HvJ EU: Boetes kunnen ook ten uitvoer worden gelegd tegen rechtspersonen in Polen

HvJ EU 4 maart 2020, C-183/18 CJIB tegen BNP Paribas

Het gegeven dat de Poolse omzettingswetgeving van het EU-kaderbesluit inzake boetes niet verwijst naar het begrip ‘rechtspersoon’, voorkomt niet dat de werking ervan zich ook uitstrekt tot rechtspersonen. De nationale rechter moet nagaan of de nationale bepalingen ruimte bieden om de bepalingen ook op rechtspersonen toe te passen. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Poolse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak leidinggevende en schipper voor dood door schuld: niet vastgesteld dat aan hun schuld te wijten is dat scholier is overleden bij werkzaamheden op schip

Rechtbank Overijssel 11 februari 2020, ECLI:NL:RBOVE:2020:537

Aan de Binnenhaven 4 te Enschede is een scheepswerf gevestigd. Er werken mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zoals de medeverdachte. De leerlingen van de school waar slachtoffer als leerling op zat mochten leren lassen en andere (las)werkzaamheden uitoefenen bij de scheepswerf. Daarnaast kwam het voor dat de leerlingen klusjes uitvoeren, waaronder het verwijderen van vuil uit de haven. Op basis van de inhoud van het dossier stelt de rechtbank vast dat verdachte op 22 juni 2017 aanwezig was op de Werf, dat hij daar was als verantwoordelijk feitelijk leidinggevende van verdachte medeverdachte en ook dat hij die dag belast was met het toezicht op de werf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof: Feitelijke bestuurders van rechtspersonen hadden ieder eigen rol, maar ontslaat hen niet van gezamenlijke verantwoordelijkheid voor juiste administratie en daarop gebaseerde belastingaangiften

Gerechtshof Amsterdam 27 november 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:4884

De verdachte wordt verweten dat hij feitelijk leiding heeft gegeven aan rechtspersonen die onjuiste aangiften omzetbelasting hebben ingediend, geld hebben witgewassen en gebruik hebben gemaakt van valse inkoopfacturen zodat Bedrijf 13) te lage invoerrechten en antidumpheffing kon betalen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

24 maanden gevangenisstraf voor oud-topman Vestia

Rechtbank Rotterdam 5 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:1931

De rechtbank Rotterdam heeft een oud-topman van woningcorporatie Vestia veroordeeld tot 24 maanden cel. Twee weken geleden had de officier van justitie 42 maanden geëist. Ook mag de verdachte vier jaar lang geen bestuurder zijn van een rechtspersoon. De rechtbank acht bewezen dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrift, verduistering, diefstal en witwassen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afpersing Ahold Delhaize: Vordering BP niet-ontvankelijk nu vordering slechts als "statement" diende te worden gezien

Rechtbank Noord-Holland 21 februari 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:1269

De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat de benadeelde partij, gelet op de mededeling van de officier van justitie dat de vordering tot schadevergoeding in deze strafprocedure slechts als ‘statement’ moet worden gezien, niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vordering.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beslag op auto in onderzoek naar witwassen en overtreding AWR door rijinstructeur: rechtstreeks verband met verdenking ontbreekt

Rechtbank Amsterdam 30 december 2019, nr. RK: 19/4322

Klager geeft al een aantal jaren rijlessen, heeft hiermee ongeveer een miljoen verdiend, maar niets opgegeven bij de belastingdienst. Volgens het OM heeft hij zich schuldig gemaakt aan witwassen en overtreding van de AWR. Zijn (rijles) auto en telefoon zijn in beslag genomen. Het klaagschrift strekt tot teruggave van de hiervoor genoemde voorwerpen, waarbij de klager zich op het standpunt stelt dat hij de auto en de telefoon nodig heeft om zijn werkzaamheden als rijinstructeur te kunnen verrichten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak kliniek en feitelijke leidinggever van oplichting zorgverzekeraar (verdenking declareren dagbehandeling i.p.v. goedkopere poliklinische)

Rechtbank Rotterdam 6 februari 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:1536 en ECLI:NL:RBROT:2020:1535

Binnen de verdachte rechtspersoon werden spatader behandelingen uitgevoerd. Volgens de tenlastelegging werd de zorgverzekeraar opgelicht door deze behandeling als duurdere dagbehandelingen te declareren, terwijl in werkelijkheid goedkopere poliklinische behandelingen werden uitgevoerd. Op grond van de inhoud van het dossier en het verhandelde ter zitting is de rechtbank van oordeel dat in de ten laste gelegde periode niet zonder meer duidelijk is geweest wat onder dagbehandeling verstaan diende te worden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling ambtenaar Belastingdienst voor o.a. deelname aan criminele organisatie waar hij informatie aan verstrekte

Rechtbank Rotterdam 17 februari 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:1294

De verdachte heeft, terwijl hij werkzaam was als ambtenaar bij de Belastingdienst, gedurende een periode van ruim anderhalf jaar (met name door het leveren van vertrouwelijke informatie) deelgenomen aan een criminele organisatie die zich bezig hield met de invoer van cocaïne via de Rotterdamse haven en daaraan gerelateerde misdrijven als afpersing, witwassen en omkoping. Hij heeft zich hierbij verscheidene malen schuldig gemaakt aan schending van zijn ambtsgeheim. Daarnaast is bewezen verklaard het medeplegen van uitlokking van een poging tot afpersing. De verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM mag oud-officier van justitie toch vervolgen in zedenzaak

Gerechtshof Den Haag 5 maart 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:390

Een bezwaar tegen de dagvaarding van het Openbaar Ministerie in een zedenzaak is door het gerechtshof Den Haag ongegrond verklaard. De Haagse rechtbank verklaarde dit bezwaar eerder wel gegrond. Dit betekent dat het OM een strafzaak tegen de verdachte in deze zedenzaak bij de rechtbank kan voortzetten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak: verdachte kan slechts verwijt worden gemaakt na afloop van de door de inspecteur bij aanmaning gestelde termijn voor het alsnog doen van de aangifte IB

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 11 februari 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:421

Bij die stand van zaken kan de verdachte slechts een strafrechtelijk verwijt worden gemaakt na afloop van de door de inspecteur bij aanmaning gestelde termijn voor het alsnog doen van de aangifte inkomstenbelasting over 2014, te weten vanaf 12 november 2015. De tenlastegelegde periode ziet echter op het tijdsbestek dat daarvoor is gelegen. Mitsdien zal het hof de verdachte vrijspreken.

Read More
Print Friendly and PDF ^