Artikel: The Protection of the euro against Counterfeiting

De euro is een unieke munt waarvan de definitie onder de bevoegdheid van de Europese Unie valt. Tegen valsemunterij bestaat een uitgebreid juridisch kader. Het Kaderbesluit van 29 mei 2000 verplicht lidstaten valsemunterij strafbaar te stellen en vult de Overeenkomst van Genève van 1929 aan. Verordening 1338/2001 regelt de samenwerking tussen nationale en Europese autoriteiten en verplicht kredietinstellingen valse biljetten en munten uit omloop te nemen. Het Europees Technisch en Wetenschappelijk Centrum analyseert nieuwe vervalste euromunten. Aparte regelgeving beschermt tegen medailles en penningen die op euromunten lijken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG over daderschap rechtspersonen

Advocaat-generaal Van Kempen heeft op 1 september 2026 een conclusie genomen in een cassatiezaak over bedrieglijke bankbreuk en feitelijk leidinggeven, waarin het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de verdachte veroordeelde tot zestien maanden gevangenisstraf en een ontzetting uit het recht om bestuurder van een rechtspersoon te zijn. Op de dag dat artikel 51 Sr vijftig jaar bestaat, wijdt de advocaat-generaal een uitvoerige beschouwing aan het daderschap van de rechtspersoon en het Drijfmest-kader van de Hoge Raad uit 2003. Aanleiding is de rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State sinds 31 mei 2023, die voor het overtrederschap aansluit bij de strafrechtelijke criteria maar beschikkingsmacht volgens de conclusie soms te formeel invult. De advocaat-generaal bepleit materiële beschikkingsmacht als centraal vereiste, formuleert contra-indicaties voor toerekening bij louter nalaten en doet suggesties om het Drijfmest-kader te versterken. De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep, met uitsluitend een strafvermindering wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie; de uitspraak van de Hoge Raad is voorlopig bepaald op 15 december 2026.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Jaarverslag Agence française anticorruption 2025: aantal meldingen verdrievoudigd, elf procent binnen bevoegdheid

De Agence française anticorruption ontving in 2025 2.257 meldingen over integriteitsschendingen, tegen 802 in 2024. Van dat totaal viel 89 procent buiten de bevoegdheid van de instantie; 242 meldingen waren ontvankelijk, tegen 202 in 2024 en 109 in 2023. Driekwart van de ontvankelijke meldingen betrof publieke actoren, en binnen die groep vooral gemeenten en intergemeentelijke samenwerkingsverbanden. Onrechtmatige belangenverstrengeling was met 28 procent het meest gemelde feit, gevolgd door verduistering van publieke middelen en favoritisme. De AFA zond achttien meldingen door aan het parket op grond van artikel 40 Code de procédure pénale en 41 aan andere autoriteiten en partnerdiensten. Het jaarverslag verscheen op 6 juli 2026 en kondigt voor 2026 een herziening van het online meldformulier aan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad verklaart klager niet-ontvankelijk in cassatieberoep in beklagprocedure over verschoningsrecht bij een Europees onderzoeksbevel

Hoge Raad 14 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1231

De Hoge Raad verklaart een Duitse advocaat niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Limburg over de inbeslagneming van stukken onder zijn cliënt. De stukken, handgeschreven notities en artikelen met aantekeningen, zijn in beslag genomen naar aanleiding van een Europees onderzoeksbevel van de Duitse autoriteiten. De klager dient zowel een klaagschrift op grond van artikel 5.4.10 in verbinding met artikel 552a Sv als een klaagschrift op grond van artikel 98 lid 4 Sv in, beide met de strekking dat de stukken onder zijn verschoningsrecht vallen. De rechtbank verklaart het eerste klaagschrift niet-ontvankelijk en het tweede ongegrond. De Hoge Raad verwerpt bij afzonderlijke beschikking van dezelfde dag het cassatieberoep tegen de beslissing op het klaagschrift ex artikel 98 lid 4 Sv, waardoor onherroepelijk vaststaat dat de stukken niet onder het verschoningsrecht vallen. Daardoor heeft de klager in de beklagprocedure geen belang meer en volgt niet-ontvankelijkverklaring.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad verklaart cliënt niet-ontvankelijk in cassatieberoep over beslag op geschriften nu verschoningsrecht van advocaat onherroepelijk is afgewezen

