Hoe worden slachtofferrechten in de praktijk gerealiseerd en welke rolopvattingen hanteren rechters en officieren van justitie daarbij?

In een recent gepubliceerd empirisch-juridisch artikel, onderdeel van haar promotieonderzoek, analyseert Freya A. hoe slachtofferrechten in de Nederlandse strafrechtspraktijk daadwerkelijk gestalte krijgen in de rechtszaal. Centraal staat de vraag hoe rechters en officieren van justitie omgaan met actieve participatierechten van slachtoffers, in het bijzonder het spreekrecht en het recht om zich te voegen met een vordering tot schadevergoeding.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Milieucriminaliteit tussen wet en wildernis: waarom strafrecht, wetenschap en beleid elkaar moeten vinden

Milieucriminaliteit staat steeds hoger op de juridische agenda, maar effectieve bestrijding blijkt hardnekkig complex. Dat komt niet alleen door de internationale dimensie of de verwevenheid met georganiseerde misdaad, maar ook door een langdurige juridische en maatschappelijke blinde vlek: schade aan natuur werd lange tijd niet als misdaad gezien. In een recent interview met NRC schetst Daan van Uhm, hoogleraar Milieucriminaliteit aan de Open Universiteit, hoe die houding langzaam kantelt – en waarom een integrale benadering onontkoombaar is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Internationale rechtshulp onder druk: UNODC wijst Nederland op onduidelijkheid bij asset recovery

Het UNODC Country Review Report (2016–2021) beoordeelt de Nederlandse uitvoering van het VN-Verdrag tegen Corruptie, met bijzondere aandacht voor internationale rechtshulp en vermogensontneming. Nederland beschikt volgens het rapport over een uitgebreid juridisch en institutioneel kader voor asset recovery en internationale samenwerking. Positief worden onder meer de multidisciplinaire confiscatieteams en de actieve rol in internationale netwerken genoemd. Tegelijkertijd signaleren de beoordelaars knelpunten door de complexiteit en overlap van juridische grondslagen voor wederzijdse rechtshulp en vermogensontneming. Deze onduidelijkheid kan de effectiviteit van internationale samenwerking belemmeren. De UNODC beveelt daarom aan de toepasselijke rechtsbases te verduidelijken, bijvoorbeeld door het ontwikkelen van een asset recovery guide.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Catching neutralizations: Identifying neutralization techniques for white-collar crimes in offender statements

Neutralization theory proposes that offenders employ cognitive strategies—referred to as neutralization techniques— that enable them to perceive their engagement in an act of crime as morally justifiable. Sykes and Matza (1957) are widely regarded as the spiritual fathers of the theory, which centers on these techniques. They sought to explain why certain people violate the rules, despite the potential negative consequences. According to their theory, neutralizations occur prior to the deviant behavior and thus lower the moral threshold, allowing the behavior to be executed without guilt or moral conflict. Although originally developed to explain juvenile delinquency, neutralization techniques have been considered particularly important for the explanation of white-collar crime (Maruna and Copes, 2005). It is therefore not surprising that rationalizations were part of Sutherland’s differential association theory, who also introduced the concept of white-collar crime (Sutherland, 1947). Similar to neutralization, rationalization is commonly conceptualized as a cognitive strategy whereby individuals seek to legitimize their behavior through the provision of ostensibly rational explanations.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ondervraging van belastende getuigen: van een 75-jarige EVRM-norm naar een piepjonge jurisprudentiële norm in het Unierecht

Het recht van de verdachte om belastende getuigen te ondervragen is expliciet neergelegd in artikel 6 lid 3 onder d Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) en maakt tevens deel uit van het algemenere recht op een fair hearing zoals vervat in artikel 6 lid 1 EVRM. In de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is dit ondervragingsrecht verder ontwikkeld, in het bijzonder door de richtinggevende uitspraken van de Grote Kamer in de zaken Al-Khawaja en Tahery en Schatschaschwili. De Hoge Raad heeft zijn rechtspraak over dit thema verschillende keren aangepast naar aanleiding van de zich ontwikkelende rechtspraak van het EHRM, meest recent naar aanleiding van de Straatsburgse ‘veroordeling’ van Nederland in de zaak Keskin. Ook in aanhangige wetgeving is de Straatsburgse invloed op dit terrein waarneembaar. In artikel 4.3.11 lid 1 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt een bewijsregel opgenomen die aansluit bij de uitgangspunten die het EHRM hanteert: het bewijs dat de verdachte het feit heeft begaan, kan niet in beslissende mate steunen op mededelingen van een persoon die de verdachte niet heeft kunnen ondervragen, tenzij het recht op een eerlijk proces daardoor niet wordt geschonden.

Read More
Print Friendly and PDF ^