OVAR: Vissen in Natura 2000-gebied. Na het plegen van tenlastegelegde feiten is de wetgeving aangepast en was het niet langer strafbaar.

Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2017, ECLI:NL:GHAMS:2018:3637

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de raadsman van de verdachte zich op het standpunt gesteld dat de verdachte moet worden ontslagen van alle rechtsvervolging. De verdachte heeft tenlastegelegde feiten gepleegd in het Natura 2000 gebied ‘Rottum zone 1 Oost’. In dat deel van het gebied mocht toentertijd niet gevist worden door Nederlandse vissers in verband met het VIBEG-akkoord. Duitse vissers mochten hier echter wel vissen op basis van een uitzondering die voortkomt uit het Eems-Dollardverdrag.

Read More
Print Friendly and PDF ^

De feiten die aan de ontnemingsvordering ten grondslag liggen zijn gepleegd vóór 1 juli 2011. Gelet op ontbreken bijzondere overgangsregeling is oude bepaling van van toepassing.

Rechtbank Rotterdam 17 oktober 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:8664

Artikel 36e Sr is bij de inwerkingtreding per 1 juli 2011 van de wet van 31 maart 2011 (Stb 2011, 171), de Wet verruiming mogelijkheden voordeelontneming, aanzienlijk gewijzigd. Bij deze wetswijziging is geen bijzondere overgangsregeling getroffen zodat het normale overgangsrecht van toepassing is zoals dat voortvloeit uit artikel 1 Sr en artikel 1 Wetboek van Strafvordering.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Toewijzing immateriële schade aan benadeelde toezichthouder NVWA wegens erfvredebreuk. Voldaan aan eisen art. 6:106 BW? Aantasting in de persoon?

Hoge Raad 6 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2013

Het middel klaagt over de toewijzing van de vorderingen van benadeelde partijen en over het opleggen van de schadevergoedingsmaatregelen. Het hof heeft ten onrechte geoordeeld dat aan de eisen van artikel 6:106 BW was voldaan. Er kan niet gesproken worden van een "aantasting in zijn persoon". Evenmin is vastgesteld dat verdachte het oogmerk heeft gehad om de benadeelde partijen immateriële schade toe te brengen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Niet ondertekende e-mail kan niet worden aangemerkt als bijzondere volmacht ex art. 450 Sv

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2 november 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:9579

Het hof stelt vast dat het op 27 december 2017 ingekomen e-mailbericht kennelijk bedoeld was als bijzondere volmacht in de zin van artikel 450, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering. Het e-mailbericht – en daarmee de kennelijk als bijzondere volmacht bedoelde verklaring – was (in het geheel) niet ondertekend. Het e-mailbericht bevatte ook geen verwijzing naar een bijlage met een afzonderlijke, ondertekende volmacht. Buiten de termijn voor het instellen van hoger beroep maar binnen de termijn voor het indienen van een appelschriftuur na het (geldig) instellen van hoger beroep is een appelschriftuur binnengekomen die wel door de raadsman is ondertekend.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kernroljurisprudentie: Hoewel de raadsvrouw geen stelbrief heeft verzonden, mocht zij in dit uitzonderlijke geval verwachten dat zij een oproep voor de zitting in eerste aanleg zou ontvangen

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30 augustus 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:8220

Het hof overweegt voorts dat, hoewel de raadsvrouw geen stelbrief heeft verzonden, zij op grond van het contact met griffier kennelijk in de, hoewel onjuiste maar in dit specifieke geval verontschuldigbare, veronderstelling verkeerde dat zij als raadsvrouw wél geregistreerd stond en, een en ander gezien in het licht van de wijziging van het parketnummer, mocht verwachten dat zij een oproep voor de zitting in eerste aanleg zou ontvangen. Dat brengt mee dat - alles afwegende - naar het oordeel van het hof de zaak dient te worden teruggewezen naar de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beslag op voorwerpen ter uitvoering van een Europees onderzoeksbevel. Te hanteren maatstaf bij beoordeling van de vraag of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 19 oktober 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:5984

Het belang van strafvordering verzet zich tegen teruggave indien het veiligstellen van de belangen waarvoor artikel 94 Sv de inbeslagneming toelaat, het voortduren van het beslag nodig maakt. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer de desbetreffende voorwerpen kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen of om wederrechtelijk verkregen voordeel aan te tonen. Voorts verzet het door artikel 94 Sv beschermde belang van strafvordering zich tegen teruggave indien niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, de verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer van het voorwerp zal bevelen, al dan niet naar aanleiding van een afzonderlijke vordering daartoe als bedoeld in artikel 36b, eerste lid onder 4, Sr in verbinding met artikel 552f Sv.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor PGB-fraude door leiding gever stichting die persoonsgebonden budgetten ontving. Verzoek buiten beschouwing laten verklaringen klokkenluiders wordt afgewezen.

Rechtbank Overijssel 5 november 2018, ECLI:NL:RBOVE:2018:4207

Een 56-jarige vrouw uit Paterswolde is voor pgb-fraude veroordeeld tot 12 maanden cel, waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast mag zij 5 jaar lang niet in de zorg werken. Haar 62-jarige echtgenoot is vrijgesproken. Hij had een formele rol als bestuurder van de stichting en uit het dossier blijkt niet dat hij betrokken was bij de pgb-fraude.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: De uitspraak op een vordering tot ontneming van w.v.v. moet de bewijsmiddelen vermelden waaraan de schatting van het w.v.v. is ontleend met weergave van de inhoud daarvan

Hoge Raad 30 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:2009

Ingevolge art. 511e, eerste lid, Sv (in eerste aanleg) en art. 511g, tweede lid, Sv (in hoger beroep) is op de uitspraak op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel art. 359, derde lid, Sv van overeenkomstige toepassing. Dat betekent dat die uitspraak de bewijsmiddelen moet vermelden waaraan de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel is ontleend met weergave van de inhoud daarvan, voor zover bevattende de voor die schatting redengevende feiten en omstandigheden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling overtreding art. 5 BRZO en niet zo spoedig mogelijk (volledig) melden van een ongewoon voorval

Rechtbank Oost-Brabant 6 november 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:5435

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het opzettelijk overtreden van artikel 5 lid 1 Brzo 2015. Verdachte heeft in de onderhavige zaak niet alle maatregelen getroffen die nodig zijn om zware ongevallen te voorkomen en de gevolgen voor de menselijke gezondheid en het milieu te beperken. Als gevolg van de oplopende druk en het (gedeeltelijk) open staan van de bleedafsluiters en het stand-by nemen van de compressor vanaf de perszijde is waterstof ontsnapt, waardoor een explosie en een brand is ontstaan, waarbij een leiding(straat) werd aangestraald waardoor de brand had kunnen escaleren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onderzoek Chryseis: Telefonische acquisitiefraude

Rechtbank Noord-Nederland 19 oktober 2018, ECLI:NL:RBNNE:2018:4337

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van munitie en het aangelegd aanwezig hebben van een jammer. Een jammer is gebouwd en ontworpen om GSM- en GPS-signalen te verstoren en wordt in het criminele circuit gebruikt om buiten het zicht van de politie te kunnen manoeuvreren.

Read More
Print Friendly and PDF ^