Trefwoordenfiltering bij digitale gegevensdragers: rechtbank oordeelt dat niet-gedeelde cliëntdocumenten slechts bij concrete onderbouwing onder het verschoningsrecht vallen

Rechtbank Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1071

Deze uitspraak betreft een beklag van twee advocaten over de filtering van mogelijk verschoningsgerechtigde gegevens op de in beslag genomen laptop van hun cliënt. Hun cliënt wordt verdacht van passieve niet-ambtelijke omkoping en het doen van onjuiste aangiften inkomstenbelasting, terwijl hij de advocaten bijstaan in een fiscaal dispuut met de Belastingdienst. De rechter-commissaris laat onder haar regie een trefwoordenfiltering uitvoeren door een geheimhoudersfunctionaris en verricht een steekproef en aanvullende controles. Klagers stellen dat ook door de cliënt opgestelde, nog niet gedeelde documenten onder het verschoningsrecht vallen en mogelijk buiten de zoektermen zijn gebleven. De rechtbank oordeelt dat de gevolgde werkwijze, conform recente rechtspraak van de Hoge Raad, voldoende waarborgen biedt voor het verschoningsrecht. Het beklag wordt ongegrond verklaard omdat klagers hun stellingen over niet-gefilterde vertrouwelijke stukken onvoldoende concreet onderbouwen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering strandt na elf jaar stilstand: officier van justitie niet-ontvankelijk wegens ernstige termijnoverschrijding

Rechtbank Amsterdam 20 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1137

Deze zaak betreft een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde wegens medeplegen van oplichting in de periode 2002–2005. De officier van justitie dient in 2010 een vordering in tot betaling van 59.959,50 aan wederrechtelijk verkregen voordeel. Na toewijzing van een getuigenverzoek in 2010 blijft de zaak ruim elf jaar stil liggen. Bij hervatting in 2026 vordert de officier van justitie zelf niet-ontvankelijkheid wegens ernstige overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank oordeelt dat het extreme tijdsverloop en het uitblijven van essentieel getuigenverhoor een eerlijke behandeling onmogelijk maken. De officier van justitie wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en er wordt geen betalingsverplichting opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bruggenbouw met steekpenningen: omkoping van Sint Maartense minister bestraft

Rechtbank Overijssel 19 februari 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:857, ECLI:NL:RBOVE:2026:858 en ECLI:NL:RBOVE:2026:860

De rechtbank veroordeelt twee vennootschappen en hun bestuurder wegens ambtelijke omkoping bij de aanbesteding van de Simpson Bay Causeway Bridge op Sint Maarten, waarbij via een consultancyconstructie betalingen worden gedaan aan de minister van VROMI. De minister heeft feitelijk beslissende invloed op de gunning en ontvangt via een lokale agent een deel van diens fee, waarvan 83.000 daadwerkelijk contant wordt betaald. De rechtbank oordeelt dat de consultancyovereenkomst slechts dient om de betalingen boekhoudkundig te rechtvaardigen en dat de vennootschappen wetenschap hebben van de doorbetaling aan de minister. De verweren over de betrouwbaarheid van de kroongetuige, het ontbreken van bevoegdheid van de minister en het ontbreken van opzet worden verworpen. De rechtspersonen worden ieder veroordeeld tot een geldboete van 240.000, mede wegens overschrijding van de redelijke termijn gematigd. De bestuurder wordt vrijgesproken van medeplegen maar veroordeeld wegens feitelijke leidinggeven tot een geldboete van 30.000.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Stint-oprichters valt strafrechtelijk niets te verwijten

De bedrijven die de Stint produceerden en hun eigenaren kan strafrechtelijk gezien niet worden verweten dat zij opzettelijk een schadelijk voertuig op de markt hebben gebracht. Dat oordeelt de rechtbank Oost-Brabant. In september 2018 botste een trein met een Stint op een spoorwegovergang in Oss. Vier kinderen kwamen daarbij om, een vijfde kind en de bestuurster van de Stint raakten zwaargewond. Er werd veel onderzoek verricht, maar de oorzaak van het ongeval kon niet worden vastgesteld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onjuiste bestrijdingspraktijk leidt tot straf voor bestuurder orchideeënbedrijf

Rechtbank Amsterdam 6 november 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:10926

De rechtbank Amsterdam veroordeelt een bestuurder van twee orchideeënbedrijven voor feitelijke leiding aan het onjuist gebruik van gewasbeschermingsmiddel Vydate.
Het middel is gemengd met bulgur en over orchideeën gestrooid, in strijd met de gebruiksvoorschriften. De verdachte wist van deze werkwijze en gaf daar actief sturing aan. De rechtbank verwerpt verweren over onduidelijke dagvaarding, gebrek aan opzet en ontbreken van wederrechtelijkheid. Gezien de ernst, maar ook de persoonlijke omstandigheden, legt de rechtbank een voorwaardelijke geldboete van 2.000 euro op. De proeftijd bedraagt twee jaar; bij recidive volgt uitvoering van de boete.

Read More
Print Friendly and PDF ^