Datingfraude met elf slachtoffers: rechtbank legt deels voorwaardelijke gevangenisstraf op met verbod op datingapplicaties

Rechtbank Midden-Nederland 9 maart 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:815

De veroordeelt een man voor grootschalige datingfraude, oplichting, dwang en gewoontewitwassen gepleegd tussen 2021 en 2025. De verdachte maakt elf slachtoffers via datingwebsites en datingapplicaties en beweegt hen onder valse namen tot het overmaken van in totaal ruim € 164.000, dat hij vrijwel geheel vergokt. De rechtbank legt een gevangenisstraf op van 510 dagen waarvan 353 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, aangevuld met een taakstraf van 300 uur. Aan het voorwaardelijk strafdeel worden uitgebreide bijzondere voorwaarden verbonden, waaronder een verbod op datingapplicaties, een gokverbod en verplichte behandeling voor gokverslaving. De rechtbank oordeelt dat bij datingfraude de nadelige gevolgen voor slachtoffers zo voor de hand liggen dat aantasting in de persoon kan worden aangenomen, en kent immateriële schadevergoeding toe.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Eigen dood in scene gezet met valse akten en vervolgens gemeenteambtenaren bedreigd: 120 dagen gevangenisstraf waarvan grotendeels voorwaardelijk

Rechtbank Gelderland 9 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1773

De rechtbank Gelderland veroordeelt een man voor tweemaal valsheid in geschrift, poging tot oplichting en tweemaal bedreiging. De verdachte zet zijn eigen dood in scene door valse akten op te maken, waaronder een geboorteakte, notariele verklaring, artsverklaring van overlijden en nalatenschapsverklaringen, om vervolgens onder een valse Spaanse identiteit een nieuw burgerservicenummer te verkrijgen. De poging tot oplichting van de gemeente Enschede mislukt doordat de overlijdensakte niet daadwerkelijk wordt afgegeven. De verdachte bedreigt later medewerkers van de gemeente Almelo met een AK-47 en dreigt bij zijn buurvrouw de gaskraan open te zetten, wat hij vervolgens ook doet. De rechtbank houdt rekening met de ernstige borderline persoonlijkheidsstoornis van de verdachte en rekent de feiten in verminderde mate toe.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Dertig maanden voor serie babbeltrucs door nepagent: rechtbank formuleert eigen strafmaat en wijst smartengeld toe bij vermogensdelict

Rechtbank Gelderland 6 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1777

De veroordeelt een 26-jarige man tot dertig maanden gevangenisstraf, waarvan tien maanden voorwaardelijk, voor een serie babbeltrucs waarbij hij zich voordoet als politieagent bij bejaarde slachtoffers. De verdachte fungeert als "haler" en neemt in die rol geld en sieraden in ontvangst die de slachtoffers in goed vertrouwen afstaan aan de vermeende agent. De rechtbank formuleert, bij gebrek aan een LOVS-orientatiepunt voor babbeltrucs, een eigen straftoemetingsuitgangspunt van vijf maanden gevangenisstraf per voltooid feit, hoger dan het orientatiepunt voor woninginbraak vanwege de ingrijpendere impact op slachtoffers. Opmerkelijk is dat de rechtbank immateriele schadevergoeding toewijst hoewel het om een vermogensdelict gaat, omdat zij oordeelt dat sprake is van aantasting in de persoon op andere wijze gezien de ernstige gevolgen voor de levenskwaliteit en het vertrouwen van de bejaarde slachtoffers.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Van fietsenwinkels tot diaconieeen: stelselmatige oplichting leidt tot deels voorwaardelijke gevangenisstraf met uitgebreid voorwaardenpakket

Rechtbank Noord-Nederland 10 maart 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:700

De rechtbank veroordeelt een 54-jarige vrouw voor stelselmatige oplichting van fietsenwinkels, elektronicazaken en personen verbonden aan kerkelijke instellingen, alsmede voor een poging tot oplichting en gewoontewitwassen. De verdachte deed zich voor onder valse namen en hing zielige verhalen op over ziekten en geldnood om slachtoffers te bewegen tot afgifte van elektrische fietsen, laptops, iPads en geldbedragen. De rechtbank acht het stelselmatige karakter van de oplichtingen en het misbruik van de menslievendheid van kerkelijke instellingen bijzonder kwalijk. Bij het witwassen beperkt de rechtbank de bewezenverklaring tot het bedrag van 1.268 euro waarvan de criminele herkomst met voldoende zekerheid vaststaat en spreekt de verdachte vrij van het witwassen van het overige bedrag van 7.817 euro. De opgelegde straf bedraagt 720 dagen gevangenisstraf, waarvan 322 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren en uitgebreide bijzondere voorwaarden gericht op begeleiding, behandeling en stabilisatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

De boete voor de belastingadviseur: hoe stevig moet het bewijs zijn?

