Rechtbank spreekt payrollbedrijf én bestuurder vrij in onderzoek 26Donau

De Rechtbank Overijssel sprak op 22 april 2026 zowel een payrollbedrijf als zijn bestuurder vrij van het witwassen van € 496.768,50 aan schoolgelden, betaald aan een particuliere internationale school in Rotterdam in het kader van onderzoek 26Donau. De rechtbank oordeelde dat het Openbaar Ministerie onvoldoende onderzoek had gedaan naar de omzet en jaarstukken van de vennootschap, en dat de stelling dat de schoolgelden uit winstreserves waren betaald steun vond in de administratie. Aannames over contante geldstromen vanuit de criminele organisatie konden volgens de rechtbank niet worden onderbouwd, en ook het subsidiaire belastingfraude-argument hield geen stand omdat de Belastingdienst was uitgegaan van grove schuld in plaats van opzet. De bestuurder werd daarnaast vrijgesproken van het valselijk opmaken van vier facturen, omdat (voorwaardelijk) opzet op de valsheid niet kon worden vastgesteld gelet op de afhankelijkheid van een payrollbedrijf van door de inlener aangeleverde urenstaten. Hoewel de rechtbank de gehanteerde constructie als ‘dubieus’ kwalificeerde, ontbrak het wettig en overtuigend bewijs voor zowel het primaire en subsidiaire witwassen als de valsheid in geschrifte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onbegrijpelijke aanvangsdatum wettelijke rente

Hoge Raad 21 april 2026, ECLI:NL:HR:2026:688

De Hoge Raad oordeelt dat het hof Arnhem-Leeuwarden de aanvangsdatum van de wettelijke rente over de materiële schade van EUR 5.518,95 in een doodslag- en diefstalzaak onbegrijpelijk heeft vastgesteld op 31 maart 2020, terwijl de bewezenverklaarde diefstalperiode pas op 27 april 2020 aanvangt. De Hoge Raad bevestigt dat wettelijke rente op grond van artikel 6:83 onder b BW zonder ingebrekestelling verschuldigd is vanaf het moment waarop de schade door de onrechtmatige daad is ingetreden, met verwijzing naar HR 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793. De Hoge Raad doet de zaak zelf af en bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente op 21 oktober 2020, de laatste dag van de pleegperiode. Het tweede cassatiemiddel wordt afgedaan met artikel 81 lid 1 RO. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie wordt de gevangenisstraf van twaalf jaren ambtshalve verminderd tot elf jaren en elf maanden, terwijl de terbeschikkingstelling met dwangverpleging in stand blijft.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof Den Haag: APK-keurmeester is lasthebber, geen ambtenaar

Gerechtshof Den Haag 24 april 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:1222

Het gerechtshof Den Haag veroordeelt een voormalig politieambtenaar wegens niet-ambtelijke omkoping ex artikel 328ter Sr na betaling van 160 euro aan een APK-keurmeester voor een onterechte goedkeuring van zijn bedrijfsauto. Het hof bevestigt dat een APK-keurmeester niet kan worden aangemerkt als ambtenaar in de zin van artikel 177 Sr, maar kwalificeert hem wel als lasthebber van de Rijksdienst voor het Wegverkeer, waardoor de gedraging binnen het bereik van artikel 328ter Sr valt. Het hof spreekt de verdachte vrij van valsheid in geschrifte ten aanzien van een opmerking in het politiesysteem BOSZ.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen verschoonbare rechtsdwaling op intern juridisch advies: Hof Den Haag veroordeelt scheepvaartconcern en bestuurders voor EVOA-overtredingen bij sloop in Turkije

Gerechtshof Den Haag 28 januari 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:105, ECLI:NL:GHDHA:2026:106, ECLI:NL:GHDHA:2026:107 en ECLI:NL:GHDHA:2026:108

Het Gerechtshof Den Haag veroordeelt in vier samenhangende strafzaken een Nederlands scheepvaartconcern, twee daarbinnen actieve vennootschappen en twee bestuurders voor overtredingen van de EVOA bij de overbrenging van twee zeeschepen naar de sloopwerf in Aliaga, Turkije. Het hof oordeelt dat de schepen vanaf het moment dat de directie het besluit nam zich daarvan te ontdoen kwalificeren als afvalstof in de zin van Verordening (EG) nr. 1013/2006, ook al worden zij tussentijds nog commercieel ingezet. Het advies van de bedrijfsjurist dat de EVOA niet van toepassing zou zijn als het schip vanuit een niet-EU-land Turkije zou binnenvaren, levert geen verschoonbare rechtsdwaling op. Ook de inwerkingtreding van de Scheepsrecyclingsverordening leidt niet tot het vervallen van strafbaarheid.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Lava Jato in Nederland: rechtbank sluit Braziliaans bewijsmateriaal uit maar veroordeelt kartrekker en medeverdachten voor internationale corruptiestructuur rondom Braziliaans bouwconcern

Rechtbank Overijssel 20 april 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:2183 (kartrekker), ECLI:NL:RBOVE:2026:2197 (broer/feitelijk leidinggevende derde vennootschap) en ECLI:NL:RBOVE:2026:2190 (derde vennootschap als rechtspersoon)

De Rechtbank wijst drie vonnissen in onderzoek Maquina, gericht tegen twee broers en drie Nederlandse vennootschappen die als doorstroomlichamen fungeren in een internationale fraudestructuur met een Zuid-Amerikaans bouwconglomeraat. De vennootschappen sluiten geantedateerde en fictieve contracten waarmee miljoenen aan geldstromen worden afgedekt, terwijl het concern blijkens een plea agreement met de Amerikaanse Department of Justice met deze constructie wereldwijd steekpenningen aan overheidsfunctionarissen kan betalen. De rechtbank sluit Braziliaans bewijsmateriaal uit het Lava Jato-onderzoek uit wegens onherroepelijk vastgestelde structurele vormverzuimen, maar acht het Openbaar Ministerie ontvankelijk omdat de Nederlandse opsporing op eigen kracht een redelijk vermoeden van schuld kon aannemen.

Read More
Print Friendly and PDF ^