Drie aanhoudingen bij onderzoek naar grootschalige BPM-fraude

De FIOD heeft op 20 april 2026 in een strafrechtelijk onderzoek naar belastingfraude drie mannen aangehouden van 31, 30 en 27 jaar uit Cuijk, Amsterdam en Bodegraven. Zij worden verdacht van het opzettelijk indienen van onjuiste aangiften voor de belasting op personenauto’s en motorrijwielen (BPM) en valsheid in geschrifte. Ook zijn vier woningen en vier kantoren doorzocht in Amsterdam, Bodegraven, Cuijk en Rotterdam. Daarbij zijn fysieke en digitale administratie, digitale gegevensdragers en twee personenauto’s in beslag genomen.

De aanhoudingen en doorzoekingen van 20 april 2026 sluiten aan op een eerdere actie op 11 december 2025. Die actie bracht een samenhangend patroon van fraude aan het licht binnen verschillende ondernemingen en vormde de aanleiding voor het verdere onderzoek. De actuele acties richten zich deels op nieuwe verdachten, maar hebben betrekking op dezelfde strafbare feiten.

Het onderzoek richt zich op het structureel indienen van onjuiste BPM‑aangiften, waarbij vermoedelijk gebruik is gemaakt van vervalste taxatierapporten en inkoopverklaringen. In deze documenten zouden voertuigen ten onrechte als beschadigd zijn aangemerkt, waardoor een lagere waarde werd opgevoerd en aanzienlijk minder BPM werd afgedragen.

Uit onderzoek volgt dat bij een groot aantal voertuigen geen of nauwelijks schade aanwezig was. De voertuigen werden veelal ingekocht in andere lidstaten van de Europese Unie en vervolgens in Nederland verkocht. Voor diverse ondernemingen werden identieke of vrijwel identieke aangiften ingediend. Daarnaast bestaat het vermoeden dat één persoon feitelijk leiding gaf aan meerdere ondernemingen, zonder formeel als bestuurder geregistreerd te staan, en daarbij een bepalende rol had in financiële en operationele besluitvorming.

De vermoedelijke fiscale schade bedraagt circa € 7 miljoen en heeft betrekking op naar schatting meer dan 1000 BPM‑aangiften.

Het onderzoek staat onder leiding van het Functioneel Parket en loopt nog.

Bron: FIOD

Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad: leerplichtvrijstelling openbaar onderwijs alleen in uitzonderlijke gevallen

De Hoge Raad scherpt in zijn arresten van 21 april 2026 (ECLI:NL:HR:2026:658 en ECLI:NL:HR:2026:659) het toetsingskader voor de leerplichtvrijstelling van artikel 5, aanhef en onder b, Leerplichtwet 1969 aan. Voor openbaar onderwijs kan een beroep op de vrijstellingsgrond wegens overwegende bedenkingen nog slechts in uitzonderlijke gevallen slagen. Alleen wanneer concreet komt vast te staan dat het godsdienstige, levensbeschouwelijke of maatschappelijke onderwijs op alle openbare scholen binnen redelijke afstand niet plaatsvindt op een objectieve, kritische en pluralistische manier, kan vrijstelling worden verleend. Met dit arrest wordt de eerdere rechtspraak (HR:2017:3111) over bedenkingen tegen het ontbreken van een levensbeschouwelijke richting bijgesteld. De Hoge Raad benadrukt dat van de overheid actief optreden wordt verlangd om de Leerplichtwet te handhaven, zo nodig via het strafrecht, ter waarborging van het door artikel 2 Eerste Protocol EVRM beschermde recht op onderwijs van het kind.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitkeringsfraude: hof acht gevangenisstraf passend maar legt taakstraf op wegens forse overschrijding redelijke termijn in beide instanties

Gerechtshof Amsterdam 31 maart 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:880

Het gerechtshof Amsterdam bevestigt in hoger beroep de veroordeling van een vrouw voor uitkeringsfraude, bestaande uit het opzettelijk niet melden van werkzaamheden aan het UWV. De verdachte is in eerste aanleg door de rechtbank Noord-Holland veroordeeld en heeft onbeperkt hoger beroep ingesteld, maar wordt niet-ontvankelijk verklaard voor zover dat is gericht tegen de vrijspraak van het WIA-feit. Het hof acht in beginsel een gevangenisstraf passend, maar legt een taakstraf van 150 uren op vanwege de forse overschrijding van de redelijke termijn met ruim 25 maanden in eerste aanleg en ruim twaalf maanden in hoger beroep. De opgelegde straf is hoger dan de 140 uren die de advocaat-generaal vordert, en het verzoek van de verdediging om een deels voorwaardelijke taakstraf wordt afgewezen. De zaak illustreert hoe een aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn in beide instanties kan leiden tot matiging van een in beginsel passende gevangenisstraf naar een taakstraf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Herbenoeming voorzitter College van procureurs-generaal

De ministerraad heeft op voordracht van minister Van Weel van Justitie en Veiligheid ingestemd met de herbenoeming van prof. dr. mr. M. (Rinus) Otte voor een tweede termijn als voorzitter van het College van procureurs-generaal. De tweede termijn zal ingaan op 1 juni 2026 en ten einde lopen op 1 juni 2028.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Tankpasfraude bij Defensie: skimmer veroordeeld tot ruim tien maanden gevangenisstraf voor stelselmatige diefstal met valselijk opgemaakte tankpassen

Rechtbank Den Haag 2 april 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:7614

De rechtbank Den Haag veroordeelt een man voor het stelen van een tankpas van het Ministerie van Defensie, het skimmen en valselijk opmaken van meerdere tankpassen, diefstal van brandstof ter waarde van ruim 13.000 euro door middel van een valse sleutel, en het voorhanden hebben van skimapparatuur. De verdachte stal een tankpas uit de tas van zijn toenmalige schoonzoon, die werkzaam was bij de Koninklijke Marechaussee, en kopieerde vervolgens met behulp van een NFC reader/writer de magneetstripgegevens naar valse passen. Met deze geskimde tankpassen tankte hij stelselmatig bij onbemande tankstations, terwijl het Ministerie van Defensie de kosten droeg. De rechtbank rekent de verdachte het gemak aan waarmee hij overging tot benadeling van een overheidsorganisatie die is belast met de bescherming en verdediging van Nederland. Het medeplegen wordt bij alle feiten niet bewezen verklaard wegens onvoldoende aanknopingspunten in het dossier.

Read More
Print Friendly and PDF ^