Hoge Raad over de inzet van een lokportemonnee

Hoge Raad 14 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1220

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van een verdachte die is veroordeeld voor het medeplegen van diefstal van een lokportemonnee. De verdediging voert aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard, subsidiair dat het bewijs moet worden uitgesloten, omdat de politie het lokmiddel onrechtmatig heeft ingezet en zo het Tallon-criterium heeft geschonden. Voor de rechtmatige inzet van een lokportemonnee is onder meer vereist dat de verdachte niet is gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet tevoren al was gericht. Dat een portemonnee met zichtbaar geld een verdachte op het idee kan brengen om deze weg te nemen, betekent niet dat zijn opzet niet al op diefstal was gericht. Het hof stelt vast dat de verbalisanten het lokmiddel pas inzetten nadat zij hadden waargenomen dat de verdachte en de medeverdachte mogelijk vermogensdelicten wilden plegen. De Hoge Raad oordeelt dat het oordeel van het hof geen blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en niet onbegrijpelijk is, en verwerpt het beroep.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Rechtbank oordeelt in strafzaak tegen Eternit dat het recht tot strafvordering voor de verdenkingen van doodslag niet door verjaring is vervallen

Volgens de officier van justitie heeft Eternit Fabrieken B.V. (Eternit) zich ten aanzien van twee oud-werknemers en een partner van een oud-werknemer schuldig gemaakt aan doodslag. Het bedrijf uit Goor wordt verantwoordelijk gehouden voor de dood van deze personen, omdat zij door Eternit aan asbest(vezels) zijn blootgesteld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitspraak EHRM verwacht in McArdle tegen Nederland: veroordeling in hoger beroep na vrijspraak, zonder hernieuwd verhoor van de belastende getuige

Naar verwachting doet het Europees Hof voor de Rechten van de Mens op 1 september 2026 uitspraak in de zaak McArdle tegen Nederland, klachtnummer 31220/20. De klacht is op 17 juli 2020 ingediend en op 16 december 2022 door de Third Section gecommuniceerd aan de Nederlandse regering. De zaak draait om een strafzaak waarin de rechtbank Amsterdam tot vrijspraak kwam en het gerechtshof Amsterdam vervolgens tot een veroordeling, terwijl het bewijs in beide instanties in de kern uit dezelfde getuigenverklaring bestond. Het gerechtshof wees de verzoeken van de verdediging om die getuige in hoger beroep opnieuw te horen af. De klager stelt dat hij daardoor geen eerlijk proces heeft gehad in de zin van artikel 6, eerste lid, en derde lid onder d, EVRM. Het Hof heeft partijen één vraag voorgelegd en verwijst daarbij naar drie arresten: Schatschaschwili tegen Duitsland, Júlíus Þór Sigurþórsson tegen IJsland en Keskin tegen Nederland.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Nieuw advies van staatsraad A-G Snijders over schadevergoeding bij schending van het vertrouwensbeginsel

Staatsraad advocaat-generaal Snijders heeft op 29 juli opnieuw een conclusie uitgebracht over schadevergoeding op grond van het vertrouwensbeginsel in het bestuursrecht. De conclusie is een vervolg op zijn eerdere conclusie van augustus 2024, waarin hij, kort gezegd, tot de slotsom komt dat als iemand gerechtvaardigd heeft vertrouwd op een toezegging van een bestuursorgaan, maar dat bestuursorgaan dat gerechtvaardigd vertrouwen niet kan honoreren, hij recht heeft op vergoeding van zogeheten dispositieschade.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitspraak Hoge Raad n.a.v. prejudiciële vragen over rechtsmacht Nederland bij verdenking van valsheid in geschrift in buitenland

De Hoge Raad heeft op 14 juli prejudiciële vragen beantwoord die het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gesteld over de rechtsmacht van Nederland in het geval waarin het gaat om het in het buitenland valselijk opmaken of vervalsen van een IND-formulier bedoeld voor een nareisprocedure.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Niet-ontvankelijkheid OM wegens dagvaarding in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde door het ontzeggen van de regiefase bij de rechter-commissaris

