Commissie stelt de oprichting van een onafhankelijke instantie voor ethiek voor alle EU-instellingen voor

Met de oprichting van een onafhankelijke instantie voor ethiek komen er voor het eerst gemeenschappelijke normen voor ethisch gedrag van de leden van de EU-instellingen en een formeel mechanisme voor coördinatie en gedachtewisseling over ethische vereisten tussen de instellingen. Dankzij deze veranderingen worden EU-politici onderworpen aan gemeenschappelijke, duidelijke, transparante en begrijpelijke normen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Admissibility of Evidence in EPPO proceedings

The issue of cross-border admissibility of evidence is a recurring theme of European Criminal Justice, and continues to be perceived as a decisive obstacle hindering the effective prosecution and adjudication of crime. In spite of this, the EPPO Regulation does not include an extensive framework guaranteeing the cross-border admissibility of evidence. In this article, it is argued that this lacuna is far less worrisome than it seems: the boundaries set out by EU primary law, in particular Article 325(4) TFEU and the Charter of Fundamental Rights (CFR), as well as the opportunity of the ECJ to judge on these boundaries, allow for a sufficient convergence of national laws and practices on the (in-)admissibility of evidence.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Wet voorkoming misbruik chemicaliën & Reikwijdte meldplicht

Hoge Raad 30 mei 2023, ECLI:NL:HR:2023:768

Dit betreft een OM-cassatie na vrijspraak wegens het niet voldoen aan de in art. 8 Verordening 273/2004 opgenomen plicht tot informatieverstrekking door geen melding te doen van het vervoeren/ontvangen/opslaan/voorhanden hebben van grote hoeveelheden drugsprecursoren (art. 2.a Wet voorkoming misbruik chemicaliën). Er waren prejudiciële vragen gesteld aan HvJEU. Het HvJEU heeft het begrip “marktdeelnemer” a.b.i. art. 2.d Verordening 273/2004 zo uitgelegd dat alleen personen die betrokken zijn bij het binnen legaal kader in de handel brengen van geregistreerde stoffen, kunnen worden beschouwd als “marktdeelnemer”. Een natuurlijke persoon of rechtspersoon die in kader van illegale activiteit is betrokken bij in handel brengen van in EU geregistreerde stoffen, is daarom geen “marktdeelnemer”. Dit brengt mee dat voor veroordeling wegens niet naleven van de meldplicht is vereist dat verdachte kan worden aangemerkt als “marktdeelnemer”. Dit te bewijzen bestanddeel kan niet worden bewezen verklaard als komt vast te staan dat verdachte in kader van illegale activiteit betrokken is bij in handel brengen van betreffende geregistreerde stoffen. Daarvan is in ieder geval sprake als verdachte m.b.t. geregistreerde stoffen gedragingen heeft verricht, die een in Opiumwet strafbaar gesteld feit opleveren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Voorstel van de Commissie tot herziening van de richtlijn verontreiniging vanaf schepen

Het voorstel brengt de EU-richtlijn in overeenstemming met de internationale regelgeving en breidt het toepassingsgebied ervan uit tot een breder scala aan verontreinigende stoffen. Ook voorziet het voorstel in een versterkt rechtskader voor sancties en de toepassing ervan, zodat de nationale autoriteiten in geval van illegale lozing passende maatregelen kunnen nemen en sancties kunnen opleggen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

An interpretative analysis of the European ne bis in idem principle through the lens of ECHR, CFR and CISA Provisions: Are three streams flowing in the same channel?

