Artikel: Fiscale boete bij btw-fraude van tafel

Als er één sector is die bij de Belastingdienst altijd onder een vergrootglas ligt, dan is het de autobranche wel. Regelmatig worden autobedrijven verdacht van betrokkenheid bij btw-(carrousel)fraude. De Belastingdienst kan daarbij het standpunt innemen dat een autobedrijf wist of had moeten weten van btw-fraude bij een leverancier of afnemer in een andere lidstaat. Het gevolg is dat het recht op aftrek van voorbelasting of toepassing van het btw-nultarief wordt geweigerd. Forse naheffingsaanslagen omzetbelasting vallen bij het autobedrijf op de deurmat.2 Naast de naheffingsaanslagen omzetbelasting legt de Belastingdienst ook fiscale boetes op. Of – nog beroerder – besluit het Openbaar Ministerie om de autobedrijven te vervolgen. De Hoge Raad heeft op 20 februari 2026 beslist dat bij weigering van het btw-nultarief geen fiscale boete kan worden opgelegd op grond van art. 67f AWR.3 De Hoge Raad komt hierbij expliciet terug van eerdere rechtspraak. In dit artikel bespreek ik het arrest van de Hoge Raad en de gevolgen hiervan voor de praktijk. Ik start met een duik in de geschiedenis.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Golfclub betaalt transactie voor verdenking onjuist toepassen staalslakken

Het Openbaar Ministerie is een transactie overeengekomen met een golfclub in het midden van het land, in een strafrechtelijk onderzoek naar het onjuist toepassen van staalslakken. De golfclub wordt verweten dat zij zonder de vereiste watervergunning verontreinigd regenwater heeft laten afstromen naar aangrenzende sloten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen vrijgave geld voor verdediging in mondkapjesdeal

Rechtbank Amsterdam 6 mei 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:4473

De voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam weigert op 6 mei 2026 de gevorderde gedeeltelijke opheffing van executoriale derdenbeslagen ten laste van een van de hoofdrolspelers van de mondkapjesdeal. De eiser vordert vrijgave van € 150.000 uit de door Stichting Hulptroepen Alliantie gelegde beslagen om zijn rechtsbijstand in hoger beroep te financieren. De voorzieningenrechter oordeelt dat de eiser geen transparant en consistent inzicht verschaft in zijn inkomens- en vermogenspositie. De wisselende opgaven roepen vragen op over verantwoording van grote sommen geld die niet zijn beantwoord. Daardoor kan financiële nood en daarmee een aantasting van de effectieve toegang tot de rechter niet aannemelijk worden geacht. De eerder door de strafrechter verleende opheffing van het strafvorderlijk beslag werkt niet door in de civiele belangenafweging tussen partijen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Wet urgente persoonsvermissingen: telecombevoegdheden buiten het strafvorderlijk kader in consultatie

Op 12 mei 2026 is het conceptwetsvoorstel Wet urgente persoonsvermissingen in internetconsultatie gebracht. Het voorstel geeft de politie, onder gezag van de officier van justitie, bevoegdheden om bij telecomaanbieders gebruikers- en verkeersgegevens te vorderen en stelselmatig de locatie van een mobiele telefoon te bepalen, ook als geen verdenking van een misdrijf bestaat. Voor de verstrekking van gegevens over het communicatieverkeer is een voorafgaande machtiging van de rechter-commissaris vereist, conform het arrest Prokuratuur, met een noodgevalbevoegdheid voor uitzonderlijke situaties. Bijzonder is dat het gezag over de politie bij urgente vermissingen wordt verschoven van de burgemeester naar de officier van justitie, en dat een eigen regime voor bewaartermijnen en verdere verwerking wordt geïntroduceerd. Het voorstel sluit qua structuur en waarborgen aan bij het nieuwe Wetboek van Strafvordering en markeert tegelijk een uitbreiding van de rol van het OM buiten het strafvorderlijk domein.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Van Cyberbunker tot Telegram: de strafrechtelijke aansprakelijkheid van communicatiedienstverleners

Het artikel van Oerlemans en Royer in Computer Law & Security Review analyseert een nieuwe vervolgingsstrategie waarbij communicatiedienstverleners worden aangemerkt als 'crime facilitators'. Aan de hand van vier Nederlandse zaken (Maxided, een hostingprovider met Mirai-botnet, Ennetcom en IronChat) en de Duitse Cyberbunker-zaak laten zij zien dat het enkele aanbieden van een versleutelde dienst geen strafrechtelijke aansprakelijkheid oplevert. Op basis van EHRM-jurisprudentie (Podchasov, Akgün, Yüksel Yalçinkaya, Eurofinacom en Sanchez) moeten zowel materieel handelen als opzet individueel worden bewezen. In de praktijk wordt dat opzet steeds vaker afgeleid uit het tekortschieten van KYC, anti-witwasmaatregelen en abuse-afhandeling. De lopende Franse vervolging van Telegram-CEO Pavel Durov zal naar verwachting een belangrijk Europees ijkpunt worden, al benadrukken de auteurs dat Telegram zich qua schaal en gebruikersprofiel onderscheidt van de kleinere aanbieders in de Nederlandse jurisprudentie.

Read More
Print Friendly and PDF ^