Boetes voor drie eiproductfabrikanten wegens afstemming van inkoopprijzen, verdeling van leghenhouders en uitwisseling van concurrentiegevoelige informatie in stand; boete van één onderneming gematigd

Drie producenten van eiproducten kregen van de ACM boetes opgelegd voor overtreding van het kartelverbod. Zij stemden onderling inkoopprijzen van kooi- en scharreleieren af, verdeelden leghenhouders en wisselden concurrentiegevoelige informatie uit. Het College bevestigt dat de ACM de gedragingen terecht als strekkingsbeding heeft aangemerkt en dat de ondernemingen een sterke tot zeer sterke positie hadden op de inkoopmarkt. De formele verweren over functiescheiding, hoorplicht en gewijzigde marktafbakening worden verworpen. De boetes van twee ondernemingen blijven in stand; die van de derde onderneming, die als enige bij beide inbreuken betrokken was, worden verder gematigd omdat zij tweemaal voor dezelfde gedraging is beboet. Een exacte berekening van marktaandelen was daarvoor niet nodig.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor oplichting van zestien opdrachtgevers door zich voor te doen als bonafide aannemer, met schakelbewijs voor drie van de vijf zaken

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2 september 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:5670

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelt een man tot een gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, voor oplichting van zestien opdrachtgevers. De verdachte biedt zich via kluswebsites aan als aannemer, vraagt aanbetalingen voor materiaal en verricht de werkzaamheden vervolgens niet of gebrekkig. Het hof stelt vast dat hij een valse naam, een valse hoedanigheid en een samenweefsel van verdichtsels heeft gebruikt en dat de aanbetalingen direct naar privérekeningen zijn doorgestort. In drie zaken waarin geen aantoonbare onwaarheden vooraf zijn gebruikt, komt het hof tot een bewezenverklaring via schakelbewijs op grond van de kenmerkende modus operandi. De vorderingen van de benadeelde partijen worden toegewezen voor zover zij de aanbetalingen betreffen; herstelkosten en immateriële schade blijven buiten de strafprocedure. Het hof weegt een overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg strafmatigend mee.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Matiging van bestuurlijke boete voor het vervoeren van een niet transportwaardig varken wegens late toezending van het rapport van bevindingen

College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 september 2026, ECLI:NL:CBB:2026:415

Een veevervoerder krijgt een bestuurlijke boete van € 3.000 omdat zij een varken met een zeer grote navelbreuk en een ernstige open wond naar een slachthuis vervoert. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelt dat de vervoerder de overtreding van de Transportverordening kan worden verweten, ook al zijn andere partijen bij het aanbieden betrokken. De gronden over de bevoegdheid van de toezichthouder, de cautie, het gelijkheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel slagen niet. De staatssecretaris verklaart op de zitting dat volgens een vaste gedragslijn met 10% wordt gematigd als het rapport van bevindingen niet binnen 37 weken na de constatering is toegezonden. Het College matigt de boete voor de overtreding tot € 1.350 en stelt de totale boete inclusief recidiveverhoging vast op € 2.850. De staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten in beroep en hoger beroep.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Lessen trekken uit het Gorinchemse verkiezingsgeschil

Na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 verklaarde de raad van Gorinchem de stemming bij alle stembureaus ongeldig, na signalen over het ronselen van volmachten. De raad hanteerde als maatstaf dat niet met zekerheid vaststond dat de uitslag betrouwbaar was. Volgens Brüheim keert dat de zaak om: dan kan elke ongestaafde klacht een verkiezingsuitslag ter discussie stellen. Hij bespreekt het ontbreken van wettelijke criteria voor een herstemming, de in 2023 vermoedelijk per ongeluk geschrapte bevoegdheid om volmachtbewijzen opnieuw te onderzoeken en de beperkte rol van de Kiesraad. De herstemming op 29 april leverde in grote lijnen dezelfde uitslag op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bevestiging van omzetgerelateerde boetes voor het blijven verhandelen van ontplofbare powerbanks en het uitblijven van een melding onder de Warenwet

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt de uitspraak van de rechtbank Rotterdam waarin twee omzetgerelateerde boetes van elk € 435.000 aan een drogisterijketen in stand blijven. De onderneming heeft powerbanks van het merk Kruidvat verhandeld terwijl zij redelijkerwijs moest vermoeden dat deze konden ontploffen, en heeft daarvan geen melding gedaan bij de NVWA. Het College oordeelt dat sprake is van overtreding van artikel 18 en artikel 21b van de Warenwet, dat sprake is van grove schuld en dat de minister bevoegd was om omzetgerelateerde boetes op te leggen. De beroepen op het evenredigheids- en het gelijkheidsbeginsel en op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur worden verworpen. Het hoger beroep is ongegrond.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onrechtmatige vervolging en onrechtmatige OM-publicaties: rechtbank Den Haag over de gebleken onschuld van een advocaat

De rechtbank Den Haag heeft op 2 september 2026 geoordeeld dat de Staat een advocaat die ruim tien jaar werd vervolgd en integraal is vrijgesproken, ruim € 646.000 aan schadevergoeding moet betalen. De advocaat werd in 2014 aangehouden wegens haar werk voor aanbieders van online kansspelen en verdacht van deelname aan een criminele organisatie, witwassen, valsheid in geschrift en overtreding van de Wet op de kansspelen. Op grond van de Begaclaim-jurisprudentie oordeelt de rechtbank dat uit het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch de onschuld van de advocaat blijkt en dat de vervolging daarom onrechtmatig was. De toegewezen bedragen bestaan uit € 15.000 immateriële schade, € 572.526,52 aan kosten en € 21.486,67 voor een bankgarantie, terwijl de inkomensschade naar een schadestaatprocedure wordt verwezen. Ook drie publicaties van het Openbaar Ministerie, waaronder een waarin de advocaat als consigliere werd aangeduid, acht de rechtbank onrechtmatig, waarvoor € 37.500 bovenop de andere bedragen komt. De vorderingen van haar praktijkvennootschap en de praktijkorganisatie zijn afgewezen en voor de overschrijding van de redelijke termijn kent de rechtbank de standaardvergoeding toe.

