Weigering nultarief wegens btw-fraude niet automatisch grond voor vergrijpboete

Hoge Raad 20 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:279

De Hoge Raad oordeelt dat de inspecteur het nultarief voor intracommunautaire leveringen terecht weigert wegens betrokkenheid bij btw-fraude, maar dat dit niet automatisch een vergrijpboete rechtvaardigt. Voor een boete op grond van artikel 67f AWR is vereist dat het opzet of de grove schuld is gericht op het niet betalen van in Nederland verschuldigde omzetbelasting. Opzet dat uitsluitend ziet op het ontgaan van btw in een andere lidstaat is daarvoor onvoldoende. In dit geval is de naheffingsaanslag uitsluitend gebaseerd op het achteraf weigeren van het nultarief wegens fraude. Artikel 67f AWR biedt daarvoor geen grondslag, gelet op het legaliteitsbeginsel. De Hoge Raad vernietigt daarom de boetebeschikkingen en kent een immateriƫle schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bedrijf verantwoordelijk voor fatale val van schip

Rechtbank Oost-Brabant 17 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:1059

Een bedrijf uit de gemeente Waalwijk is verantwoordelijk voor het overlijden van een werknemer die tijdens zijn werk aan een schip te water raakte en daardoor verdronk. De rechtbank Oost-Brabant legt een geldboete op van 75.000 euro. De medewerker van het bedrijf was in januari 2023 bezig met snijbrandwerk op het achterdek van een schip dat lag afgemeerd aan de kade. Hij verscheen in de ochtend niet bij een koffiepauze en was daarna onvindbaar. Drie dagen later vond de politie zijn levenloze lichaam in de watergang waar het schip lag. Hij kwam door verdrinking om het leven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Trefwoordenfiltering bij digitale gegevensdragers: rechtbank oordeelt dat niet-gedeelde cliƫntdocumenten slechts bij concrete onderbouwing onder het verschoningsrecht vallen

Rechtbank Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1071

Deze uitspraak betreft een beklag van twee advocaten over de filtering van mogelijk verschoningsgerechtigde gegevens op de in beslag genomen laptop van hun cliƫnt. Hun cliƫnt wordt verdacht van passieve niet-ambtelijke omkoping en het doen van onjuiste aangiften inkomstenbelasting, terwijl hij de advocaten bijstaan in een fiscaal dispuut met de Belastingdienst. De rechter-commissaris laat onder haar regie een trefwoordenfiltering uitvoeren door een geheimhoudersfunctionaris en verricht een steekproef en aanvullende controles. Klagers stellen dat ook door de cliƫnt opgestelde, nog niet gedeelde documenten onder het verschoningsrecht vallen en mogelijk buiten de zoektermen zijn gebleven. De rechtbank oordeelt dat de gevolgde werkwijze, conform recente rechtspraak van de Hoge Raad, voldoende waarborgen biedt voor het verschoningsrecht. Het beklag wordt ongegrond verklaard omdat klagers hun stellingen over niet-gefilterde vertrouwelijke stukken onvoldoende concreet onderbouwen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering strandt na elf jaar stilstand: officier van justitie niet-ontvankelijk wegens ernstige termijnoverschrijding

Rechtbank Amsterdam 20 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1137

Deze zaak betreft een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde wegens medeplegen van oplichting in de periode 2002–2005. De officier van justitie dient in 2010 een vordering in tot betaling van 59.959,50 aan wederrechtelijk verkregen voordeel. Na toewijzing van een getuigenverzoek in 2010 blijft de zaak ruim elf jaar stil liggen. Bij hervatting in 2026 vordert de officier van justitie zelf niet-ontvankelijkheid wegens ernstige overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank oordeelt dat het extreme tijdsverloop en het uitblijven van essentieel getuigenverhoor een eerlijke behandeling onmogelijk maken. De officier van justitie wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en er wordt geen betalingsverplichting opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bruggenbouw met steekpenningen: omkoping van Sint Maartense minister bestraft

Rechtbank Overijssel 19 februari 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:857, ECLI:NL:RBOVE:2026:858 en ECLI:NL:RBOVE:2026:860

De rechtbank veroordeelt twee vennootschappen en hun bestuurder wegens ambtelijke omkoping bij de aanbesteding van de Simpson Bay Causeway Bridge op Sint Maarten, waarbij via een consultancyconstructie betalingen worden gedaan aan de minister van VROMI. De minister heeft feitelijk beslissende invloed op de gunning en ontvangt via een lokale agent een deel van diens fee, waarvan 83.000 daadwerkelijk contant wordt betaald. De rechtbank oordeelt dat de consultancyovereenkomst slechts dient om de betalingen boekhoudkundig te rechtvaardigen en dat de vennootschappen wetenschap hebben van de doorbetaling aan de minister. De verweren over de betrouwbaarheid van de kroongetuige, het ontbreken van bevoegdheid van de minister en het ontbreken van opzet worden verworpen. De rechtspersonen worden ieder veroordeeld tot een geldboete van 240.000, mede wegens overschrijding van de redelijke termijn gematigd. De bestuurder wordt vrijgesproken van medeplegen maar veroordeeld wegens feitelijke leidinggeven tot een geldboete van 30.000.

Read More
Print Friendly and PDF ^