Art. 591a Sv: vergoeding kosten rechtsbijjstand beklagprocedure ex. art 12 Sv

Gerechtshof Amsterdam 23 juli 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:5120

Het hof acht, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig voor toekenning van het op artikel 591a Sv gebaseerde verzoek tot het verkrijgen van een vergoeding uit ’s Rijks kas ter zake van de kosten van rechtsbijstand ten behoeve van de procedure als bedoeld in artikel 12 Sv ten bedrage van € 4.116,06 en de kosten van rechtsbijstand ten behoeve van het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van het onderhavige verzoekschrift ten bedrage van € 550,00, zijnde het geldende standaardbedrag.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Is het OM ontvankelijk in de vervolging wanneer een schriftelijke volmacht voor het indienen van een klacht ontbreekt?

Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:265

In de onderhavige zaak heeft het het hof vastgesteld dat betrokkene 1 volgens vooraf binnen A gemaakte afspraken namens de benadeelden, waaronder betrokkene 2, die als sectorleidster dans verbonden was aan A, aangifte heeft gedaan tegen de verdachte en daaruit afgeleid dat betrokkene 1 bij het doen van aangifte mede namens betrokkene 2 handelde. Dat er bij betrokkene 2 ten tijde van de aangifte ook de wens tot vervolging van de verdachte bestond, heeft het hof afgeleid uit de verklaring van betrokkene 1 inhoudende dat hij contact heeft gehad met betrokkene 2 en zij hem kenbaar heeft gemaakt dat er door het handelen van de verdachte angstgevoelens bij haar waren ontstaan en dat zij vond dat er iets moest gebeuren tegen het handelen van de verdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR gaat in op betekenis van EHRM Keskin voor beoordeling van verzoeken tot het oproepen en horen van getuigen en voor het gebruik van verklaringen van getuigen voor het bewijs

Hoge Raad 20 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:576

De Hoge Raad gaat in dit arrest nader in op de uitspraak van het Europees hof voor de rechten van de mens in de zaak Keskin tegen Nederland en de betekenis van die uitspraak voor de beoordeling van verzoeken tot het oproepen en horen van getuigen door de Nederlandse strafrechter en voor het gebruik van verklaringen van getuigen voor het bewijs in gevallen waarin de verdediging niet een behoorlijke en effectieve mogelijkheid heeft gehad om het ondervragingsrecht uit te oefenen. Na een weergave van eerdere rechtspraak van de Hoge Raad en van de overwegingen van het EHRM in de zaak Keskin, bespreekt de Hoge Raad – in reactie op de uitspraak van het EHRM – enkele uitgangspunten van het Nederlandse stelsel met betrekking tot het oproepen en horen van getuigen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling feitelijk leidinggeven aan belastingfraude: gevangenisstraf en beroepsverbod van 7 jaar

Rechtbank Amsterdam 2 april 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:1607

Verdachte heeft zich als feitelijk leidinggever van twee B.V.’s schuldig gemaakt aan belastingfraude door tussen 2015 en 2018 opzettelijk onjuiste aangiften omzetbelasting te doen, waarbij verdachte fictieve bedragen aan omzet en voorbelasting opgaf. Met als gevolg dat de verschuldigde omzetbelasting verkeerd werd vastgesteld en ten onrechte voorbelasting werd uitbetaald. Verdachte heeft dit kennelijk puur gedaan om er zelf financieel beter van te worden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen strijd met gelijkheidsbeginsel en verbod op willekeur door verdachte geen transactie aan te bieden

Rechtbank Midden-Nederland 31 maart 2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:1390

De officier van justitie heeft bovendien, blijkens de door haar gegeven toelichting op de vervolgingsbeslissingen, een bewuste afweging gemaakt tegen welke personen zij vervolging zou instellen en welke personen zij een transactie zou aanbieden. Uit deze keuze blijkt geen willekeur.

Read More
Print Friendly and PDF ^