Vrijgesproken van contante giften, toch ontneming via kasopstelling
/Het gerechtshof Amsterdam stelde op 23 april 2026 in een ontnemingszaak na een veroordeling wegens passieve ambtelijke omkoping het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op € 144.858 en legde een betalingsverplichting op van € 135.426. De betrokkene was in de strafzaak vrijgesproken van het aannemen van twee contante betalingen van € 100.000 en € 14.000, maar het hof nam toch een bedrag van bijna € 79.000 uit een eenvoudige kasopstelling mee. Volgens het hof legt een kasopstelling geen rechtstreeks verband met specifieke strafbare feiten en wordt daarmee de schuld aan vrijgesproken feiten niet alsnog aangenomen, zodat geen strijd bestaat met de onschuldpresumptie van artikel 6 lid 2 EVRM. Het hof baseert de ontneming op zowel het tweede als het derde lid van artikel 36e Sr en sluit daarmee aan bij vaste rechtspraak van de Hoge Raad. De betalingsverplichting is verminderd met € 4.431,50 wegens verbeurdverklaring en met € 5.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Read More