HvJ EU oordeelt over de Nederlandse beroepsprocedure tegen verkeersboetes

HvJ EU 7 april 2022, C-150/21 (D.B.)

Een lidstaat mag een beroepsprocedure tegen verkeersboetes zodanig inrichten dat eerst een voorafgaande bestuurlijke fase plaatsvindt voordat betrokkene toegang krijgt tot een met name in strafzaken bevoegde rechter. De toegang tot die rechter mag echter niet afhankelijk zijn van voorwaarden die deze toegang onmogelijk of uitermate moeilijk maken. De Nederlandse kantonrechter kan worden aangemerkt als een met name in strafzaken bevoegde rechter. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Poolse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Appelleren is riskeren: fors hogere straf in beleggingsfraudezaak Quality Investments

Het hof Amsterdam heeft aan 2 mannen een gevangenisstraf opgelegd van 6 jaar wegens valsheid in geschrifte, oplichting, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. Daarnaast is het ze verboden tot 5 jaar na het uitzitten van die straf het beroep van financieel dienstverlener uit te oefenen, of financiële producten aan te bieden. Het openbaar ministerie had een gevangenisstraf van 5 jaar gevorderd en oplegging van het beroepsverbod. De rechtbank legde eerder een gevangenisstraf op van 3 jaar en 7 maanden en een beroepsverbod.

Read More
Print Friendly and PDF ^

AG HvJ EU: rechtmatig verzamelde en opgeslagen persoonsgegevens mogen onder voorwaarden tijdelijk in een extra interne databank worden bewaard

Rechtmatig verzamelde en opgeslagen persoonsgegevens mogen in een extra interne databank worden bewaard, voor zover daarbij dezelfde gegevensverwerkingsdoeleinden worden nagestreefd als bij de oorspronkelijke gegevensverzameling. Dat is het advies van advocaat-generaal Pikamäe aan het HvJ EU naar aanleiding van vragen van een Hongaarse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vordering benadeelde partij: Rechtstreekse schade wanneer schade mede gevolg is van handelen politie?

Hoge Raad 5 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:403

Een benadeelde partij kan in het strafproces vergoeding vorderen van de schade die zij door een strafbaar feit heeft geleden als voldoende verband bestaat tussen het bewezenverklaarde handelen van de verdachte en de schade om te kunnen aannemen dat de benadeelde partij door dit handelen rechtstreeks schade heeft geleden. Voor de beantwoording van de vraag of zo’n verband bestaat, zijn de concrete omstandigheden van het geval bepalend (vgl. HR 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793, rechtsoverweging 2.3.1).

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt overwegingen m.b.t. motiveren en beoordelen van getuigenverzoeken in ontnemingszaken: Kan rechter bij beoordeling betrekken dat getuige al in strafzaak is gehoord?

Hoge Raad 5 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:366

Voor zover het cassatiemiddel ervan uitgaat dat het hof in deze ontnemingszaak bij de beoordeling van het verzoek tot het horen van de getuigen niet in aanmerking mocht nemen dat deze getuigen eerder zijn gehoord in de strafzaak, berust het op een onjuiste rechtsopvatting. De rechter in de ontnemingszaak mag bij zijn beoordeling van een verzoek tot het horen van een getuige acht slaan op de omstandigheid dat deze getuige in de strafzaak al een verklaring heeft afgelegd waarvan de inhoud van belang is voor een in de ontnemingszaak te nemen beslissing, mits deze verklaring deel uitmaakt van de processtukken van de ontnemingszaak.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG over samenloop van verbeurdverklaring en ontnemingsmaatregel

Parket bij de Hoge Raad 5 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:324

Het middel behelst de klacht dat het oordeel van het hof dat de waarde van de in de hoofdzaak verbeurdverklaarde voorwerpen in mindering moet worden gebracht op de aan de betrokkene op te leggen betalingsverplichting, getuigt van een onjuiste rechtsopvatting dan wel onbegrijpelijk is, althans onvoldoende is gemotiveerd, nu de beslissing ten aanzien van de verbeurdverklaring ten tijde van de beslissing van het hof in de ontnemingszaak nog niet onherroepelijk was. De steller van het middel werpt de vraag op of voor het in mindering brengen van de waarde van verbeurdverklaarde voorwerpen op de op te leggen betalingsverplichting als voorwaarde geldt dat de verbeurdverklaring van die voorwerpen ten tijde van de beslissing in de ontnemingszaak onherroepelijk is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling wegens medeplegen faillissementsfraude en verduistering

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 24 maart 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:1420

Verdachte heeft zich als feitelijk bestuurder van de rechtspersoon Naam 1 schuldig gemaakt aan faillissementsfraude. Verdachte heeft samen met zijn medebestuurder grote geldbedragen en hoeveelheden Naam 2 aan de boedel onttrokken. Verdachte heeft aan zelfverrijking gedaan en niet stilgestaan bij de gevolgen van zijn handelen voor de schuldeisers. Voorts heeft hij de administratie van Naam 1 niet bijgehouden en aan de curator overgedragen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kan er opnieuw conservatoir beslag worden gelegd op een auto, na het terugkopen na de eerste inbeslagneming?

Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2022, ECLI:NL:PHR:2022:266

Beklag ex 552a Sv tegen herhaald conservatoir beslag op een auto ex art. 94a Sv. OM-cassatie. Na verkoop door de Domeinen is opnieuw conservatoir beslag gelegd op de auto, die door klaagster na de eerste inbeslagneming was teruggekocht. De AG stelt zich op het standpunt dat het kennelijke oordeel van de rechtbank dat de tweede beslaglegging onrechtmatig was, onjuist is. De conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie over verplichting tot doen van aangifte bij de douane van het vervoeren van een contant geldbedrag van meer dan €10.000

Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2022, ECLI:NL:PHR:2022:303

Het middel klaagt dat de bewezenverklaring van het onder feit 2 tenlastegelegde blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting “met betrekking tot het verlaten van de Gemeenschap”, althans dat de bewezenverklaring ten aanzien hiervan ontoereikend is gemotiveerd “nu uit de bewijsvoering niet kan blijken dat verzoekster de Gemeenschap had verlaten terwijl zij niet de verplichte aangifte had gedaan”.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG over in mindering brengen van in strafzaak aan benadeelde partij toegekende schadevergoeding

Parket bij de Hoge Raad 5 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:316

Ingevolge artikel 36e lid 6 (oud) Sr worden bij de schatting van het ontnemingsbedrag aan benadeelde derden in rechte toegekende vorderingen in mindering gebracht. De regeling beoogt te voorkomen dat iemand hetzelfde wederrechtelijk verkregen voordeel meermalen zou moeten terugbetalen, zij het aan verschillende (rechts)personen. Dit brengt mee dat bij de toepassing van die regeling slechts in aanmerking komt de in rechte onherroepelijk toegewezen vordering van een (rechts)persoon strekkende tot vergoeding van diens schade als gevolg van het feit waarop de ontnemingsvordering (mede) steunt, indien en voor zover tegenover die schade een daarmee corresponderend voordeel voor de veroordeelde staat.

Read More
Print Friendly and PDF ^