Sloopplannen wegen zwaarder dan huisrecht krakers bij strafrechtelijke ontruiming

Rechtbank Gelderland 6 februari 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1133

Dit betreft een hoger beroep tegen een machtiging tot strafrechtelijke ontruiming van gekraakte panden op grond van artikel 551a Sv. De eigenaar wil de gebouwen slopen en 370 woningen realiseren en stelt een spoedeisend belang te hebben bij ontruiming. De krakers beroepen zich op hun huisrecht ex artikel 8 EVRM en betwisten de spoedeisendheid en proportionaliteit van de maatregel. De rechtbank oordeelt dat het eigendomsrecht in dit wettelijke kader primair is en dat geen uitzonderlijke omstandigheden zijn aangetoond die het huisrecht laten prevaleren. Ook mogelijke dakloosheid en onzekerheden rond vergunningen maken de ontruiming niet disproportioneel. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard, met uitstel van de ontruiming van gebouw H21 tot 17 februari 2026 om 12.00 uur.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vastgoed als dekmantel voor hennepgeld in onderzoek Babydraak

Rechtbank Gelderland 12 mei 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:11638

De rechtbank veroordeelt een in Frankrijk wonende verdachte voor het medeplegen van witwassen van crimineel geld en twee panden in Rotterdam en Zoetermeer binnen het onderzoek Babydraak. De aankoopbedragen worden gefinancierd via buitenlandse rekeningen en contante stortingen, terwijl een legale inkomstenbasis ontbreekt. De door verdachte gestelde schenkingen en spaargelden worden als onvoldoende concreet en verifieerbaar terzijde geschoven. De panden blijken feitelijk te worden gebruikt voor hennepteelt en gerelateerde activiteiten en behoren volgens de rechtbank toe aan leden van een criminele organisatie. De rechtbank acht sprake van nauwe en bewuste samenwerking en verklaart het medeplegen van witwassen bewezen. Verdachte krijgt een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden, een geldboete van 20.000 en de panden worden verbeurd verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Offline door strafzaak: geen vergoeding voor gemiste influencerinkomsten

Rechtbank Amsterdam 10 februari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1411

Verzoekster, werkzaam als spreker en influencer, verzoekt na haar vrijspraak wegens smaadschrift om vergoeding van € 103.970 op grond van artikel 530 Sv, waaronder € 97.848 aan gederfde inkomsten doordat zij op advies van haar advocaat tijdelijk offline gaat. Zij stelt dat haar online afwezigheid direct leidt tot het wegvallen van opdrachten en samenwerkingen. Het Openbaar Ministerie betwist de causaliteit en voert aan dat geen sprake is van schade door tijdverzuim als bedoeld in artikel 530 Sv. De rechtbank oordeelt dat het Wetboek van Strafvordering alleen ruimte biedt voor vergoeding van daadwerkelijk geleden schade door tijdverzuim en niet voor indirecte inkomensschade. De gederfde inkomsten worden afgewezen, terwijl de kosten van de raadsvrouw en de verzoekschriftprocedure tot een totaal van € 6.125 worden toegewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Miljoenenontneming na illegale handel in gewasbeschermingsmiddelen

Rechtbank Gelderland 9 december 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:10878

De Rechtbank Gelderland stelt vast dat een rechtspersoon wederrechtelijk voordeel behaalt door zonder vereiste toelating gewasbeschermingsmiddelen op de markt te brengen en daarbij valse documenten te gebruiken. Het openbaar ministerie vordert ruim 2,5 miljoen euro aan ontneming, gebaseerd op een uitgebreide berekening per order. De verdediging voert verweren over bulkgoederen, re-export en het vertrouwensbeginsel, maar deze worden verworpen. De rechtbank oordeelt dat ook bulkverpakkingen onder de Verordening vallen en dat re-export onvoldoende aannemelijk is gemaakt. Daarnaast wordt vastgesteld dat valsheid in geschrift bijdraagt aan het behaalde voordeel. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt uiteindelijk vastgesteld op ruim 1,6 miljoen euro en als betalingsverplichting aan de Staat opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EOM Beslag op buitenlandse rekeningen en landbouwgronden houdt stand ondanks beroep op artikel 6 EVRM

Rechtbank Rotterdam 9 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1605

De rechtbank beoordeelt een beklag ex artikel 552a Sv tegen conservatoir beslag op bankrekeningen en onroerende goederen in Duitsland en Italië in een onderzoek van het Europees Openbaar Ministerie naar onder meer valsheid in geschrift en subsidiefraude. De klaagster voert aan dat geen sprake is van een redelijk vermoeden van schuld, dat het beslag disproportioneel is en dat haar recht op een effectieve verdediging ex artikel 6 EVRM wordt geschonden. De gedelegeerd Europees aanklager stelt dat sprake is van verdenking van misdrijven waarop een geldboete van de vijfde categorie staat en dat het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op ruim 1,3 miljoen euro. De rechtbank oordeelt dat het dossier voldoende is, dat sprake is van een redelijk vermoeden van schuld en dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat een geldboete of ontnemingsmaatregel wordt opgelegd. Het beslag wordt proportioneel geacht en het beklag wordt ongegrond verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Digestaat als meststof vermomd: bestuurder veroordeeld voor verboden verhandeling en valse VDM’s

Rechtbank Amsterdam 6 december 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:8386