Rechtbank Gelderland vernietigt een deelnemersboete van € 70.000 voor een belastingadviseur op vier zelfstandige gronden. De inspecteur slaagde niet in het bewijs dat de adviseur als feitelijk leidinggever, medepleger of medeplichtige betrokken was bij het niet aangeven van vennootschapsbelasting door Curaçaose vennootschappen. De toestemmingsprocedure voor de boete was volgens de rechtbank "uitermate onzorgvuldig" doorlopen en de vennootschappen zelf hadden geen beboetbaar feit begaan. De rechtbank sprak van een tunnelvisie bij de Belastingdienst en kende een integrale proceskostenvergoeding toe van bijna € 69.000. De uitspraak markeert hoe hoog de bewijslat ligt bij het persoonlijk beboeten van fiscale adviseurs via de deelnemersboete van artikel 67o AWR.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verbeurdverklaring in mindering op ontnemingsmaatregel: rechtbank past reparatoir karakter toe bij handel in amfetaminehoudende tabletten

Rechtbank Rotterdam 25 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:2571

De rechtbank Rotterdam legt in een ontnemingsprocedure aan een veroordeelde de verplichting op tot betaling van 63.500 euro aan de staat. De veroordeelde is eerder veroordeeld voor de handel in afslanktabletten die amfetamine bevatten, in strijd met de Opiumwet en de Geneesmiddelenwet. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op 77.807,19 euro, gebaseerd op een ontnemingsrapport van de NVWA. De rechtbank gaat voor de berekening uit van een ruimere pleegperiode dan de bewezen verklaarde periode, namelijk vanaf 1 januari 2021. Na aftrek van een in de strafzaak verbeurd verklaard geldbedrag van 14.307,19 euro resteert een betalingsverplichting van 63.500 euro. De maximale duur van de gijzeling bij uitblijven van betaling wordt vastgesteld op 371 dagen.

Inleiding en context

Deze zaak betreft een ontnemingsprocedure als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr). De veroordeelde, een natuurlijk persoon geboren in 1986, is bij vonnis van de rechtbank Rotterdam van 25 februari 2026 veroordeeld voor onder meer het handelen in afslanktabletten die amfetamine bevatten. Deze tabletten kwalificeren als geneesmiddelen in de zin van de Geneesmiddelenwet. De veroordeelde handelt zonder de daarvoor vereiste vergunningen en verzwijgt het schadelijke karakter van de tabletten. De bewezen verklaarde pleegperiode in de strafzaak loopt van 22 juni 2022 tot en met 13 oktober 2022. Het vonnis in de strafzaak is ten tijde van de ontnemingsprocedure nog niet onherroepelijk.

De ontnemingszaak wordt gelijktijdig met de strafzaak behandeld op de zittingen van 4 en 25 februari 2026. De zaak wordt bij verstek behandeld, met een gemachtigde raadsvrouw als vertegenwoordiger van de veroordeelde. De procedure vindt plaats voor de meervoudige economische kamer van de rechtbank Rotterdam.

Tenlastelegging en wettelijk kader

De ontnemingsvordering is gebaseerd op artikel 36e, tweede lid, Sr. Dit artikel biedt de grondslag voor ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel dat is verkregen door middel van of uit de baten van strafbare feiten waarvoor de betrokkene is veroordeeld, alsmede andere strafbare feiten waarvoor voldoende aanwijzingen bestaan dat deze door de veroordeelde zijn begaan. De onderliggende veroordeling betreft feiten in strijd met de Opiumwet en de Geneesmiddelenwet, te weten het handelen in afslanktabletten die de verboden stof amfetamine bevatten, zonder vergunning en onder verzwijging van het schadelijke karakter van de tabletten.

Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie vordert, na wijziging van de vordering ter zitting, dat het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt vastgesteld op een bedrag van 77.807,19 euro. De officier van justitie vordert daarnaast dat aan de veroordeelde de verplichting wordt opgelegd tot betaling van ditzelfde bedrag aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Het Openbaar Ministerie baseert zich op artikel 36e, tweede lid, Sr en stelt dat sprake is van voordeel dat is verkregen door middel van of uit de baten van de bewezen verklaarde feiten en van andere strafbare feiten waarvoor voldoende aanwijzingen bestaan. De officier van justitie stemt er daarbij mee in dat bedragen die door twee getuigen zijn overgemaakt in mindering worden gebracht op de berekende opbrengst, omdat deze betalingen niet gerelateerd zijn aan de handel in afslanktabletten.

