Falende bewijsklacht ‘afkomstig uit enig misdrijf’

Hoge Raad 27 juni, ECLI:NL:HR:2017:1157

De verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden wegens medeplegen van witwassen. Het startpunt in de onderhavige zaak ligt in een MOT-melding van de bank, waarop een bedrag van € 400.000 in contanten werd gestort. De hiervoor door de (latere) verdachte gegeven verklaring dat hij ruim 470.000 EUR in Duitsland had gewonnen in de loterij bleek niet op waarheid te berusten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: Geen afgeleid verschoningsrecht m.b.t. stukken die door cliënten rechtsreeks (zonder tussenkomst van raadslieden) aan deskundige ter hand zijn gesteld

Hoge Raad 20 juni 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZD0074 (gepubliceerd op 21 juni 2017)

De Rechtbank heeft feitelijk en niet onbegrijpelijk vastgesteld dat de stukken, alvorens zij bij mr. B. waren aangetroffen, aan de raadslieden niet als geheim waren toevertrouwd. Uitgaande van die vaststelling heeft de Rechtbank terecht geoordeeld dat deze stukken niet object van verschoningsrecht van de raadslieden waren, en mitsdien het beroep op het afgeleide verschoningsrecht van mr. B. met betrekking tot die stukken terecht ongegrond verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Voortgezette handeling valsheid in geschrift & oplichting?

Hoge Raad 4 december 1990, ECLI:NL:HR:1990:ZC8648

Aangevoerd wordt dat het Hof ten onrechte en op onjuiste gronden heeft verworpen het namens verdachte gevoerde verweer, dat beide feiten als eén voortgezette handeling in de zin van art. 56 Sr zouden moeten worden beschouwd: Het Hof heeft deze stelling namelijk slechts afgewezen met een beroep op het tijdsverschil tussen beide feiten, maar dit is volgens het in middel onder a gestelde onvoldoende.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: bij gelijktijdigheid gedragingen, wezenlijke samenhang in handelen en schuld van verdachte valt niet uit te sluiten dat geen vervolging van zowel art. 140 Sr als art. 225 Sr kan plaatsvinden

Hoge Raad 26 november 1996, ECLI:NL:HR:1996:ZD0583 (gepubliceerd op 28 juni 2017)

Ook al is de strekking van art. 140 Sr een andere dan die van art. 225 Sr, het valt niet uit te sluiten dat met betrekking tot in opeenvolgende telasteleggingen omschreven feiten, strafbaar ingevolge art. 140 Sr onderscheidenlijk art. 225 Sr, sprake is van omstandigheden waaruit blijkt van een zodanig verband met betrekking tot de gelijktijdigheid van de gedragingen en de wezenlijke samenhang in het handelen en de schuld van de verdachte, dat ook dan beginselen van een behoorlijke procesorde zich ertegen verzetten dat tegen degene die ter zake van art. 140 Sr is of wordt vervolgd, vervolgens ook ter zake van feiten strafbaar ingevolge art. 225 Sr een vervolging wordt ingesteld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beklag tegen onder algemeen directeur in beslag genomen omzet van horecabedrijf wegens verdenking richting directeur. Gescheiden vermogen?

Hoge Raad 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1126

Betrokkene 1 / beslagene wordt verdacht van verduistering van toegekende subsidiegelden envalsheid in geschrifte. In het kader van deze verdenking vond op 19 augustus 2014 de doorzoeking plaats in de woning van beslagene. Daarbij is een bedrag aan contant geld aangetroffen en in beslag genomen. Tijdens de inbeslagname werd door beslagene tegenover de opsporingsambtenaren verklaard dat het aangetroffen geldbedrag omzet van zijn horecabedrijf, A, betrof. A klaagt over het beslag.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijwillig afstand van aanwezigheidsrecht? HR verduidelijkt: vermoeden vrijwillig afstand gedaan van aanwezigheidsrecht & mogelijkheid achteraf vaststellen dat aan aanwezigheidsrecht tekort is gedaan

Hoge Raad 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1128

Uit het in cassatie overgelegde mutatierapport van de politie moet worden afgeleid dat verdachte zeer kort voor de aanvang van de tz. door de politie is "meegenomen" en ingesloten op het politiebureau, welke insluiting voortduurde t.t.v. de behandeling van de zaak door het Hof, terwijl verdachte aan de politie heeft meegedeeld "dat hij om 11.40 uur een zitting had". Dit brengt met zich dat achteraf moet worden vastgesteld dat aan het recht van verdachte om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht, is tekortgedaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Overzichtsarrest eendaadse samenloop & voortgezette handeling: zorg dubbele bestraffing als gevolg van o.a. witwaswetgeving

Hoge Raad 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1111

Art. 55, eerste lid, en art. 56 Sr komen in recente rechtspraak van de Hoge Raad zelden aan de orde. Daarbij speelt een belangrijke rol dat hierop betrekking hebbende klachten doorgaans van onvoldoende belang zijn om cassatie te rechtvaardigen omdat de opgelegde straf ver onder het strafmaximum ligt dat zou gelden als met de steller van het middel van eendaadse samenloop of voortgezette handeling zou worden uitgegaan. Het thema kan echter in feitelijke aanleg wel van belang zijn. Ook in het verband van de bestuurlijke boete kan de eendaadse samenloop een rol spelen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR laat toegewezen vordering benadeelde partij, met vergoeding materiële schade door studievertraging, in stand. AG contrair.

Hoge Raad 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1123

Het middel klaagt dat het Hof, in het licht van het ter terechtzitting gevoerde verweer, de vordering van de benadeelde partij wat betreft de materiële schade van €20.947,96 als gevolg van een jaar studievertraging ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd heeft toegewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bijstandsfraude: Hoe vindt door HR ontwikkelde toetsingskader voor bewijs van medeplegen toepassing bij een omissie- en kwaliteitsdelict?

Hoge Raad 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1129

De vraag rijst hoe het in de rechtspraak van de Hoge Raad ontwikkelde toetsingskader voor het bewijs van medeplegen toepassing vindt bij een omissie- en kwaliteitsdelict als het onderhavige. In de voorliggende zaak gaat het om het opzettelijk nalaten tijdig de benodigde gegevens te verstrekken waartoe de tot de belanghebbende gerichte inlichtingenplicht van art. 17 van de Wet Werk en bijstand zich uitstrekt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Enkele omstandigheid dat op ordnerrug ‘geheimhouderstukken’ is geschreven + stelling dat de stukken van een notaris afkomstig zijn, brengt niet mee dat het gaat om geheimhouderstukken

Hoge Raad 13 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1070

In de onderhavige zaak zijn op 10 februari 2015 in het kader van de uitvoering van een Duits rechtshulpverzoek - waarin de klager, een ondernemer, als één van de verdachten wordt aangemerkt ter zake van het ontduiken van omzetbelasting in het jaar 2011 - op het woonadres van de klager een aantal voorwerpen inbeslaggenomen (op grond van art. 552n Sv), waaronder twee registermappen en twee ordners met als opschrift ‘geheimhouderstukken’.

Read More
Print Friendly and PDF ^