belastingontwijking en belastingfraude blijft desondanks onderwerp van internationaal maatschappelijk debat en ook de wetgever neemt maatregelen om belastingregels in dat kader aan te scherpen. Toch zit tussen belastingontwijking en belastingfraude nog steeds één wezenlijk verschil, namelijk de intentie van de belastingplichtige.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Levert eerste aanbetaling waarvan hof heeft vrijgesproken wegens ontbreken van oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling rechtstreekse schade op van bewezenverklaarde oplichting?

Hoge Raad 7 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1490

In deze zaak staat centraal of de eerste aanbetaling van € 500 – waarvoor de verdachte is vrijgesproken wegens het ontbreken van het oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling – kan worden aangemerkt als rechtstreekse schade van de wél bewezenverklaarde oplichting. De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom die eerste betaling in causaal verband staat tot de latere oplichtingshandelingen, namelijk de twee aanbetalingen voor verf die nooit zijn geleverd. Omdat het hof dit verband niet inzichtelijk heeft gemaakt, is het oordeel dat sprake is van rechtstreekse schade niet begrijpelijk. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest gedeeltelijk en verwijst de zaak terug. De centrale rechtsvraag is dus ontkennend beantwoord: zonder nadere motivering levert de vrijgesproken aanbetaling geen rechtstreekse schade op van het bewezenverklaarde feit.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bezwaarschriften tegen dagvaardingen wegens valsheid in geschrift en overtreding Sanctieregeling Oekraïne en EU-sanctieverordening verworpen: topfunctionarissen en bedrijf moeten zich verantwoorden

Rechtbank Overijssel 11 september 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:5780, ECLI:NL:RBOVE:2025:5781, ECLI:NL:RBOVE:2025:5782 en ECLI:NL:RBOVE:2025:5786

De rechtbank Overijssel verklaart vier bezwaarschriften tegen dagvaardingen ongegrond. Drie topfunctionarissen van een internationaal concern worden verdacht van feitelijk leidinggeven aan het plegen van valsheid in geschrift binnen een corruptiegevoelig agentenbeleid. De betrokken vennootschap wordt daarnaast verdacht van het schenden van EU-sancties door strategische goederen aan Rusland te leveren en valse uitvoeraangiften te doen. De verdediging stelt dat geen sprake is van wetenschap of betrokkenheid bij de strafbare feiten. De rechtbank acht de vervolging echter niet lichtvaardig. De zaken worden inhoudelijk behandeld op een openbare terechtzitting.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Witwasveroordeling ondanks onderbouwde verklaring: verdachte hoefde herkomst geld niet aannemelijk te maken

Hoge Raad 7 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1499

In cassatie klaagt de verdediging dat het hof ten onrechte de verklaring van de verdachte over de herkomst van € 27.490 als onvoldoende concreet heeft verworpen. Volgens de AG heeft het hof blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting: het is niet aan de verdachte om aannemelijk te maken dat het geld niet uit misdrijf afkomstig is. Het hof had moeten motiveren waarom de verklaringen en stukken geen aanleiding gaven tot nader onderzoek door het OM. De Hoge Raad erkent dat het oordeel van het hof niet zonder meer begrijpelijk is, maar oordeelt dat er wel degelijk nader onderzoek is gedaan. Daarom blijft de veroordeling voor witwassen in stand.

Read More
Print Friendly and PDF ^