Standpunt van de verdediging

De verdediging stemt in met de matiging van de ontnemingsvordering tot een bedrag van 77.807,19 euro. Voor het overige refereert de verdediging zich aan het oordeel van de rechtbank. De verdediging voert geen zelfstandige verweren ten aanzien van de grondslag, de berekeningswijze of de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel, anders dan het standpunt dat de bedragen van de twee getuigen in mindering moeten worden gebracht.

Oordeel gerecht

De rechtbank stelt voorop dat in het vonnis in de strafzaak is vastgesteld dat de veroordeelde de strafbare feiten heeft begaan. Op basis van het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel van de NVWA concludeert de rechtbank dat de veroordeelde door middel van deze feiten wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. Daarbij stelt de rechtbank vast dat er voldoende aanwijzingen bestaan, in die zin dat buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld, dat de veroordeelde ook andere strafbare feiten heeft begaan waaruit hij wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. Het gaat daarbij om dezelfde feiten gedurende een langere periode, namelijk vanaf 1 januari 2021. De ontnemingsperiode strekt zich daarmee verder uit dan de bewezen verklaarde pleegperiode in de strafzaak.

De rechtbank oordeelt dat het ontnemingsrapport een voldoende nauwkeurige schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel bevat. De berekening is voldoende onderbouwd door middel van wettige en nauwkeurig aangeduide bewijsmiddelen. De verdediging heeft de berekening op een onderdeel na niet weersproken. De rechtbank merkt daarbij op dat bij de schatting steeds is uitgegaan van de voor de veroordeelde meest voordelige situatie, aan de hand van diens eigen verklaring naar aanleiding van het onderzoek dat aan de berekening ten grondslag ligt. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt in het rapport geschat op 79.245,19 euro.

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat de bedragen die door de getuigen zijn overgemaakt, in totaal 1.438 euro, in mindering moeten worden gebracht op de opbrengst. Deze getuigen hebben bij de rechter-commissaris verklaard dat de door hen overgemaakte bedragen niets te maken hebben met de afslanktabletten. Na aftrek van dit bedrag stelt de rechtbank het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op 77.807,19 euro.

Bewezenverklaring

De bewezenverklaring volgt uit het vonnis in de onderliggende strafzaak. De veroordeelde is veroordeeld voor de volgende feiten:

  • het handelen in afslanktabletten die amfetamine bevatten, in strijd met de Opiumwet

  • het handelen in geneesmiddelen in de zin van de Geneesmiddelenwet zonder de daarvoor vereiste vergunningen

  • het verzwijgen van het schadelijke karakter van de tabletten

Deze feiten zijn gepleegd in de periode van 22 juni 2022 tot en met 13 oktober 2022. Voor de ontnemingsberekening gaat de rechtbank uit van een ruimere periode vanaf 1 januari 2021, op grond van voldoende aanwijzingen dat de veroordeelde ook in die eerdere periode dezelfde strafbare feiten heeft begaan.

Strafoplegging en maatregelen

De rechtbank stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op 77.807,19 euro. Bij het vaststellen van de betalingsverplichting houdt de rechtbank rekening met het reparatoire karakter van de ontnemingsmaatregel. In de strafzaak is een geldbedrag van 14.307,19 euro op een bankrekening ten name van een derde verbeurd verklaard. Hoewel deze verbeurdverklaring nog niet onherroepelijk is, brengt de rechtbank dit bedrag in mindering op de betalingsverplichting. Voor de overige verbeurd verklaarde voorwerpen geldt dat de geldelijke waarde niet gemakkelijk is vast te stellen, zodat deze buiten beschouwing worden gelaten.

De rechtbank legt aan de veroordeelde de verplichting op tot betaling aan de staat van 63.500 euro, zijnde het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel van 77.807,19 euro verminderd met het verbeurd verklaarde bedrag van 14.307,19 euro. Bij deze beslissing neemt de rechtbank de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde in aanmerking.

Op grond van artikel 6:6:25 Sv stelt de rechtbank de maximale duur van de gijzeling vast die kan worden gevorderd indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt. De rechtbank hanteert daarbij een staffel op basis van artikel 36e, elfde lid, Sr: voor bedragen tot 50.000 euro geldt een maximum van 360 dagen en voor bedragen tot 500.000 euro een maximum van 720 dagen. Uitgaande van deze verdeling stelt de rechtbank de maximale gijzelingsduur vast op 371 dagen, bestaande uit 360 dagen voor de eerste 50.000 euro en 11 dagen voor het resterende bedrag van 13.500 euro. De rechtbank wijst het meer of anders gevorderde af.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak voor computervredebreuk maar veroordeling voor wederrechtelijk overnemen bedrijfsgeheimen: rechtbank past toetsingskader politiemol-arrest toe

