Rechtbank Amsterdam 24 maart 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:3071
De rechtbank verklaart het beklag van een bank tegen de inbeslagneming van gegevensdragers door de FIOD ongegrond. De bank wordt verdacht van structurele overtreding van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme. De FIOD vordert op grond van de artikelen 18 en 19 van de Wet op de economische delicten de uitlevering van cliëntendossiers van 29 specifiek geselecteerde klanten. De bank stelt dat de inbeslagneming in strijd is met de proportionaliteit, subsidiariteit en het vertrouwensbeginsel, en kwalificeert als een fishing expedition. De rechtbank oordeelt dat klachten over vormverzuimen thuishoren bij de zittingsrechter en niet in de beklagprocedure, en overweegt ten overvloede dat de klachten ook inhoudelijk ongegrond zijn. Het strafvorderlijk belang verzet zich tegen teruggave van de in beslag genomen gegevens nu het strafrechtelijk onderzoek nog niet is afgerond.
Read More