Read More
Print Friendly and PDF ^

AFM: Groei van beheerders van beleggingsinstellingen vraagt om extra aandacht voor de naleving van de anti-witwas- en sanctieregels

De Autoriteit Financiële Markten heeft in september 2026 een analyserapport gepubliceerd over de naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en de Sanctiewet 1977 door beheerders van beleggingsinstellingen. Volgens de AFM is de naleving op onderdelen als risicobeoordeling en beleid verbeterd, maar blijven de light-beheerders daarbij achter. Het aantal light-beheerders groeide van 504 in 2019 naar 773 in 2024. Uit de vragenlijst met peildatum 31 december 2024 blijkt dat 66 procent een transactieprofiel opstelt en 55 procent is geregistreerd bij FIU-Nederland. Circa 45 procent van de dagelijks beleidsbepalers volgde de afgelopen twee jaar een Wwft-opleiding en circa 40 procent een training over sanctieregelgeving. De AFM wijst op de Antiwitwasverordening (AMLR), die op 10 juli 2027 in werking treedt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling tot gevangenisstraf voor medeplegen van gewoontewitwassen door contant geld via valse facturen van de eigen vennootschap giraal terug te boeken

Rechtbank Gelderland 8 september 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:7016

De rechtbank Gelderland veroordeelt een in 1977 geboren directeur en enig bestuurder van een besloten vennootschap tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van negen maanden voor medeplegen van gewoontewitwassen. De verdachte ontvangt in de periode van september 2022 tot en met januari 2023 bij ontmoetingen contant geld van een medeverdachte die is veroordeeld voor de productie van en handel in harddrugs. Dat geld boekt hij vanaf de rekening van zijn vennootschap giraal terug naar de vennootschap van de medeverdachte, onder verwijzing naar facturen voor 160 montage-uren per week, in totaal € 109.440. De rechtbank oordeelt dat de facturen zien op fictieve werkzaamheden, nu de vennootschap van de medeverdachte geen personeel in dienst heeft en de verdachte zijn agenda met de gestelde planning niet overlegt. Het opzettelijk en stelselmatig gebruik van een rechtspersoon om ontdekking te voorkomen weegt de rechtbank strafverzwarend mee. Vanwege een overschrijding van de redelijke termijn met ruim een jaar en vier maanden legt de rechtbank negen in plaats van de gevorderde elf maanden op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Politiestrafbeschikking, uitgebreid

In het coalitieakkoord 2026-2030 is aangekondigd dat de mogelijkheden voor de politie om strafbare feiten zelfstandig af te doen worden uitgebreid. Daarvoor wordt specifiek gedacht aan een ruimere toepassing van de politiestrafbeschikking voor overtredingen en geselecteerde misdrijven. In dit artikel wordt verkend in hoeverre deze uitbreiding juridisch en praktisch haalbaar is. De huidige regelgeving en de kansen en knelpunten van het voorstel worden besproken, waarbij aandacht wordt besteed aan de vraag of een uitbreiding van de politiestrafbeschikking kan bijdragen aan de gewenste verlichting van de justitiële keten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van beroepsmatige fraude met online handel bij gebrek aan bewijs van eigen uitvoeringshandelingen; veroordeling voor medeplegen van witwassen via ter beschikking gestelde bankrekeningen

Rechtbank Gelderland 13 augustus 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:6701

De rechtbank Gelderland spreekt een in 1998 geboren man vrij van het beroepsmatig plegen van fraude met online handel via twee webwinkels waar voornamelijk barbecues zijn besteld, betaald en niet geleverd. Het geld van 37 aangevers, in totaal € 8.812,31, komt via betaaldiensten terecht op bankrekeningen op naam van de verdachte, maar het dossier bevat geen uitvoeringshandelingen van de verdachte zelf en er is geen deelnemingsvorm ten laste gelegd. De rechtbank veroordeelt de verdachte wel voor het medeplegen van witwassen van dit bedrag, omdat hij zijn identiteitsgegevens, DigiD en bankinloggegevens aan een medeverdachte heeft gegeven, met hem bedrijven op zijn naam heeft opgericht en daarvoor geld heeft ontvangen. Het door het Openbaar Ministerie gestelde witwassen van € 360.957 acht de rechtbank niet bewezen, omdat een criminele herkomst van dat geld niet is onderbouwd. De rechtbank legt een taakstraf van 90 uur op en een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand met een proeftijd van drie jaar, na verdiscontering van een overschrijding van de redelijke termijn. De 29 benadeelde partijen worden niet-ontvankelijk verklaard omdat hun schade voortvloeit uit het feit waarvan de verdachte wordt vrijgesproken.

Read More
Print Friendly and PDF ^