Rechtbank Oost-Brabant 10 maart 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:1586

De veroordeelt een voormalig technicus voor het wederrechtelijk overnemen van niet-openbare bedrijfsgeheimen van zijn werkgever, maar spreekt hem vrij van computervredebreuk. De rechtbank past het toetsingskader uit het politiemol-arrest van de Hoge Raad toe en oordeelt dat niet is gebleken dat de verdachte de intentie had het systeem oneigenlijk te gebruiken. De vertrouwelijke bestanden, waaronder design documenten en softwarecode, zijn buiten de beveiligde digitale omgeving gebracht door ze te downloaden naar een werklaptop en te kopieren naar externe harde schijven. Het Openbaar Ministerie eist een gevangenisstraf van drie jaren, maar de rechtbank legt slechts een taakstraf van 60 uren op. De rechtbank weegt mee dat de verdachte niet uit financieel motief heeft gehandeld, niet eerder is veroordeeld en zijn baan is kwijtgeraakt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak voor aangelegd aanwezig hebben van zendapparatuur: enkele verklaring van eigendom biedt onvoldoende bewijs

Rechtbank Noord-Nederland 16 maart 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:809

De economische politierechter van de rechtbank Noord-Nederland spreekt een verdachte vrij van het medeplegen van aangelegd aanwezig hebben van zendapparatuur zonder vergunning, in strijd met artikel 10.15 van de Telecommunicatiewet. Op 24 oktober 2024 worden op een perceel in de gemeente Emmen radioapparaten aangetroffen, waaronder een zendmast, antennesystemen en zendversterkers, die met apparatuur op een nabijgelegen locatie zijn verbonden. De verdachte meldt zich bij de politie als eigenaar van de goederen, maar het procesdossier bevat verder onvoldoende bewijs voor betrokkenheid bij het tenlastegelegde feit. De rechter oordeelt dat de enkele verklaring van eigendom onvoldoende is voor een bewezenverklaring, mede nu de verdachte op de dag van de inbeslagname in Denemarken verbleef. Over de inbeslaggenomen goederen wordt geen beslissing genomen, omdat het beslag is gelegd onder de medeverdachte en niet onder de verdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Illegale radiozender verstoort luchtvaartcommunicatie in Duitsland: economische politierechter legt geldboete op en onttrekt zendapparatuur aan het verkeer

Rechtbank Noord-Nederland 16 maart 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:811

De economische politierechter veroordeelt een verdachte uit de gemeente Emmen voor het medeplegen van het opzettelijk aangelegd aanwezig hebben en gebruiken van illegale radioapparatuur zonder vergunning, in strijd met artikel 10.15 van de Telecommunicatiewet. De zaak komt aan het licht na een melding van de Duitse luchtverkeersleiding dat op de luchtvaartfrequentie 128.5 MHz Nederlandstalige muziek van een illegale zender te horen is, waardoor communicatie met vliegtuigen in het luchtruim boven Noordrijn-Westfalen onmogelijk wordt. Op het perceel van de verdachte treft de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur een complete radiostudio aan met meerdere zenders, vermogensversterkers en antennes, terwijl op 800 meter afstand een onbemande zendconstructie met een 70 meter hoge antennemast wordt gevonden. Het verweer dat onvoldoende onderzoek is verricht naar het verband tussen de verstoring en de aangetroffen apparatuur wordt verworpen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vervolging na niet-betekend voorwaardelijk sepot toegestaan: rechtbank maakt onderscheid tussen informeel en formeel sepot

Rechtbank Gelderland 6 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1771

De rechtbank Gelderland veroordeelt een vrouw tot 183 dagen gevangenisstraf voor acht strafbare feiten, waaronder poging tot diefstal met geweld, bedreigingen met de dood en mishandelingen. Juridisch relevant is het verweer van de verdediging dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard omdat een eerder voorwaardelijk sepot niet aan de verdachte is betekend. De rechtbank verwerpt dit verweer en maakt een principieel onderscheid tussen het informele sepot op grond van artikel 167 Sv en het formele sepot op grond van artikel 242 lid 2 Sv. Alleen het formele sepot vereist betekening aan de verdachte. De rechtbank wijkt hiermee af van een eerdere uitspraak van dezelfde rechtbank uit 2024. De verdachte is verminderd toerekeningsvatbaar wegens schizofrenie, een posttraumatische stresstoornis en een lichte verstandelijke beperking, en verblijft voor behandeling bij de Van der Hoevenkliniek.

Read More
Print Friendly and PDF ^