Hogere gevangenisstraffen voor beleggingsfraude Centurion

Twee mannen die leiding gaven aan Centurion Vastgoed B.V. zijn voor het plegen van grootschalige beleggingsfraude door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op woensdag 12 juni 2019 in hoger beroep veroordeeld tot celstraffen van 6 en 5 jaar. De beide mannen zijn veroordeeld voor oplichting, bedrieglijke bankbreuk en valsheid in geschrift. Daarnaast zijn zij schuldig aan witwassen. Een derde leidinggevende van het bedrijf werd al eerder door het hof veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk wegens schending una-via beginsel; Opgelegde verzuimboetes staan strafrechtelijke vervolging in de weg voor het niet doen van aangifte omzetbelasting

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 juni 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:2120

Het niet voldoen van de (materieel wel verschuldigde) omzetbelasting en het niet indienen van de aangifte omzetbelasting staan zodanig met elkaar in verband dat met betrekking tot de gelijktijdigheid van de gedragingen van de verdachte en met betrekking tot de wezenlijke samenhang in handelen en schuld, er sprake is van hetzelfde feit. Nu naar het oordeel van het hof sprake is van hetzelfde feit en ter zake daarvan reeds bestuurlijke boetes ex artikel 67c van de AWR en ex artikel 67b van de AWR zijn opgelegd, heeft dit dezelfde rechtsgevolgen als een kennisgeving van niet verdere vervolging (artikel 243 Wetboek van Strafvordering).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Profijtontneming & Oud recht

Gerechtshof Amsterdam 22 maart 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:967

In de onderhavige zaak is geen strafrechtelijk financieel onderzoek ingesteld. Dit brengt met zich dat ontneming in deze zaak slechts mogelijk is op de grondslag van het bepaalde in artikel 36e, tweede lid (oud), Sr, dat wil zeggen: ten aanzien van voordeel verkregen door middel van of uit de baten van de in de hoofdzaak bewezen verklaarde feiten, soortgelijke feiten of feiten waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd, indien er voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Overtreding Wet milieubeheer; verwerping verweer dat geen sprake is geweest van inzamelen

Gerechtshof Amsterdam 28 november 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:4941

De verdachte heeft zich in een periode van drie maanden tweemaal schuldig gemaakt aan overtreding van milieuwetgeving, door oud ijzer en andere afvalstoffen in te zamelen zonder vermelding op een lijst van erkende inzamelaars.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijzing ontnemingsvordering, geen sprake van relatieve illegaliteit

Gerechtshof Den Haag 7 juni 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:1434

Anders dan de rechtbank heeft overwogen, is het hof van oordeel dat niet kan worden aangenomen dat in dit geval sprake is geweest van zogenaamde relatieve illegaliteit. Uit de door het Openbaar Ministerie in het requisitoir in hoger beroep aangehaalde uitspraken van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State is het hof gebleken dat gedurende de in de strafzaak bewezenverklaarde periode en ook nog daarna geen concreet uitzicht heeft bestaan op legalisatie van de toen bestaande situatie.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor overtreding Arbeidsomstandighedenwet, verwerping OVAR-verweer

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 mei 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:4493

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het nemen van onvoldoende maatregelen om zware ongevallen te voorkomen. Als gevolg daarvan is een ongeluk ontstaan waarbij slachtoffer, die bij verdachte aan het werk was, ernstig gewond is geraakt. Slachtoffer heeft blijvende schade overgehouden aan dit ongeluk. Met voornoemd handelen is verdachte tekortgeschoten in de op haar rustende zorgplicht ter bescherming van de gezondheid en het welzijn van de personen die bij haar aan het werk waren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak notaris van het onjuist opmaken van authentieke akten, valsheid in geschrifte en witwassen

Gerechtshof Amsterdam 20 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:606

De verdachte vond dat hij destijds een uitleg heeft gekregen van partijen die acceptabel was. Hij heeft steeds te goeder trouw gehandeld en wist niet dat de medeverdachte een schijnconstructie had opgezet met het doel belasting te ontduiken. Voor het overige heeft hij verklaard weinig of geen herinnering meer te hebben aan de beschreven gang van zaken. Hij denkt dat hij daarbij aantekeningen heeft gemaakt, maar dat hij daarvan niets heeft vastgelegd in een dossier.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitgebreide overweging ten aanzien van verweer dat BP auto zou kunnen opeisen dan wel dat de waarde moeilijk te bepalen is

Gerechtshof Amsterdam 28 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:617

De raadsman heeft primair bepleit dat de vordering moet worden afgewezen, omdat de benadeelde partij mogelijk zijn auto kan opeisen en daarom geen schade heeft geleden. Subsidiair kan de waarde van de auto niet bepaald worden, omdat het een auto betrof die vanuit het buitenland is ingevoerd en de waarde van zo’n auto moeilijk te bepalen is. Daarom is de behandeling van de vordering een onevenredige belasting voor het strafgeding en is de benadeelde partij niet-ontvankelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak oplichting: Hof heeft niet de overtuiging dat de verdachte opzettelijk behulpzaam is geweest door haar rekening ter beschikking te stellen

Gerechtshof Amsterdam 12 december 2019, ECLI:NL:GHAMS:2018:5048

Anders dan de advocaat-generaal heeft het hof op basis van het procesdossier en het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep niet de overtuiging bekomen dat de verdachte opzettelijk behulpzaam is geweest door haar rekening ter beschikking te stellen, temeer nu zij aangever al een tijdje kende en hij een goede vriend van haar was. Het hof overweegt hiertoe dat veeleer moet worden aangenomen dat misbruik is gemaakt van de (uit het dossier naar voren komende) naïviteit van de verdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Belastingfraude: onrechtmatige start strafrechtelijk onderzoek?

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 27 januari 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:727

De kern van het verweer is dat er sprake is van een onrechtmatige start van het strafrechtelijk onderzoek tegen verdachte. Uit stelselmatig onderzoek door de speciale eenheid Taakaccent is het bedrijf BV verdachte naar voren gekomen als zijnde een bedrijf dat zich mogelijk bezig hield met strafrechtelijk fraude en was op dat moment sprake van een redelijk vermoeden van schuld. In plaats van op dat moment het Wetboek van Strafvordering in acht te nemen bij de toepassing van dwangmiddelen, is ervoor gekozen een belastingambtenaar van de Belastingdienst, de heer belastingambtenaar, naar verdachte te sturen.

Read More
Print Friendly and PDF ^