Rechtbank Amsterdam 9 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:6995

De rechtbank Amsterdam verklaart in een fiscale strafzaak over dividendstripping het bezwaarschrift tegen de dagvaarding gegrond en verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging. De rechtbank oordeelt dat het Openbaar Ministerie in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde heeft gedagvaard door de verdachte de regiefase bij de rechter-commissaris te ontzeggen en de zaak op publicitaire gronden naar de openbare zitting te brengen. Uit een interne e-mail leidt de rechtbank af dat vooral de wens om de zaak snel publiek te presenteren de beslissing tot dagvaarding heeft bepaald, zonder dat het belang van de verdediging bij die regiefase is meegewogen. Dat weegt te zwaarder omdat nog een cassatieprocedure loopt over stukken waarop volgens de verdediging verschoningsrecht rust. De rechtbank merkt het verzuim aan als herstelbaar en stelt de verdachte niet buiten vervolging. Het Openbaar Ministerie kan pas opnieuw dagvaarden wanneer de regiefase alsnog heeft plaatsgevonden en met de lopende procedures rekening is gehouden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Cel voor jarenlange uitbuiting van jonge vrouw op stoeterij

Een 56-jarige vrouw uit de gemeente Woerden is door de rechtbank Oost-Brabant veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk. Ze buitte meer dan elf jaar lang een kwetsbare jonge vrouw uit door haar lange dagen te laten werken zonder haar daarvoor te betalen, terwijl zij onder erbarmelijke omstandigheden op het terrein van de vrouw woonde. De vrouw moet het slachtoffer een schadevergoeding betalen van ruim 200.000 euro én ze moet bijna 250.000 euro aan illegale inkomsten aan de Staat afstaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontslag van alle rechtsvervolging bij verdenking onjuiste aangifte omzetbelasting

Gerechtshof Den Haag 9 juni 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:1909

Het gerechtshof oordeelt in hoger beroep over een natuurlijke persoon die als feitelijke leidinggever wordt vervolgd voor het opzettelijk onjuist doen van aangifte omzetbelasting door zijn vennootschap (feit 1) en voor faillissementsfraude (feit 2). Het hof verwerpt de verweren dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk is wegens vereenzelviging van de verdachte met de vennootschap en wegens schending van het Protocol AAFD. Voor feit 2 volgt vrijspraak, omdat niet bewezen is dat de verdachte omstreeks mei 2017 al wist dat het faillissement voorzienbaar was en dat de schuldeisers benadeeld zouden worden. Feit 1 acht het hof wettig en overtuigend bewezen. De tenlastelegging is echter gebaseerd op de tekst van artikel 68, eerste lid (oud) AWR zoals die gold tot 1 januari 1998, met het inmiddels vervangen gevolgbestanddeel. Omdat die delictsomschrijving ten tijde van het bewezenverklaarde niet meer geldt, kan het feit niet worden gekwalificeerd en wordt de verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordelingen voor oplichten van sneakerbedrijf in Veldhoven

Een 35-jarige man uit de gemeente ’s-Hertogenbosch is door de rechtbank Oost-Brabant veroordeeld tot een taakstraf van 160 uur en twee maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. Hij haalde met een geleende vrachtwagen sneakers ter waarde van ruim 200.000 euro weg bij een bedrijf. Een 41-jarige man uit de gemeente Heusden, die de vrachtwagen bestuurde, krijgt geen straf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor meineed en valsheid in geschrift bij valse fee-facturen, met vrijspraak van niet-ambtelijke omkoping

Rechtbank Oost-Brabant 18 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:4372

De rechtbank Oost-Brabant veroordeelt een bestuurder voor meineed, valsheid in geschrift en medeplegen van valsheid in geschrift. De verdachte werkt mee aan twee valse fee-facturen waarmee zijn medeverdachte ruim € 100.000 onttrekt aan het bedrijf waarvan deze zelf mede-eigenaar is. De facturen vermelden werkzaamheden die nooit zijn verricht en worden opgenomen in de bedrijfsadministratie van het bedrijf van verdachte. Als beëdigde getuige bij de rechter-commissaris legt de verdachte over deze constructie een op meerdere punten valse verklaring onder ede af. Van actieve niet-ambtelijke omkoping spreekt de rechtbank vrij, omdat de betalingen niet zijn gedaan ter beïnvloeding van het handelen van de medeverdachte in zijn hoedanigheid van directeur. De rechtbank legt een taakstraf van 180 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden op, lager dan de eis van het Openbaar Ministerie.

Read More
Print Friendly and PDF ^