The ne bis in idem principle (procedural defence) proscribes multiple criminal proceedings and punishments for the same criminal offence/conduct, which is predicated on a final verdict of acquittal or conviction by a court of competent jurisdiction. Incorporated as a fundamental human right through Article 4 of Protocol No. 7 annexed to the ECHR and fundamental right safeguarded through Article 50 CFR, the principle is conjoined with the right to free movement of persons through Article 54 CISA. An evaluation of the characteristics, substance, rationale, scope, and limitations associated with the autonomous procedural defence reveals corresponding purposes. CJEU and ECtHR jurisprudence have delineated the scope and limitations of the procedural defence and the two European courts have reciprocally influenced their respective case law. Definitive and practical judicial guidelines on the application of the principle facilitate consistency of approach by diverse national legal systems consistent with the principle of legality.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EHRM neemt schending art. 6 aan na gebruik verklaringen medeverdachten die als deal met OM zijn afgelegd

EHRM 1 juni 2023, ERIK ADAMČO v. SLOVAKIA (Application no. 19990/20)

Het EHRM neemt schending van art. 6 aan in een zaak waarin de veroordeling van de verzoeker in belangrijke mate is gebaseerd op belastend bewijs van medeplichtigen die voortvloeien uit samenwerking met het OM in ruil voor immuniteit of andere voordelen. Eigenbelang van medeplichtigen is niet uitgesloten als motief. Geen waarneembare individuele aandacht van de nationale rechter voor de omvang en de aard van de verkregen voordelen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: “Mogen wij even binnen kijken?”

Deze bijdrage gaat over toestemming als grondslag voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. In het bijzonder gaan de auteurs in op toestemming voor het verrichten van onderzoekshandelingen waarmee wordt voorbijgegaan aan het recht van de betrokkene op bescherming van diens persoonlijke levenssfeer, zoals de doorzoeking van een bedrijfspand, voertuig of woning. Aandacht wordt besteed aan de relevante rechtspraak van het EHRM over afstand van recht (waivers), recente rechtspraak van de Hoge Raad over doorzoeking op basis van toestemming en de plannen van de wetgever om in het gemoderniseerde Wetboek van Strafvordering toestemming als zelfstandige grondslag voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden neer te leggen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Seminar Bescherming van Klokkenluiders anno 2023 | Actualiteiten, uitdagingen en handvaten

Donderdag 22 juni 2023 van 9.30 - 17.00 uur
Centrum van Den Haag

Tijdens dit seminar gaan we de diepte in. Inmiddels is iedereen, die een rol heeft bij de implementatie van de Wet bescherming klokkenluiders in hun organisatie en ook degenen die hierover adviseren, wel bekend met de inhoud van de Wbk. Werken met deze wet roept echter de nodige vragen op. Hoe dient er bijvoorbeeld om te gaan met meldingen, melders en beklaagden? Welke rechten hebben zij en welke verplichtingen ontstaan er wanneer richting hen? Deze en meer vragen passeren de revue tijdens dit seminar. Ook komt uitgebreid aan bod wanneer onderzoek dient te worden gedaan naar klokkenluidersmeldingen en als dat het geval is, hoe dat onderzoek het beste vorm te geven.

Read More
/Source
Print Friendly and PDF ^

Europarlementariërs stemmen voor snellere bevriezing en confiscatie van criminele vermogensbestanddelen

Nieuwe regelgeving inzake de inbeslagneming van criminele vermogensbestanddelen moet zorgen voor snelle en efficiënte bevriezingsoperaties overal in de EU en een snellere schadeloosstelling van slachtoffers. Het gaat om het Voorstel voor een Richtlijn inzake de ontneming en confiscatie van vermogensbestanddelen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Limitations of the Transnational ne bis in idem Principle in EU Law

The ne bis in idem principle is one of the most fundamental guarantees in criminal procedure law. It prohibits a second prosecution in cases that have already been concluded by a final decision. According to the traditional understanding, the principle excludes a duplication of proceedings only within the same jurisdiction. Art. 50 CFR, however, which was incorporated into primary EU law by Art. 6 TEU, extends the principle’s scope to the transnational sphere to the effect that a final decision in one Member State constitutes a bar to new proceedings in other Member States of the EU as well. While this transnational ne bis in idem guarantee in principle allows for limitations, these must meet the requirements provided for by Art. 52 para. 1 CFR.

Read More
Print Friendly and PDF ^