OM niet-ontvankelijk in tweede Wallenpanden-vervolging: ne bis in idem en beginselen van een behoorlijke procesorde

Het hof Amsterdam verklaarde het OM op 1 mei 2026 niet-ontvankelijk in de tweede witwasvervolging van een man en zijn vennootschap rond de Wallenpanden. In het eerdere onderzoek Kolbak was de man in 2009 vrijgesproken omdat de criminele herkomst van de panden niet bewezen kon worden; in Terrel probeerde het OM het opnieuw met een latere pleegperiode en de a-variant van artikel 420bis Sr. Het hof oordeelt dat sprake is van hetzelfde feit in de zin van artikel 68 Sr: zelfde panden, gelijke juridische aard en geen relevante verschillen in gedragingen. Voor de rechtspersoon ontbreekt formele ne bis in idem-bescherming, maar via vereenzelviging met de verdachte loopt de vervolging stuk op de beginselen van een behoorlijke procesorde. Aangevoerde nova kunnen de toets van artikel 68 Sr niet anders maken, aldus het hof.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof Arnhem-Leeuwarden: vrijspraak van oplichting en witwassen tractor wegens ontbreken oplichtingsmiddelen en objectief steunbewijs

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 17 april 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:2733

Het gerechtshof spreekt een verdachte vrij van oplichting bij de verkoop van een iPhone aan een telefoonzaak. Daarnaast volgt vrijspraak van verduistering, diefstal en witwassen van een tractor van het merk Fiat. Het hof oordeelt dat de gedragingen rond de iPhone-verkoop niet kwalificeren als oplichtingsmiddelen in de zin van artikel 326 Sr. Voor de tenlastegelegde verduistering ontbreekt het vereiste dienstverband, terwijl voor diefstal en witwassen onvoldoende duidelijk is hoe de verdachte de tractor voorhanden kreeg. Het belastende bewijs herleidt zich tot één bron zonder objectief steunbewijs. Beide benadeelde partijen worden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen tot schadevergoeding.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verzekeringsfraude met valse huurcontracten en vervalste brandweerbrief: hof komt tot bewezenverklaring oplichting en valsheid in geschrifte, maar matigt straf wegens overschrijding redelijke termijn

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16 april 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:1060

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeelt een ondernemer voor verzekeringsfraude door het indienen van valse huurcontracten en een vervalste brandweerbrief bij zijn verzekeraar. De verdachte beweegt daarmee de verzekeraar tot uitkering van € 249.500 wegens beweerdelijk gederfde huurinkomsten. Uit getuigenverklaringen blijkt dat het bedrijf nimmer dergelijke inkomsten behaalt en dat de overgelegde huurcontracten zijn verzonnen. Het hof acht oplichting en het opzettelijk gebruikmaken van valse geschriften bewezen, maar spreekt vrij van medeplegen. Vanwege een forse overschrijding van de redelijke termijn matigt het hof de straf tot zes maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De vordering van de benadeelde verzekeraar wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onevenredige belasting van het strafgeding.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof veroordeelt corrupte gemeenteambtenaar in onderzoek Pos

Gerechtshof Amsterdam 7 mei 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:1273 en ECLI:NL:GHAMS:2026:1274 (ontnemingszaak)

Het gerechtshof doet uitspraak in zowel de straf- als de ontnemingszaak tegen een toezichthouder bij de gemeente Amsterdam die zich gedurende ruim vijf jaar schuldig heeft gemaakt aan passieve ambtelijke omkoping. De verdachte heeft van diverse aannemers giften ter waarde van bijna € 69.000 aangenomen en wordt daarnaast veroordeeld voor het bezit van bijna 460 gram MDMA. Het hof bevestigt een gevangenisstraf van vijf maanden, na matiging wegens overschrijding van de redelijke termijn. In de ontnemingszaak oordeelt het hof dat geen rechtsregel zich ertegen verzet de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel te baseren op zowel het tweede als het derde lid van artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op € 143.397,80, opgebouwd uit bewezenverklaarde giften, voordeel uit andere strafbare feiten en een kasopstelling. De betalingsverplichting wordt na matiging vastgesteld op € 138.397.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Adviseur veroordeeld voor medeplegen witwassen van € 1,6 miljoen via schijnconstructies in Panama, Dubai en Londen

Gerechtshof Den Haag 17 maart 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:406

Het gerechtshof Den Haag veroordeelt een financieel, juridisch en fiscaal adviseur tot drie jaren gevangenisstraf voor het medeplegen van witwassen van ruim € 1,6 miljoen en een BMW X6. De verdachte vervulde een centrale rol bij het opzetten van schijnconstructies via vennootschappen in Panama, Dubai en het Verenigd Koninkrijk om gelden van een veroordeelde cocaïne-importeur in het Nederlandse betalingsverkeer te brengen. Het hof acht het witwasvermoeden gerechtvaardigd op grond van ongebruikelijke geldstromen, valse contracten en fictieve loonconstructies via een uitzendbureau. De door de verdachte geboden verklaring over een legale herkomst van het vermogen voldoet niet aan het criterium van concreet, verifieerbaar en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk. Hoewel het hof in beginsel een gevangenisstraf van vier jaren passend acht, vermindert het deze straf met één jaar vanwege overschrijding van de redelijke termijn met ruim 5,5 jaren in hoger beroep. De uitspraak biedt inzicht in de strafrechtelijke aansprakelijkheid van financiële dienstverleners die schijnconstructies opzetten ten behoeve van criminele cliënten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf voor advocaat wegens jarenlange onjuiste btw-aangiften over toevoegingsvergoedingen Raad voor Rechtsbijstand

