Boetes voor drie eiproductfabrikanten wegens afstemming van inkoopprijzen, verdeling van leghenhouders en uitwisseling van concurrentiegevoelige informatie in stand; boete van één onderneming gematigd

Drie producenten van eiproducten kregen van de ACM boetes opgelegd voor overtreding van het kartelverbod. Zij stemden onderling inkoopprijzen van kooi- en scharreleieren af, verdeelden leghenhouders en wisselden concurrentiegevoelige informatie uit. Het College bevestigt dat de ACM de gedragingen terecht als strekkingsbeding heeft aangemerkt en dat de ondernemingen een sterke tot zeer sterke positie hadden op de inkoopmarkt. De formele verweren over functiescheiding, hoorplicht en gewijzigde marktafbakening worden verworpen. De boetes van twee ondernemingen blijven in stand; die van de derde onderneming, die als enige bij beide inbreuken betrokken was, worden verder gematigd omdat zij tweemaal voor dezelfde gedraging is beboet. Een exacte berekening van marktaandelen was daarvoor niet nodig.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Matiging van bestuurlijke boete voor het vervoeren van een niet transportwaardig varken wegens late toezending van het rapport van bevindingen

College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 september 2026, ECLI:NL:CBB:2026:415

Een veevervoerder krijgt een bestuurlijke boete van € 3.000 omdat zij een varken met een zeer grote navelbreuk en een ernstige open wond naar een slachthuis vervoert. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelt dat de vervoerder de overtreding van de Transportverordening kan worden verweten, ook al zijn andere partijen bij het aanbieden betrokken. De gronden over de bevoegdheid van de toezichthouder, de cautie, het gelijkheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel slagen niet. De staatssecretaris verklaart op de zitting dat volgens een vaste gedragslijn met 10% wordt gematigd als het rapport van bevindingen niet binnen 37 weken na de constatering is toegezonden. Het College matigt de boete voor de overtreding tot € 1.350 en stelt de totale boete inclusief recidiveverhoging vast op € 2.850. De staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten in beroep en hoger beroep.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bevestiging van omzetgerelateerde boetes voor het blijven verhandelen van ontplofbare powerbanks en het uitblijven van een melding onder de Warenwet

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt de uitspraak van de rechtbank Rotterdam waarin twee omzetgerelateerde boetes van elk € 435.000 aan een drogisterijketen in stand blijven. De onderneming heeft powerbanks van het merk Kruidvat verhandeld terwijl zij redelijkerwijs moest vermoeden dat deze konden ontploffen, en heeft daarvan geen melding gedaan bij de NVWA. Het College oordeelt dat sprake is van overtreding van artikel 18 en artikel 21b van de Warenwet, dat sprake is van grove schuld en dat de minister bevoegd was om omzetgerelateerde boetes op te leggen. De beroepen op het evenredigheids- en het gelijkheidsbeginsel en op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur worden verworpen. Het hoger beroep is ongegrond.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onrechtmatige vervolging en onrechtmatige OM-publicaties: rechtbank Den Haag over de gebleken onschuld van een advocaat

De rechtbank Den Haag heeft op 2 september 2026 geoordeeld dat de Staat een advocaat die ruim tien jaar werd vervolgd en integraal is vrijgesproken, ruim € 646.000 aan schadevergoeding moet betalen. De advocaat werd in 2014 aangehouden wegens haar werk voor aanbieders van online kansspelen en verdacht van deelname aan een criminele organisatie, witwassen, valsheid in geschrift en overtreding van de Wet op de kansspelen. Op grond van de Begaclaim-jurisprudentie oordeelt de rechtbank dat uit het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch de onschuld van de advocaat blijkt en dat de vervolging daarom onrechtmatig was. De toegewezen bedragen bestaan uit € 15.000 immateriële schade, € 572.526,52 aan kosten en € 21.486,67 voor een bankgarantie, terwijl de inkomensschade naar een schadestaatprocedure wordt verwezen. Ook drie publicaties van het Openbaar Ministerie, waaronder een waarin de advocaat als consigliere werd aangeduid, acht de rechtbank onrechtmatig, waarvoor € 37.500 bovenop de andere bedragen komt. De vorderingen van haar praktijkvennootschap en de praktijkorganisatie zijn afgewezen en voor de overschrijding van de redelijke termijn kent de rechtbank de standaardvergoeding toe.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling tot gevangenisstraf voor medeplegen van gewoontewitwassen door contant geld via valse facturen van de eigen vennootschap giraal terug te boeken

