Verdachte heeft in strijd met de omgevingsvergunning een afvalstof geaccepteerd. Beroep op overmacht/noodtoestand en ontbreken van materiƫle wederrechtelijkheid verworpen.

Rechtbank Amsterdam 7 januari 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:105

Verdachte heeft een overtreding begaan door in strijd met de omgevingsvergunning MONG toe te laten in zijn bedrijf. MONG is een gevaarlijke afvalstof. Zij heeft dit niet opzettelijk gedaan want de code waar het onder werd geleverd stond in haar vergunning vermeld. Verdachte had echter wel meer onderzoek moeten doen naar de vraag of zij MONG wel mocht accepteren. Daarom is er sprake van een overtreding. Dat de opzet ontbreekt werkt strafverminderend voor verdachte. Daarnaast heeft verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in gebruik nemen van een oude rioolwaterzuiveringsinstallatie zonder dat daarvoor een vergunning was afgegeven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Faillissementsfraude: onttrekken van gelden aan het faillissement van een BV en (samen met een ander) van een aandelenportefeuille aan de boedel van zijn persoonlijk faillissement

Rechtbank Rotterdam 14 januari 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:391

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan faillissementsfraude. Hij heeft samen met zijn mededader aandelen met een geschatte waarde van ruim €130.000 onttrokken aan zijn boedel. De verdachte heeft voorts een bedrag van €163.000 aan baten verzwegen voor de curator en heeft als middellijk bestuurder van Naam bedrijf 2 een bedrag van ruim €42.000 onttrokken aan het vermogen van deze rechtspersoon. De schuldeisers in zijn persoonlijk faillissement en in het faillissement van Naam bedrijf 2 zijn door de handelwijze van de verdachte ernstig in hun verhaalsmogelijkheden benadeeld. Daarnaast wordt door faillissementsfraude het vertrouwen tussen ondernemers ook onderling aangetast, welk vertrouwen van essentieel belang is voor een goed functionerend handelsverkeer. De verdachte heeft verder verzaakt de curator volledig en juist in te lichten en is zonder geldige reden of afmelding weggebleven op zijn afspraak bij de curator.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HvJ EU: Geen inbeslagname van bij misdrijven gebruikte voorwerpen die toebehoren aan derden die te goeder trouw zijn

HvJ EU 14 januari 2021, C-393/19

De inbeslagname van bij misdrijven gebruikte voorwerpen vormt een onevenredige inbreuk op het eigendomsrecht indien de eigenaar van het voorwerp niet wist en niet kon weten dat zijn voorwerp werd gebruikt om een strafbaar feit te plegen. De eigenaar van het voorwerp moet tevens een doeltreffend rechtsmiddel kunnen instellen tegen de inbeslagname. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Bulgaarse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kan wederrechtelijk verkregen voordeel geheel worden toegeschreven aan deelneming aan een criminele organisatie?

Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:59

In cassatie wordt aangevoerd dat het hof onvoldoende heeft onderkend dat in deze zaak het deelnemen aan een criminele organisatie niet samenviel met alle werkzaamheden die binnen dat samenwerkingsverband werden verricht. Voor een aantal van die werkzaamheden bestaan geen aanwijzingen dat deze activiteiten uiteindelijk bedoeld waren om het criminele oogmerk van de organisatie te verwezenlijken. De verklaring van betrokkene 1 (de werkgever van de betrokkene) dat de organisatie in het geheel geen legale activiteiten uitvoerde, is niet als bewijsmiddel opgenomen in de aanvulling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontvankelijkheidsverweer (schending gelijkheidsbeginsel en verbod van willekeur) verworpen. Vrijspraak voor niet voldoen aan administratieplicht en valselijk opmaken bedrijfsadministratie.

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 26 januari 2021, ECLI:NL:GHSHE:2021:213

Verdachte was geen administratieplichtige in de zin van art. 52 AWR, er kan niet worden gezegd dat er geen boekhouding overeenkomstig de bij of krachtens de belastingwet gestelde eisen is gevoerd en evenmin was sprake van het valselijk opmaken van de bedrijfsadministratie in zijn geheel. Vrijspraak volgt voor het medeplegen van het doen van onjuiste aangiften omzetbelasting met de eigenaresse van het escortbureau waar verdachte werkzaam was, omdat de gedragingen van de verdachte in de fase voorafgaand aan het feitelijk doen van die aangiften plaatsvonden en hij voorts niet de kwaliteit van aangifte- c.q. belastingplichtige bezit. De handelwijze van de verdachte levert mogelijk wel het strafbare feit van valsheid in geschrifte op, maar het subsidiair tenlastegelegde (telkens zelf valselijk opmaken van de aangiften) kan niet worden bewezen omdat de externe boekhouder de aangiftebiljetten opmaakte.

Read More
Print Friendly and PDF ^