Gerechtshof Amsterdam 8 april 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:1209 (natuurlijk persoon) en ECLI:NL:GHAMS:2026:1208 (rechtspersoon)

Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt op 8 april 2026 in twee parallelle uitspraken een advocaat en zijn besloten vennootschap wegens het opzettelijk onjuist doen van aangiften omzetbelasting, valsheid in geschrift in de bedrijfsadministratie en het niet doen van aangiften omzetbelasting. De vergoedingen van de Raad voor Rechtsbijstand worden jarenlang in de administratie verwerkt als onbelaste omzet, terwijl deze ontvangsten zijn belast met btw. De advocaat verstrekt zijn boekhouders overzichten met een onjuist tarief van nul procent, op basis waarvan onjuiste aangiften worden ingediend. Het hof verwerpt het beroep op afwezigheid van opzet en het rechtmatigheidsverweer over de cautie bij het boekenonderzoek en oordeelt dat een suppletieaangifte juridisch geen aangifte is. Wegens een overschrijding van de redelijke termijn met meer dan vijf jaar en zeven maanden volgt voor de bestuurder een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een taakstraf van 120 uren. De vennootschap krijgt een geheel voorwaardelijke geldboete van € 100.000 opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel 74 AWR geen belemmering voor ontneming van vervolgprofijt uit aan belastingheffing onttrokken vermogen: hof rekent voordeel toe aan ultimate beneficial owners

Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch legt op 16 april 2026 aan de betrokkene een ontnemingsmaatregel op van € 5.157.336 wegens vervolgprofijt uit witwassen van aan de belastingheffing onttrokken vermogen. Het hof oordeelt dat artikel 74 AWR niet in de weg staat aan ontneming van voordeel dat op andere wijze samenhangt met fiscale fraude, zoals rendement op aan de belastingheffing onttrokken gelden. De betalingsverplichting wordt hoofdelijk opgelegd aan de betrokkene en haar medeverdachte als ultimate beneficial owners. De gelijktijdig gewezen vordering tegen de betrokken rechtspersoon wordt afgewezen omdat het voordeel feitelijk uitsluitend bij de natuurlijke personen is terechtgekomen. De rechtspersoon is volgens het hof slechts als instrument en tussenschakel gebruikt. De gijzeling wordt vastgesteld op de wettelijke maximumduur van 1080 dagen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Belastingfraude van € 3,9 miljoen leidt tot uitsluitend voorwaardelijke gevangenisstraf wegens ernstige schending redelijke termijn

Gerechtshof Den Haag 6 mei 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:1592

Het Gerechtshof Den Haag oordeelt op 6 mei 2026 over een omvangrijke belastingfraudezaak waarin de verdachte als feitelijk leidinggever van drie vennootschappen jarenlang opzettelijk onjuiste aangiften omzetbelasting heeft laten doen. Het fiscaal nadeelbedrag beloopt circa € 3,9 miljoen. De verdachte heeft daarnaast twaalf verklaringen omtrent betalingsgedrag vervalst en gebruikt richting opdrachtgevers. Het hof verwerpt het beroep op putatieve overmacht in de zin van noodtoestand. Vanwege een ernstige overschrijding van de redelijke termijn van bijna tien jaar legt het hof uitsluitend een voorwaardelijke gevangenisstraf op. De maximale wettelijke duur van twee jaar voorwaardelijk wordt opgelegd, mede gelet op leeftijd en gezondheid van de verdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof Den Haag wijzigt ambtshalve grondslag ontnemingsvordering: witwashandelingen leiden niet zelfstandig tot wederrechtelijk verkregen voordeel

Gerechtshof Den Haag 21 april 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:1285

Het Gerechtshof Den Haag oordeelt op 21 april 2026 in een ontnemingszaak dat het enkele verrichten van witwashandelingen op zichzelf niet leidt tot wederrechtelijk verkregen voordeel in de zin van artikel 36e lid 2 Sr. Het hof verlaat ambtshalve de door het Openbaar Ministerie aangevoerde grondslag en past artikel 36e lid 3 Sr toe op de zaak van een betrokkene die is veroordeeld voor medeplegen van witwassen van € 410.000. Dat bedrag is via een schijnconstructie aangewend voor de aankoop van een woning, terwijl tegenover de ontvangst geen schuld of tegenprestatie heeft gestaan. De waardestijging van de woning kwalificeert als vervolgprofijt van € 65.000, zodat het totale voordeel op € 475.000 wordt geschat. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in zowel eerste aanleg als hoger beroep matigt het hof de betalingsverplichting met € 10.000. Aan de betrokkene wordt de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van € 465.000.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Helpdeskmedewerker veroordeeld voor computervredebreuk met valse sleutel en poging tot afdreiging na hack van medische patiëntgegevens

Gerechtshof Amsterdam 16 april 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:1003

Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt een voormalig helpdeskmedewerker voor computervredebreuk en poging tot afdreiging na een hack van medische gegevens van ongeveer 30.000 patiënten. De verdachte gebruikte zijn werktoegang onbevoegd om gegevens van een server van zijn werkgever te downloaden en eiste vervolgens bitcoins onder dreiging van openbaarmaking. Het hof verwerpt het verweer dat geen sprake zou zijn van een valse sleutel en wijst op vaste jurisprudentie van de Hoge Raad. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg en in hoger beroep compenseert het hof in de strafmodaliteit en strafsoort. De verdachte krijgt 180 dagen gevangenisstraf waarvan 132 voorwaardelijk, een taakstraf van 240 uur en een geldboete van € 7.500. Het hof verklaart bovendien diverse digitale gegevensdragers verbeurd en gelast teruggave van een Dell computer aan de werkgever.

Read More
Print Friendly and PDF ^