Vervolging na niet-betekend voorwaardelijk sepot toegestaan: rechtbank maakt onderscheid tussen informeel en formeel sepot

Rechtbank Gelderland 6 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1771

De rechtbank Gelderland veroordeelt een vrouw tot 183 dagen gevangenisstraf voor acht strafbare feiten, waaronder poging tot diefstal met geweld, bedreigingen met de dood en mishandelingen. Juridisch relevant is het verweer van de verdediging dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard omdat een eerder voorwaardelijk sepot niet aan de verdachte is betekend. De rechtbank verwerpt dit verweer en maakt een principieel onderscheid tussen het informele sepot op grond van artikel 167 Sv en het formele sepot op grond van artikel 242 lid 2 Sv. Alleen het formele sepot vereist betekening aan de verdachte. De rechtbank wijkt hiermee af van een eerdere uitspraak van dezelfde rechtbank uit 2024. De verdachte is verminderd toerekeningsvatbaar wegens schizofrenie, een posttraumatische stresstoornis en een lichte verstandelijke beperking, en verblijft voor behandeling bij de Van der Hoevenkliniek.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontneming van ruim 83.000 euro na visfraude met valse vangstregistraties

Rechtbank Amsterdam 19 februari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1813

De rechtbank Amsterdam legt in een ontnemingsprocedure een betalingsverplichting op van 83.474,51 euro aan een rechtspersoon die is veroordeeld voor visfraude met valse vangstregistraties. De veroordeelde heeft zeebaars die met het ene vaartuig is gevangen via valse geschriften op naam van een niet-varend vaartuig verkocht op de visveiling. De rechtbank merkt de volledige verkoopopbrengst van de zeebaars aan als wederrechtelijk verkregen voordeel en wijst het verweer af dat het voordeel beperkt zou moeten worden tot bespaarde kosten. Alleen de veilingkosten van 5.619,08 euro worden als direct aan de strafbare feiten gerelateerde kosten in aftrek gebracht op de bruto-opbrengst van 89.093,59 euro. Het verweer dat ook algemene bedrijfskosten in mindering moeten worden gebracht wordt verworpen, omdat deze kosten ook zonder het strafbare handelen zouden zijn gemaakt. De draagkrachtkwestie wordt door de rechtbank verwezen naar de executiefase van de ontnemingsmaatregel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

CBb vernietigt boete: geen medeplegen bij uitvoer van verwerkte dierlijke eiwitten

In een uitspraak van 17 februari 2026 heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) een boete van € 2.250,- vernietigd die was opgelegd aan een op- en overslagbedrijf. Centraal stond de vraag of dit bedrijf als medepleger kwalificeerde van het verbod op uitvoer van verwerkte dierlijke eiwitten (VDE) van herkauwers naar een land buiten de Europese Unie. Het CBb oordeelde, anders dan de rechtbank Rotterdam, dat de minister niet heeft aangetoond dat sprake was van de vereiste nauwe en bewuste samenwerking.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voormalig NCTV-analist voor het ongeoorloofd onder zich houden van staatsgeheime documenten; vrijspraak voor overdracht aan Marokkaanse inlichtingendienst

Rechtbank Rotterdam 11 maart 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:2400

De rechtbank veroordeelt een voormalig senior analist van de NCTV tot twintig maanden gevangenisstraf voor het ongeoorloofd onder zich nemen en houden van staatsgeheime documenten in zijn woning en bagage. De verdachte wordt vrijgesproken van het verstrekken van staatsgeheime informatie aan de Marokkaanse inlichtingendienst DGED en van voorbereidingshandelingen daarvoor, omdat concreet bewijs voor de daadwerkelijke overdracht ontbreekt. De rechtbank oordeelt dat de bewijsdrempel in een spionagezaak niet lager komt te liggen vanwege de moeilijkheid om verstrekking van geheime informatie te bewijzen. De dagvaarding wordt op onderdelen nietig verklaard wegens het ontbreken van een omschrijving van de feitelijke uitvoeringshandelingen bij de ten laste gelegde pogingen tot overdracht. Het staatsgeheime karakter van de concreet benoemde documenten wordt vastgesteld op basis van ambtsberichten van de AIVD en MIVD in samenhang met processen-verbaal van de Landelijk officier van justitie terrorismebestrijding.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verzameling biometrische gegevens in strafrechtelijk onderzoek: HvJ EU stelt strenge eisen in zaak Comdribus

Op 19 maart 2026 wees het Hof van Justitie van de Europese Unie een belangrijk arrest in zaak C-371/24 (Comdribus) over de verzameling van biometrische gegevens in het kader van strafrechtelijk onderzoek. Het arrest verduidelijkt de eisen die het Unierecht stelt aan nationale autoriteiten wanneer zij vingerafdrukken en foto's willen verzamelen van verdachten. De uitspraak raakt het snijvlak van gegevensbescherming en strafrecht en is relevant voor de Nederlandse praktijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^