Rechtbank Gelderland 8 september 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:7016

De rechtbank Gelderland veroordeelt een in 1977 geboren directeur en enig bestuurder van een besloten vennootschap tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van negen maanden voor medeplegen van gewoontewitwassen. De verdachte ontvangt in de periode van september 2022 tot en met januari 2023 bij ontmoetingen contant geld van een medeverdachte die is veroordeeld voor de productie van en handel in harddrugs. Dat geld boekt hij vanaf de rekening van zijn vennootschap giraal terug naar de vennootschap van de medeverdachte, onder verwijzing naar facturen voor 160 montage-uren per week, in totaal € 109.440. De rechtbank oordeelt dat de facturen zien op fictieve werkzaamheden, nu de vennootschap van de medeverdachte geen personeel in dienst heeft en de verdachte zijn agenda met de gestelde planning niet overlegt. Het opzettelijk en stelselmatig gebruik van een rechtspersoon om ontdekking te voorkomen weegt de rechtbank strafverzwarend mee. Vanwege een overschrijding van de redelijke termijn met ruim een jaar en vier maanden legt de rechtbank negen in plaats van de gevorderde elf maanden op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van beroepsmatige fraude met online handel bij gebrek aan bewijs van eigen uitvoeringshandelingen; veroordeling voor medeplegen van witwassen via ter beschikking gestelde bankrekeningen

Rechtbank Gelderland 13 augustus 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:6701

De rechtbank Gelderland spreekt een in 1998 geboren man vrij van het beroepsmatig plegen van fraude met online handel via twee webwinkels waar voornamelijk barbecues zijn besteld, betaald en niet geleverd. Het geld van 37 aangevers, in totaal € 8.812,31, komt via betaaldiensten terecht op bankrekeningen op naam van de verdachte, maar het dossier bevat geen uitvoeringshandelingen van de verdachte zelf en er is geen deelnemingsvorm ten laste gelegd. De rechtbank veroordeelt de verdachte wel voor het medeplegen van witwassen van dit bedrag, omdat hij zijn identiteitsgegevens, DigiD en bankinloggegevens aan een medeverdachte heeft gegeven, met hem bedrijven op zijn naam heeft opgericht en daarvoor geld heeft ontvangen. Het door het Openbaar Ministerie gestelde witwassen van € 360.957 acht de rechtbank niet bewezen, omdat een criminele herkomst van dat geld niet is onderbouwd. De rechtbank legt een taakstraf van 90 uur op en een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand met een proeftijd van drie jaar, na verdiscontering van een overschrijding van de redelijke termijn. De 29 benadeelde partijen worden niet-ontvankelijk verklaard omdat hun schade voortvloeit uit het feit waarvan de verdachte wordt vrijgesproken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gevangenisstraf voor feitelijk leidinggeven aan onjuiste aangiften omzetbelasting en valsheid in geschrift bij twee palletondernemingen

Rechtbank Rotterdam 20 juli 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:10526

De rechtbank Rotterdam veroordeelt een verdachte tot een gevangenisstraf van zestien maanden voor belastingfraude met omzetbelasting en valsheid in geschrift. De verdachte geeft feitelijke leiding aan twee vennootschappen die zich presenteren als handelsondernemingen in pallets, maar in werkelijkheid nauwelijks handel drijven. In de maandelijkse aangiften omzetbelasting worden verzonnen inkopen als voorbelasting in aftrek gebracht en verzonnen verkopen aan ondernemers in andere EU-landen opgevoerd, waardoor de vennootschappen recht op teruggave krijgen. De Belastingdienst betaalt in totaal 519.708 euro uit op de zakelijke rekeningen, waarna geld contant wordt opgenomen of naar privérekeningen wordt overgeboekt. De verdachte maakt daarnaast valse verkoopfacturen op om de fraude af te dekken. De rechtbank legt zestien maanden gevangenisstraf op na aftrek van twee maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van medeplegen van oplichting omdat een undercoveragent niet door de gebruikte oplichtingsmiddelen is bewogen tot afgifte

