Hof 's-Hertogenbosch stelt prejudiciele vragen aan Hoge Raad over extraterritoriale rechtsmacht bij valsheid in geschrift in nareisprocedure

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 maart 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:724

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch legt bij tussenarrest van 17 maart 2026 prejudiciele vragen voor aan de Hoge Raad over de reikwijdte van artikel 4, aanhef en onderdeel d, van het Wetboek van Strafrecht. De zaak betreft een verdachte met de Syrische nationaliteit die in Turkije een formulier van de IND valselijk zou hebben opgemaakt in het kader van een nareisprocedure strekkende tot gezinshereniging. Centraal staat de vraag of Nederland extraterritoriale rechtsmacht heeft wanneer valsheid in geschrift wordt gepleegd jegens een formulier van de IND, buiten Nederlands grondgebied, door een niet-Nederlander. Het hof verwijst naar twee onherroepelijke arresten van het gerechtshof Den Haag waarin die rechtsmacht werd ontkend, omdat de valsheid niet zou zijn gepleegd "tegen" een Nederlandse overheidsinstelling in de zin van het beschermingsbeginsel. Beide procespartijen hebben zich op het standpunt gesteld dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. Het hof schorst het onderzoek voor onbepaalde tijd in afwachting van de beantwoording door de Hoge Raad.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel 81 Wet RO onder druk: Hof van Justitie EU eist motivering bij weigering prejudiciële vragen

Op 24 maart 2026 wees het Hof van Justitie EU arrest in de zaak C-767/23 (Remling) over de motiveringsplicht bij het weigeren van prejudiciële vragen. Het Hof oordeelt dat een hoogste nationale rechter altijd specifiek en concreet moet motiveren waarom hij afziet van het stellen van prejudiciële vragen, ook wanneer het nationale recht verkorte afdoening toestaat. Het arrest heeft directe gevolgen voor de Nederlandse praktijk rond artikel 81 Wet RO, waarbij de Hoge Raad cassatiezaken regelmatig zonder inhoudelijke motivering afdoet. De uitspraak bouwt voort op de Cilfit-doctrine en het Consorzio-arrest uit 2021 en verscherpt de eisen aan rechterlijke instanties die in laatste aanleg uitspraak doen. Voor de bijzonder-strafrechtpraktijk is het arrest relevant bij cassatiezaken over btw-fraude, sanctieschendingen en andere zaken met een Unierechtelijke dimensie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

“Yes we can!” – The UK Bribery Act 2010

After some foot-dragging, which did not go unnoticed internationally, the UK has adopted the Bribery Act 2010, which received Royal Assent in April 2010. It will come into force in April 2011, after Government Guidance has been issued. This has been described as one of the most significant reform to corporate criminal law in a century. It repeals the Public Bodies Corrupt Practices Act 1889, the Prevention of Corruption Act 1906 and the Prevention of Corruption Act 1916. It also revokes relevant sections of diverse acts concerning criminal justice, local government, electoral procedure, housing and the armed forces. It replaces a system of fragmented and complex offences with a comprehensive scheme of bribery offences, covering bribery both in the UK and abroad.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EOM rondt fraudezaak af rond Europese subsidies voor kankeronderzoek

Het Europees Openbaar Ministerie (EOM) in Rotterdam heeft een onderzoek naar EU-subsidiefraude bij kankeronderzoeksprojecten afgerond. Dat maakte het EOM op 19 maart 2026 bekend. De zaak is afgehandeld met een strafbeschikking tegen één persoon. De opgelegde sanctie bestaat uit 60 uur taakstraf en een boete van 10.000 euro.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verzameling biometrische gegevens in strafrechtelijk onderzoek: HvJ EU stelt strenge eisen in zaak Comdribus

Op 19 maart 2026 wees het Hof van Justitie van de Europese Unie een belangrijk arrest in zaak C-371/24 (Comdribus) over de verzameling van biometrische gegevens in het kader van strafrechtelijk onderzoek. Het arrest verduidelijkt de eisen die het Unierecht stelt aan nationale autoriteiten wanneer zij vingerafdrukken en foto's willen verzamelen van verdachten. De uitspraak raakt het snijvlak van gegevensbescherming en strafrecht en is relevant voor de Nederlandse praktijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^