Fiscale informatieverplichtingen in het ­licht van het nemo tenetur-beginsel: de ­(tussen)stand van zaken

De verwezenlijking van het belastingrecht zou zonder fiscale informatieverplichtingen vrijwel ondenkbaar zijn. De inspecteur, het bestuursorgaan dat belast is met het opleggen van belastingaanslagen, is in belangrijke mate afhankelijk van informatie van en over belastingplichtigen. De Nederlandse belastingwet bevat daarom een hele reeks informatie- en meewerkverplichtingen op grond waarvan de belastingplichtige inlichtingen en inzage moet geven aan de inspecteur. Op de niet-nakoming van deze wettelijke verplichtingen staan sancties van uiteenlopende aard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel 6 EVRM, het nemo tenetur-beginsel en de restrictie bij het afdwingen van wilsafhankelijk materiaal: wie o wie

De rechtsbescherming in het fiscale recht is de afgelopen decennia een regelmatig bediscussieerd onderwerp geweest. Bepalend hiervoor is de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: EHRM) geweest, waaruit volgt dat het ‘criminal charge’-begrip uit artikel 6 Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (hierna: EVRM) zich ook uitstrekt tot fiscale boetes. Dat heeft gevolgen voor het niveau van de rechtsbescherming die moet worden geboden in fiscale boetezaken. Omdat de waarborgen van artikel 6 EVRM zich echter niet uitstrekken tot de belastingheffing, is het voor de rechtsbescherming van belang om de ene sfeer (belastingheffing) van de andere sfeer (beboeting/strafvervolging) te onderscheiden, zeker in de gevallen dat sprake is van sfeeroverlap.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Illegale leveringen voor Krimbrug: miljoenenvoordeel wordt ontnomen. Rb accepteert aftrek projectgebonden kosten maar wijst overhead af.

Rechtbank Amsterdam 22 mei 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:4195

De rechtbank legt Naam 1 B.V. een betalingsverplichting op van 1.013.956 euro wegens wederrechtelijk verkregen voordeel. De vennootschap leverde goederen en technische bijstand voor de bouw van de Krimbrug, in strijd met Europese sancties en de Sanctiewet 1977. Het totale voordeel bedraagt oorspronkelijk 1.511.610 euro. De rechtbank accepteert aftrek van projectgebonden kosten zoals personeelsuren en onderdekking. Indirecte kosten zoals overhead en garantiekosten worden afgewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Tussen belastingmoraal en sanctiearsenaal

Met genoegen presenteer ik u de nieuwe editie van het Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving met als thema ‘fiscaal strafrecht’. Hoewel we binnen de redactie nog af en toe discussie voeren over de vraag wat onder de definitie ‘bijzonder strafrecht’ valt, is het fiscale strafrecht daar zonder twijfel onderdeel van. Het onderscheid tussen belastingbesparing, belastingontwijking en belastingfraude is al jaren voer voor discussie. Volgens de hoogste belastingrechter is het streven van de belastingplichtige naar het voor hem meest gunstige belastingtarief nog steeds geoorloofd, mits binnen zekere grenzen. De grens tussen belastingontwijking en belastingfraude blijft desondanks onderwerp van internationaal maatschappelijk debat en ook de wetgever neemt maatregelen om belastingregels in dat kader aan te scherpen. Toch zit tussen belastingontwijking en belastingfraude nog steeds één wezenlijk verschil, namelijk de intentie van de belastingplichtige.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Levert eerste aanbetaling waarvan hof heeft vrijgesproken wegens ontbreken van oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling rechtstreekse schade op van bewezenverklaarde oplichting?

Hoge Raad 7 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1490

In deze zaak staat centraal of de eerste aanbetaling van € 500 – waarvoor de verdachte is vrijgesproken wegens het ontbreken van het oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling – kan worden aangemerkt als rechtstreekse schade van de wél bewezenverklaarde oplichting. De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom die eerste betaling in causaal verband staat tot de latere oplichtingshandelingen, namelijk de twee aanbetalingen voor verf die nooit zijn geleverd. Omdat het hof dit verband niet inzichtelijk heeft gemaakt, is het oordeel dat sprake is van rechtstreekse schade niet begrijpelijk. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest gedeeltelijk en verwijst de zaak terug. De centrale rechtsvraag is dus ontkennend beantwoord: zonder nadere motivering levert de vrijgesproken aanbetaling geen rechtstreekse schade op van het bewezenverklaarde feit.

Read More
Print Friendly and PDF ^