Rechtbank Amsterdam 1 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:8867

De rechtbank Amsterdam spreekt een twintigjarige man vrij van het medeplegen van oplichting bij bankhelpdeskfraude. De verdachte haalt als zogenaamde veiligheidsmedewerker een enveloppe met waardevolle spullen en inloggegevens op bij het vermeende slachtoffer. Dat slachtoffer blijkt een undercoveragent die vanaf het begin weet dat de mededelingen van de beller onjuist zijn. Volgens de rechtbank is de agent daardoor niet bewogen tot afgifte, zodat van een voltooide oplichting geen sprake is. Poging tot oplichting is niet ten laste gelegd, dus daarover oordeelt de rechtbank niet. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde jeugddetentie wordt afgewezen en het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis wordt opgeheven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Taakstraf voor verhuurbemiddelaar wegens witwassen van huurpenningen en hulp bij wederrechtelijk verblijf; vrijspraak van bestuurder voor valse werkgeversverklaring

Rechtbank Noord-Nederland 11 augustus 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:3815 en ECLI:NL:RBNNE:2026:3814

De Noordelijke Fraudekamer van de rechtbank Noord-Nederland doet op dezelfde dag uitspraak in twee zaken uit hetzelfde onderzoek naar de verhuur van woningen in Leeuwarden en Sneek. Een vennoot van een verhuurbemiddelingsbedrijf wordt veroordeeld tot een taakstraf van 160 uren voor het medeplegen van witwassen van € 38.460 aan contant betaalde huurpenningen en borg en voor het uit winstbejag behulpzaam zijn bij het wederrechtelijk verblijf van vier Albanese huurders. De rechtbank neemt een witwasvermoeden aan op grond van contante betalingen, betalingen via een derde, het ontbreken van legale inkomsten bij de huurders en het later aantreffen van hennepkwekerijen in de verhuurde woningen. Het niet kunnen horen van de Albanese huurders staat volgens de rechtbank niet aan een bewezenverklaring in de weg, omdat het niet om belastende getuigen gaat. Gewoontewitwassen acht de rechtbank niet bewezen, omdat vier woningen op een portefeuille van 1.200 panden een laag percentage vormen. De bestuurder van een besloten vennootschap wordt vrijgesproken van het valselijk opmaken van een werkgeversverklaring voor zijn zoon, omdat niet is komen vast te staan dat het dienstverband fictief was.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geldboete van € 10.000 voor feitelijk leidinggeven aan het niet en onjuist doen van belastingaangiften; deelvrijspraak omdat de aanmaningstermijn pas na de tenlastegelegde periode verstrijkt

Rechtbank Amsterdam 3 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:8778

De rechtbank Amsterdam veroordeelt een bestuurder voor feitelijk leidinggeven aan belastingfraude door zijn vennootschap. De vennootschap doet over 2017, 2018 en 2019 geen aangifte vennootschapsbelasting en doet over vier kwartalen onjuiste aangiften omzetbelasting. Het belastingnadeel bedraagt bijna € 30.000. Voor de aangifte vennootschapsbelasting over 2020 volgt vrijspraak, omdat de aanmaningstermijn pas na de tenlastegelegde periode verstrijkt. Het verweer dat een negatief resultaat over 2018 in de weg staat aan het strekkingsvereiste wordt verworpen. De rechtbank legt een geldboete van € 10.000 op, waar het Openbaar Ministerie een taakstraf van 80 uur vordert.

Read More
Print Friendly and PDF ^