Hoge Raad 14 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1232

De Hoge Raad verklaart de cliënt van een Duitse advocaat niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Limburg over de inbeslagneming van geschriften onder de klager naar aanleiding van een Europees onderzoeksbevel van de Duitse autoriteiten. Het gaat om handgeschreven notities en artikelen met aantekeningen die in beslag zijn genomen bij een doorzoeking op 28 februari 2023. De klager legt aan zijn beklag ten grondslag dat de stukken onder het verschoningsrecht van zijn Duitse advocaat vallen. De Hoge Raad verwerpt bij beschikking van dezelfde dag het cassatieberoep van de advocaat in diens eigen beklagzaak, ECLI:NL:HR:2026:1230, waardoor onherroepelijk vaststaat dat de stukken niet onder het verschoningsrecht vallen. Omdat in de beklagzaak van de beslagene het onherroepelijke oordeel in de beklagprocedure van de verschoningsgerechtigde tot uitgangspunt moet worden genomen, heeft de klager geen belang meer bij zijn cassatieberoep en volgt niet-ontvankelijkverklaring.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Advies over de implementatie van de Europese Confiscatierichtlijn

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft op 19 augustus 2026 het advies vastgesteld over het wetsvoorstel om het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering te wijzigen in verband met de implementatie van de Confiscatierichtlijn. Het advies is op 24 augustus 2026 gepubliceerd op de website van de Raad van State.

Read More
Print Friendly and PDF ^

FIOD houdt man uit Blaricum aan op verdenking van valsheid in geschrifte

De FIOD heeft op 26 augustus een 40-jarige man uit Blaricum aangehouden op verdenking van valsheid in geschrifte. De verdachte is eigenaar van een boekhoud- en administratiekantoor in Hilversum. Eerder zijn door de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA), in het kader van een aldaar lopend strafrechtelijk onderzoek, facturen van een klant gevorderd bij het betreffende boekhoud- en administratiekantoor. Uit nader onderzoek is het vermoeden ontstaan dat deze facturen zijn vervalst. De verdachte wordt ervan verdacht opzettelijk deze vermoedelijk vervalste facturen te hebben verstrekt aan de NLA, met de bedoeling om de facturen als echt en onvervalst te laten lijken. De FIOD doet nader onderzoek naar het boekhoud- en administratiekantoor.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Communicating OLAF: A Major Legal Challenge

OLAF, het Europese antifraudebureau, is een administratieve onderzoeksdienst, maar zijn werk raakt aan strafrechtspleging. Daardoor moet zijn communicatie met pers en publiek de rechtsstaat, de vertrouwelijkheid van onderzoeken en individuele rechten respecteren, waaronder het vermoeden van onschuld. Tegelijk moet OLAF burgers informeren over de besteding van publieke middelen. Het evenwicht tussen het recht van het publiek om te weten en de juridische grenzen daaraan is het centrale vraagstuk voor de communicatiestrategie, en wordt bemoeilijkt door de grensoverschrijdende context waarin OLAF werkt. Aan de hand van Europese rechtspraak brengen de auteurs dit kader in kaart.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Efficiënte genoegdoening of obstakel?

De behandeling van de vordering van de benadeelde partij in het strafproces levert de verdediging structurele problemen op. Er bestaat geen wettelijke termijn voor het indienen van de vordering, waardoor die soms pas op de zittingsdag wordt aangepast en de advocaat nauwelijks gelegenheid heeft om die gemotiveerd te betwisten. Daarbij komt de ambivalente rol van de officier van justitie, de spanning tussen betwisting en proceshouding in de strafzaak, en de beperkte ruimte voor complexe en hoge vorderingen op zitting. De auteurs bepleiten de vordering grotendeels los te koppelen van de inhoudelijke zitting, naar het model van de ontnemingsprocedure, met termijnen en schriftelijke rondes vooraf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad vernietigt strafoplegging bij valsheid in geschrift omdat de rol van de verdachte als gemeenteraadslid en journalist niet uit het onderzoek ter terechtzitting blijkt

Hoge Raad 14 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1189

De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging in een zaak over valsheid in geschrift en wijst de zaak op dat punt terug naar het gerechtshof Den Haag. De verdachte is door het hof veroordeeld tot een taakstraf van 60 uren, waarvan 20 uren voorwaardelijk, omdat hij een formulier over de vermissing van zijn rijbewijs valselijk heeft opgemaakt en bij de gemeente heeft gebruikt om snel een nieuw rijbewijs te verkrijgen. Het eerste cassatiemiddel klaagt dat het opzet op het valselijk opmaken niet uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid, maar dat middel leidt niet tot cassatie. Het tweede middel klaagt met succes over de strafmotivering. Het hof heeft in het nadeel van de verdachte betrokken dat hij ten tijde van het feit was verkozen als gemeenteraadslid en als journalist kritisch over overheidshandelen schrijft. Het proces-verbaal van de terechtzitting en de meegedeelde stukken bieden voor die vaststellingen onvoldoende aanknopingspunten, zodat de strafoplegging ontoereikend is gemotiveerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^