Verdachte, (middellijk) bestuurder van mestgerelateerde rechtspersonen, laat digestaat uit een vergister met dierlijke bijproducten in Nederland opslaan en afzetten als meststof richting Duitsland. De rechtbank spreekt vrij van overtreding van artikel 14 Meststoffenwet en van deelname aan een criminele organisatie wegens onvoldoende bewijs en onduidelijkheid over Duitse beperkingen. Bewezen is dat verdachte feitelijk leiding geeft aan medeplegen van het verhandelen van digestaat als meststof terwijl het niet voldoet aan de eisen van artikel 4 en 5 Meststoffenwet. Tevens is bewezen dat hij feitelijk leiding geeft aan medeplegen van valsheid in geschrift door gebruik van valse handelsdocumenten met een onjuiste bestemming en valse VDM’s die 100% dierlijke mest suggereren; voor de facturen volgt vrijspraak. De rechtbank acht het handelen ernstig omdat het controle- en beschermingssysteem voor meststoffen en dierlijke bijproducten wordt ondermijnd. Straf: 3 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk met 2 jaar proeftijd, taakstraf 240 uur, geldboete 3000 en ontzetting van het recht om (middellijk) bestuurder van rechtspersonen te zijn voor 2 jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Valse factuur voor bankfinanciering: OVAR wegens ontbrekende bestanddelen | Geen verduistering bij valutatransacties door vermogensovergang

Rechtbank Oost-Brabant 11 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:989

Deze strafzaak betreft een natuurlijke persoon aan wie valsheid in geschrifte en verduistering worden verweten. De rechtbank acht bewezen dat verdachte een debetfactuur van 10 januari 2022 valselijk opmaakt, nu geen werkzaamheden zijn verricht en geen rechtsverhouding bestond met de vermelde wederpartij. Tevens acht de rechtbank bewezen dat verdachte deze facturen via een financieringsplatform bij een bank indient en daarmee opzettelijk gebruikmaakt van valse geschriften. De bewezenverklaarde feiten kunnen echter niet worden gekwalificeerd als strafbare feiten, omdat essentiële wettelijke bestanddelen in de tenlastelegging ontbreken, zodat ontslag van alle rechtsvervolging volgt. Ten aanzien van de valutatransacties spreekt de rechtbank vrij van verduistering, nu de ontvangen valuta op grond van de contractuele verhouding tot het vermogen van verdachte of diens vennootschappen gaan behoren en derhalve geen sprake is van wederrechtelijke toe-eigening van een goed dat aan een ander toebehoort in de zin van artikel 321 Sr. De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard en een straf of maatregel blijft achterwege.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering als vangnet bij grootschalige bankhelpdeskfraude strandt op verdelingsvraagstuk

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:813

De rechtbank behandelt een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde die op dezelfde datum wordt veroordeeld voor onder meer medeplegen van oplichting in 153 gevallen van bankhelpdeskfraude. Het Openbaar Ministerie vordert ontneming van ruim 454.000 aan wederrechtelijk verkregen voordeel op basis van een pondspondsgewijze verdeling. De verdediging stelt dat slechts 18 feiten aan veroordeelde kunnen worden toegerekend en bepleit een veel lager bedrag dan wel nihil, mede gelet op gemaakte kosten en schadevergoedingen. De rechtbank schat het wederrechtelijk verkregen voordeel op 334.288,03 na aftrek van kosten voor aangekochte leads. Vanwege de samenloop met hoofdelijk toegewezen schadevergoedingen en onduidelijkheid over de onderlinge draagplicht stelt de rechtbank de betalingsverplichting op nihil.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kosten boekhouder voor peiljaarverlegging niet vergoed na vrijspraak

Rechtbank Noord-Holland 16 februari 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:1693

Dit betreft een verzoek ex artikel 530 Sv na vrijspraak van verzoekster door de politierechter. Verzoekster vraagt vergoeding van kosten van haar raadsman, reiskosten, kosten van een boekhouder voor een peiljaarverlegging en kosten voor het verzoekschrift. De officier van justitie verzet zich tegen vergoeding van de boekhoudkosten omdat deze niet in rechtstreeks verband staan met de strafzaak. De rechtbank oordeelt dat alleen kosten die direct samenhangen met de strafzaak voor vergoeding in aanmerking komen en acht de overige posten billijk. De kosten van de boekhouder zien op de inkomenspositie en de aanvraag van gefinancierde rechtsbijstand en worden daarom afgewezen. In totaal wordt 2.849,03 toegekend en het meer of anders verzochte wordt afgewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Essentiële schakel, maar geen medepleger van oplichting: wel medeplegen witwassen in bankhelpdeskfraude

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:843

In deze zaak staat een 18-jarige verdachte terecht wegens betrokkenheid bij grootschalige bankhelpdeskfraude, waarbij honderden met name oudere slachtoffers telefonisch worden misleid en geld verliezen. Verdachte wordt verweten dat hij als medepleger betrokken is bij oplichting dan wel witwassen door pakketjes bij MediaMarkt op te halen en zijn bankrekening ter beschikking te stellen. De rechtbank oordeelt dat zijn bijdrage onvoldoende gewicht heeft voor medeplegen van oplichting en spreekt hem daarvan vrij. Wel acht de rechtbank medeplegen van opzetwitwassen bewezen, nu hij weet dat de goederen en geldbedragen uit misdrijf afkomstig zijn. Verdachte krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 150 uur.

Read More
Print Friendly and PDF ^