Grote Kamer EHRM verklaart klacht over reservistenpraktijk bij de Hoge Raad niet-ontvankelijk
/De Grote Kamer van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft op 23 september 2026 de klacht in de zaak Kuijt tegen Nederland (nr. 19365/19) bij meerderheid niet-ontvankelijk verklaard. De zaak betrof de praktijk bij de strafkamer van de Hoge Raad waarbij raadsheren die geen deel uitmaken van de zetel, de zogeheten reservisten, kunnen deelnemen aan de beraadslaging zonder mee te stemmen. Verzoekster klaagde dat deze praktijk in strijd is met artikel 6 EVRM, het recht op een eerlijk proces door een onafhankelijk en onpartijdig gerecht dat bij de wet is ingesteld. Het EHRM oordeelt dat op nationaal niveau een rechtsgang beschikbaar was, het aanvoeren van de bezwaren in de cassatieprocedure zelf, maar dat verzoekster die niet heeft benut. De Hoge Raad had volgens het EHRM eerst de gelegenheid moeten krijgen om op de kritiek op deze bekende en langlopende praktijk te reageren, in lijn met het subsidiariteitsbeginsel. Over de verenigbaarheid van de reservistenpraktijk met artikel 6 EVRM spreekt het EHRM zich daarmee niet inhoudelijk uit.
Read More